Het eerste Nationaal Horti Symposium tijdens de vakbeurs HortiContact in Gorinchem kan een succes genoemd worden. Het werd geen ‘roast’ van critici als Klaas Knot en Frans Timmermans, eerder zelfreflectie op hoog niveau met een discussie over de vraag: waarom de wereldwijd geprezen glastuinbouwsector bij politiek Den Haag ineens in het verdomhoekje staat. “Dit gaat over het bestaansrecht van een van onze kroonjuwelen”, zei burgemeester Bouke Arends.

Het Nationaal Horti Symposium vond gelijktijdig plaats met de uitreiking van de Tuinbouw Ondernemersprijs elders in het land. Enkele sprekers waarop was gehoopt vonden het thema net iets te spannend en trokken zich terug uit het sprekersveld. Het mocht de pret niet drukken, al was er natuurlijk volop reden tot bezorgdheid. De woorden van Klaas Knot (De Nederlandsche Bank) en Frans Timmermans (partijleider GroenLinks-PvdA) vielen afgelopen weken rauw op het dak van de sector.
Dagvoorzitter Dick Veerman van Foodlog herhaalde als kick-off een uitspraak van de bankier: “Die tuinbouw, daar moeten we maar eens mee ophouden.”
Vijf sprekers mochten daarop reageren: Bouke Arends (burgemeester gemeente Westland), Puck van Holsteijn (directeur World Horti Center), Remco de Boer (publicist, energie-expert), André Hoogendijk (directeur BO akkerbouw) en Tiffany Tsui (Springtide Strategy).

Wij-zij denken

Volgens de PvdA-er Arends heeft 150 jaar tuinbouw in Nederland geresulteerd in een uiterst efficiënte sector. “Is het eerste Nationaal Horti Symposium tevens het laatste, staat de tuinbouw bij het grofvuil?” vroeg hij zich onder meer af. Ook verbaast hij zich over het dedain waarmee over onze topsector wordt gesproken. Hij noemde de jaarlijkse bijdrage van 24 miljard euro aan ons nationaal inkomen belangrijk, maar prees de sector vooral vanwege zijn bijdrage aan de voedselzekerheid, waar ook ter wereld.
“Van alle glazen kassen en tuinbouwtechniek komt 80 procent uit Nederland. Wij bieden voedselzekerheid, maken lokale productie overal in de wereld mogelijk en bieden toegang tot betaalbaar en kwalitatief hoogwaardig voedsel. Delegaties uit de hele wereld komen naar het Westland en zijn verbaasd over de mogelijkheden. Waarom zijn zij wel verbaasd en Den Haag niet? Steeds meer landen werken sinds corona en de oorlog in Oekraïne aan een stevige voedselstrategie met Nederland als gidsland. De negativiteit van de politiek is niet op feiten gebaseerd.”

Commissie Roemer

Het beeld dat wordt neergezet is dat de lasten van de sector – met name op het gebied van arbeid, energie en waterkwaliteit – worden afgewend op de maatschappij en de lusten voor enkele ondernemers zijn. Daarom waarschuwde hij voor wij-zij denken. “Wij kunnen niet zonder arbeidsmigranten, maar dat geldt ook voor de Rotterdamse Haven, Schiphol, de logistiek en de bouw bijvoorbeeld. Er is dringend behoefte aan heldere wetgeving met betrekking tot arbeidsmigranten. Voer nu eindelijk eens de aanbevelingen van de commissie Roemer uit. Verder moet de hele sector zich inspannen voor betere leefomstandigheden. Voor misstanden geldt zero tolerance. Maar laten we niet het kind met het badwater weggooien. Haal één schakel weg en de hele keten valt in duigen. We hebben de modernste en meest innovatieve glastuinbouwsector in de wereld.”

Wil de politiek ons nog wel?

Puck van Holsteijn sloot zich aan bij de woorden van Arends, en vertelde wie naar het World Horti Center in Naaldwijk komen en waarom. “We krijgen heel divers bezoek, uit de hele wereld, van overheid en bedrijfsleven, investeerders en studenten, om te leren van het Westen. Ze zien ons als koploper, komen hier kennis en inspiratie halen en zoeken talent. In Den Haag ziet men het niet of wil men het niet zien. Men doet aan verdraaide beeldvorming, we worden negatief geframed, dat heeft mij wel verbaasd. Er zijn ook bedrijven met goede huisvesting en hotels voor arbeidsmigranten. Verder wordt er volop in robots geïnvesteerd. Daar mogen we trots op zijn.”

Is er genoeg energie?

Remco de Boer kreeg van dagvoorzitter Veerman de vraag voorgelegd of er genoeg energie is voor het Westland om groenteboer te blijven. Na de Val van de muur in Berlijn, de daaropvolgende globalisering, het sluiten van de gaskraan in Groningen en import van goedkope energie uit Rusland gingen we steeds meer aan klimaatverandering doen, memoreerde hij. “Europa stoot nu 30 procent minder CO2 uit dan in 1990, Nederland ook. Nederland zit nu op 70 procent fossiele energie, de wereld op 80 procent. We zijn goed bezig. Tegelijkertijd is Europa steeds afhankelijker geworden van de import van energie. We zijn nu 30 procent meer kwijt aan energielasten. En we willen koploper zijn in klimaatbeleid, met ons aandeel in de wereldwijde CO2-uitstoot van 0,4 procent. In de VS is energie veel goedkoper. We gaan hier een economisch gure tijd tegemoet.”
De Boer adviseerde de sector bij de politiek deze vraag op tafel te leggen ‘Wilt u ons nog wel?’ “Alles wat CO2 uitstoot is in de basis fout geworden, kijk naar Tata Steel. Men is doof voor het vertellen van de goede boodschap. Ik denk dat de meesten van u het wel gaan redden, al maak ik me wel zorgen over de sector in Nederland. Misschien bent u te lief, dat weet ik niet.”

