Koen Zuurbier Koen Zuurbier promoveert op ondergrondse wateropslag

'Betere terugwinning zoet water uit ondergrondse wateropslag'

In januari 2014 publiceerde Onder Glas een artikel over het onderzoek van geohydroloog Koen Zuurbier bij KWR Watercycle Research Institute naar een bredere toepassing van de opslag van zoet water in de ondergrond. Hij bekeek de mogelijkheden van ondergrondse waterberging bij een Nootdorps orchideeënbedrijf en een cluster van tomatenbedrijven in ‘s-Gravenzande. Op 10 mei promoveerde hij aan de TU Delft op de studie 'Increasing freshwater recovery upon aquifer storage'.

“Twee jaar geleden bleek al dat er nog winst te behalen was in de manier van vullen en benutten van de ondergrondse zoet waterbel. De techniek wordt daardoor toepasbaar in gebieden met brak grondwater, waar dit voorheen niet mogelijk was”, blikt Zuurbier terug. De afgelopen jaren ontwikkelde hij de 'Freshmaker' bij een fruitteeltbedrijf in het Zeeuwse Ovezande: een methode om in een zoute ondergrond tóch zoet water op te kunnen slaan.
In Ovezande is het oppervlaktewater 's winters zoet en 's zomers zout. Om het zoete oppervlaktewater ook 's zomers te kunnen gebruiken als gietwater, infiltreerde hij het via een horizontaal geboorde put. “Met een tweede, diepere horizontale put pompten we zout water weg om een flinke zoet water bel op te bouwen en te beschermen. De ondiepe put pompte in de zomer zoet water op.”

Daarnaast paste hij in ’s Gravenzande voor het eerst de ‘zoethouder’ (Freshkeeper) toe: het beschermen van de zoete bel tegen dieper brak water. “Brak water drukt langzaam de zoete bel omhoog. Door het onttrekken van dit brakke water, ga je dit tegen.”
In Nootdorp kreeg hij de chemische ontwikkeling van het regenwater tijdens ondergronds verblijf beter in de vingers. Het gaat behalve de EC ook om de samenstelling. Teveel natrium, ijzer en mangaan kunnen problemen opleveren.”

Volgens Zuurbier bieden de nieuwe inzichten kansen voor extra wateropslag, met name op het gebied van ruimtebesparing. “Er zijn steeds grotere bassins nodig om droge periodes te overbruggen. Door het maximaal opvangen van regenwater en vervolgens de immense capaciteit van de ondergrond te benutten voor opslag is dit niet nodig. Daarnaast kan met een combinatie van hemelwaterinfiltratie en omgekeerde osmose een duurzame en betrouwbare gietwatervoorziening worden gerealiseerd.”
Zuurbier gaat zeker verder met zijn onderzoek bij KWR. Zuurbier: “Naast kansen zijn er nog barrières. Niet overal gaat de toepassing en regulering van ondergrondse waterberging van een leien dakje. Denk bijvoorbeeld aan (put)verstopping en aansturing van het systeem. De laatste jaren hebben we echter laten zien dat je met gedegen en uitgebreid onderzoek de oplossingen op tafel kunt krijgen. De uitdaging is om niet te stoppen bij leuke proeven, maar implementatie op grote schaal te realiseren, zoals in Dinteloord en Waddinxveen.”

Marleen Arkesteijn