De belastingvrijstelling bij het schenken en erven van familiebedrijven is vanuit de overheidsfinanciën gezien weggegooid geld, stelt het Centraal Planbureau (CPB) in een recent verschenen rapport. Versobering of zelfs afschaffing van de ‘riante’ BOR-regeling is niet ondenkbaar, stelt fiscalist Arjan Hoogerbrugge. “Het is niet zeker of de aanbevelingen in het rapport één op één zullen worden overgenomen, maar de stellige verwachting is wel dat we met Prinsjesdag hier iets van terug gaan zien in het belastingplan.”

De huidige bedrijfsopvolgingsregeling (BOR) is volgens Arjan Hoogerbrugge van Flynth ‘riant’ om twee redenen: ten eerste omdat de inkomstenbelastingclaim op ondernemingsvermogen van een BV, vof of eenmanszaak wordt doorgeschoven van ondernemer naar opvolger, in fiscale termen de doorschuifregeling. Dat levert de opvolger vooral een financieringsvoordeel op. Ten tweede is ondernemingsvermogen in de schenkbelasting bij leven of de erfbelasting bij overlijden altijd vrijgesteld tot een maximum van 1,1 miljoen euro. Het meerdere is vrijgesteld voor 83%, mits aan de voorwaarden voor bezit en voortzetting van de onderneming is voldaan. Vooral familiebedrijven maken gebruik van de BOR. “Maak je daar gebruik van dan betaal je voor de overdracht gemiddeld 2% belasting. Stel dat je een onderneming hebt die 5 ton waard is dan gaat die gewoon voor 0% over naar de opvolger. Zou je die faciliteit niet hebben dan zou de overdrager de inkomstenbelasting moeten afrekenen en de opvolger de volledige schenkbelasting. Dan kom je uit op een tarief van meer dan 40%. Een gigantisch verschil, en daar wringt het volgens het CPB.”

Forse aanslag op leen- en investeringscapaciteit

Het CPB stelt dat in driekwart van de gevallen, in de periode 2010-2017, genoeg vrij te besteden privévermogen bij familiebedrijven beschikbaar was om deze belastingen te kunnen betalen. Bij de overige 25% – vooral grotere familiebedrijven – was dat niet zo, maar het Planbureau stelt dat een betalingsregeling voldoende soelaas had geboden. Hoogerbrugge: “Dat zou best kunnen, maar het betekent wel dat er geld aan de onderneming onttrokken moet worden. Op dit moment ben ik bezig met een klant, waarbij het gaat om een overdracht van tientallen miljoenen. Dan gaat het om miljoenen aan belasting die opgebracht zou moeten worden. De bank financiert dat niet, omdat zij geen belastingaanslagen financiert. Het gaat dus rechtstreeks ten koste van je leencapaciteit of investeringscapaciteit. Dat gaat mijns inziens wel wringen.”
Een versobering of afschaffing van de BOR betekent ook een nadeel voor internationaal opererende familiebedrijven, zegt de fiscalist. “In de ons omringende landen kennen ze ook opvolgingsregelingen die vaak royaler zijn dan in Nederland.  Ga je die hier versoberen of afschaffen dan creëer je ook een concurrentienadeel.”
MKB-voorzitter Jacco Vonhof benadrukte onlangs het belang van de BOR nog in het FD. “Sommige vermogensbestanddelen zouden er niet onder moeten vallen”, zei Vonhof. “Maar afschaffen? Dan eindigen al die familiebedrijven bij private equity. Een hele set pareltjes zó voor de zwijnen.”

Oneigenlijk gebruik

In de ogen van de Belastingdienst wordt de regeling vaak oneigenlijk gebruikt, vervolgt Hoogerbrugge. “Het gebruik van de BOR-regeling is laagdrempelig. Fiscalisten maken daar gebruik van. Er worden relatief beperkte eisen gesteld aan de opvolger. Doordat de regeling zo riant is, zijn er ook bedrijfsopvolgingen geweest die eigenlijk alleen fiscaal gestuurd waren. Simpel gezegd: als je een miljoen van je vader krijgt overgemaakt kost dat 40% of meer belasting. Als je het in de vorm van aandelen krijgt en je blijft minimaal vijf jaar als opvolger zitten en je verkoopt vervolgens het bedrijf, dan heb je het vermogen tegen 2% gekregen.”
Van de fiscalist mogen de eisen daarom wat strenger worden: “Naar mijn smaak zou je eerst moeten kijken of je het gebruik van de BOR wat moeilijker kunt maken, zodat je voor de echte opvolgingen meer ruimte overhoudt. Door zwaardere eisen te stellen aan het ondernemerschap. Als iemand een echte opvolger is maakt het ook niet uit als de eisen wat strenger zijn.”

Grote kans op ingrijpende wijziging

Wat het kabinet met de aanbevelingen van het CPB-rapport gaat doen is nog onduidelijk. “De stellige verwachting is wel dat we met Prinsjesdag hier iets van terug gaan zien in het belastingplan. Of de aanbevelingen in het rapport 1-op-1 overgenomen gaan worden weten we niet. Wat zou kunnen: als een regeling ingrijpend wordt gewijzigd, dat zo’n wijziging direct met Prinsjesdag ingaat. Dat gebeurt in de praktijk niet vaak, maar in theorie zou het kunnen. Ik acht de kans op een wijziging van de BOR-regeling in ieder geval heel groot.” Zeker is dat het kabinet op dit moment op zoek is naar geld.
Zijn advies, tot slot: “Heb je plannen voor bedrijfsovername, dit jaar of volgend jaar, wacht daar dan niet te lang mee. Als het van een vrijstellingsregeling een uitstellingsregeling wordt, dan is het jammer als je het voordeel had kunnen benutten. Als je er klaar voor bent: haal het naar voren, en start bij wijze van spreken voor Prinsjesdag nog.”

Tekst: Mario Bentvelsen