Geen ketenoverstijgende partijen

André Hoogendijk zei dat de land- en tuinbouw zelf perspectief moet maken en moet nadenken over de maatschappelijk bijdrage van de sector. “De waarde van ASML is groter dan dat van de hele land- en tuinbouw bij elkaar, daar ga je het economisch nooit van winnen. Maar voedsel heeft maatschappelijke waarde. Kijk ook naar uw bijdrage aan de biodiversiteit, uw sociale bijdrage. De tuinbouw heeft heel veel te bieden. De boerenprotesten gaan niet over u. Leg ook de vraag bij uzelf neer: willen we bij de boeren horen of willen we wat anders zijn.”
Sierteelt is niet meer van belang in de maatschappelijke discussie, want in tijden van oorlog moet je groente telen, is de teneur. “Remkes zei het in het rapport over de stikstofproblematiek als volgt: niet alles kan overal. Waar kun je nog akkerbouwer in Nederland zijn: wonen en water zijn sturend geworden. Waar mag je nog boer zijn? Ga je rondrijden met een veldspuit, dan ben je een crimineel.”
Hoogendijk: “Elke sector heeft een achilleshiel. Die van de tuinbouw is arbeid, energie en water. Die zaken moet je collectief oplossen. Er zijn in de tuinbouw wel allerlei schakels, maar geen ketenoverstijgende partijen. Althans, ik ken ze niet.”

Veerkrachtig tuinbouwcluster

De Chinese Tiffany Tsui schreef al in 2017 in haar rapport ‘The DNA of the Westland’: U zit een beetje te slapen in die ketens. Zij probeerde met haar onderzoek naar het Dutch Horticulture Ecosystem & Clusters de sterkten en zwakten van het Westland te begrijpen. Haar conclusie luidde: “Het gaat niet om kassen of technologie. Het gaat over het opbouwen van vertrouwen tussen verschillende partijen. Dat zorgt er voor dat het cluster functioneert en veerkrachtig is.”
Ze pleitte voor meer samenwerking en innovatie op het gebied van duurzaamheid en digitalisering in termen van data delen in platforms en ketens. “Faciliteer samenwerking en innovatie, die nu verdwijnt door scherpe concurrentie. Er is gebrek aan urgentie in het delen van data. De belangrijkste vraag is hoe je een systeem ontwerpt zodat boeren en tuinders ook boeren en tuinders kunnen blijven.”

‘Je bent nu groen of fout’

Na de pauze was het tijd voor panelvragen uit de zaal. Arends wist te melden dat Klaas Knot binnenkort een bezoek brengt aan het Westland. Een teler in de zaal liet weten dat wij geen problemen hebben, alleen uitdagingen. “LTO keert zich van ons af, Den Haag heeft een probleem. Samen met de universiteiten kunnen we elk probleem aan.”
Van Holsteijn ziet ook veel fragmentatie in de sector ‘iedereen heeft een stukje’. De Boer roemde de can do-mentaliteit van de sector, maar het klopt volgens hem niet helemaal. “De netcongestie gaat nog zeker tien jaar duren. Ambitie is goed, maar samenwerken – bijvoorbeeld met netbeheerders – is altijd beter. Ga het gesprek met de maatschappij aan en vraag: wat wilt u van ons als maatschappij? Tegelijk zeg ik in mijn nieuwe boek over een kwart eeuw energietransitie in Nederland: het gesprek is geradicaliseerd. Je bent nu groen of fout. Zonder Extinction Rebellion wordt er geen begin gemaakt, de activistische ideaalstaat wordt nu vertaald in beleid. We moeten daarin alleen niet doorslaan, zo gaat het niet goed.”

Zelf je fouten en tekortkomingen agenderen

Hoogendijk ziet bij tuinders veel meer ondernemerschap dan bij boeren, ze switchen makkelijker van teelt. “Voor heel veel mensen bent u nu bio-industrie, u maakt leven in kassen. Wilt u weer meer landbouw worden met een grondgebonden teelt of meer industrie?”
Tsui ziet digitalisering, AI en gebruik van meer sensoren met een gedeelde standaard voor het delen van data als de weg voorwaarts. “Digitalisering kan transparantie brengen, laat zien wat je doet.” Volgens Van Holsteijn gebeurt er al veel op dat gebied, ook in het onderwijs, wat werd beaamd door een TNO-er uit de zaal, maar is er nog een lange weg te gaan.
Volgens De Boer is meer openheid goed: “Een belangrijk onderdeel in het gesprek met de maatschappij is zelf je fouten en tekortkomingen agenderen. Vertel niet alleen hoe fantastisch je al bent en wat is afgesproken, maar ook: wat is niet gelukt en waarom niet? Stel je kwetsbaar op.” Hoogendijk, tot slot: “En stop met het demoniseren van het nerd-neefje op verjaardagen. Die hebben we juist hard nodig.”

Tekst: Mario Bentvelsen