Teeltadvies snijanthurium Teeltadvies snijanthurium:

Achterstallig gewasonderhoud geeft moeilijk werkbare gewassen

Op veel sierteeltbedrijven staat gewasonderhoud niet bovenaan de prioriteitenlijst bij de arbeidsplanning. Natuurlijk, jong blad breken of halveren is een wekelijkse of tweewekelijkse noodzaak, maar zaken als gewassen uitdunnen, stek verwijderen, gewassen richting geven enzovoort worden vaak opgespaard voor de 'loze uurtjes’. Echter op veel glastuinbouwbedrijven is de arbeidsbezetting dusdanig dat er nog maar weinig loze uurtjes zijn.

Op diverse bedrijven ontstaan dan ook flinke achterstanden bij het gewasonderhoud, met als gevolg volle, moeilijk werkbare gewassen en gewassen die op het verkeerde tijdstip omvallen. Achterstallig gewasonderhoud kost daarom productie en uiteindelijk zelfs aanzienlijk meer arbeid. Het is dus zaak om ook alle gewasonderhoud tijdig in te plannen en uit te voeren op het tijdstip dat het nodig is.
Anthuriumgewassen gaan vele jaren mee en dus is een goede gewasopbouw belangrijk voor een goede productie. Het is belangrijk om de gewassen in de eerste twee jaren op het juiste aantal koppen te zetten. Veel stek en zijscheuten leveren in eerste instantie weliswaar dikwijls een hogere productie op, echter binnen enkele jaren vallen de productie en bloemmaat sterk terug en neemt de arbeidsbehoefte flink toe. Bij dergelijke volle gewassen wordt de meerproductie doorgaans met name in de zomermaanden gesneden (met lage prijzen), terwijl de winter/voorjaars-productie (met hogere prijzen) doorgaans flink achter blijft. Door het aantal koppen niet te hoog te laten worden, komt de totale productie misschien wel iets lager uit, het rendement is echter veel beter.
Uiteraard hangt het juiste aantal koppen sterk af van de geteelde cultivar. Bij Midori zijn zeker 30-32 koppen/bruto m2 nodig voor een goede productie, bij andere soorten zijn 20-22 koppen/bruto m2 voldoende.

Anthuriumgewassen kunnen snel strekken. Verschillende soorten maken in winter en voorjaar internodiën van 15-20 cm. Bij 5 tot 6 bladeren per jaar per plant, spreken we dan ook al snel over 50-70 cm strekkingsgroei per jaar. Om de gewassen niet te hoog te laten worden – en omdat gewassen die topzwaar zijn vooral in de winter gaan vallen – is het dus zaak om de gewassen op tijd richting te geven. Vaak wordt in het voorjaar hoopvol gesteld dat dit gewas nog wel een jaar blijft staan. Dat is beslist niet het geval! Deze gewassen beginnen in het najaar of de winter met zakken met als gevolg productieverlies en kromme stelen op het moment dat de bloemen goed worden betaald.

Het advies is dan ook: geef het gewas al richting voordat het zelf nog maar neigt om te vallen. Door om de twee meter touwtjes overdwars in de bedden te spannen – en deze om de paar weken circa 10 cm op te schuiven – wordt het gewas geleidelijk in de gewenste richting geleid. Hierdoor treedt nauwelijks productieverlies op. Bij het ineens plantleggen van een gewas is het productieverlies al snel circa 15 bloemen/m2. Tevens is het mogelijk om zelf het moment en de richting te bepalen waarin het gewas moet zakken, in plaats van dat het gewas op het verkeerde moment naar de verkeerde kant omzakt.
Zoals met vele zaken is het ook met gewasonderhoud: de kosten gaan voor de baat uit.

Gert Benders
Tuinbouwadviesbureau Van der Ende