‘Zeker weten, met meer kennis gaan we nog beter schermen’

‘Zeker weten, met meer kennis gaan we nog beter schermen’

Bij nieuwbouw voor paprika’s en komkommers wordt het tegenwoordig bijna standaard geïnstalleerd: een tweede energiescherm. Alfons Slaman nam al in 2015 deze beslissing. Zowel in teelttechnisch als economisch opzicht hoopte hij op een verbetering ten opzichte van een enkel scherm plus vast folie. Zijn ervaringen zijn positief. “Met twee beweegbare schermen kun je het hele teeltseizoen ‘op maat’ sturen. In het voor- en najaar verhogen ze de isolatiewaarde van de kas en in de zomer houden ze de instraling buiten. Ik verwacht nog wat kleine stapjes te kunnen zetten, maar het kasklimaat blijft een complexe materie.”

Met een dubbel scherm is het goed energiezuinig telen. Ook daar liggen zeker nog meer kansen. Toch benadrukt de paprikateler met klem, dat hij die ondergrens niet gaat opzoeken. Slaman: “Zuinigheid oké, maar niet ten koste van mijn gewas. Ik scherm aanzienlijk meer uren dan vroeger en heb de maximumbuistemperatuur verlaagd naar 47ºC. Maar de dagtemperatuur laten stijgen tot boven 27ºC, zoals HNT-denkers promoten? Nee, daar geloof ik niet in. Dan wordt het gewas echt te dun. Zodra zuinig telen ten koste gaat van de kwaliteit, pas ik. Wat dat betreft hanteert de theorie een ander kantelpunt dan de praktijk.”

Constante wisselwerking

Bij Slaman Paprika’s in Zevenhuizen staat 4 ha gele paprika van het ras Gialte. Eind maart werden de eerste vruchten geoogst. Het gewas staat er energiek en fris bij. En daar werkt de teler hard voor. Elke dag probeert hij zo goed mogelijk te anticiperen op de buitenomstandigheden en de behoeften van de plant.

Zittend achter zijn klimaatcomputer checkt hij de tijden dat de schermen openen en sluiten. Het is volgens de teler een constant samenspel van vocht, licht, temperatuur, luchtcirculatie en dus energievraag. Met zijn schermen probeert hij die wisselwerking zo te beïnvloeden dat zijn rendement het hoogste is. Waar heeft de plant op dat moment behoefte aan voor de beste groei, productie of kwaliteit? Zeker, het gasverbruik telt eveneens mee bij je ‘rendementsberekening’. “Vroeger bleef ik bijvoorbeeld ook onder lichtarme omstandigheden een flinke minimumbuis aanhouden. Nu geloof ik dat je plantactiviteit niet kan of moet willen afdwingen, de buis mag dan lager. Inzichten veranderen.”

Mogelijkheden benutten

Teeltoptimalisatie heeft volgens Slaman de laatste jaren een vlucht genomen. Hij noemt onder meer de verbeterde teelttechnieken en rassen als aanjagers van dat proces. Kennis is eveneens heel belangrijk. “Aan ‘knoppen’ alleen heb je niet genoeg, je moet er ook aan weten te draaien. Als teler blijf je daarom constant leren, over plantprocessen bijvoorbeeld. Heel interessant om te weten hoe alles met elkaar samenhangt. Zo leerde ik tijdens de HNT-cursus over de verdampingsdruk. Dit is het verschil tussen de dampdruk in de huidmondjes van bladeren en de dampdruk in de kas. Hiermee kan je de potentiële verdamping van een plant bepalen. Een lastig begrip om te laten landen, maar tegelijkertijd voel ik dat hiermee nog verbeteringen zijn door te voeren.”

Al worden de stapjes wel steeds kleiner, meent de teler. Datzelfde geldt voor het gebruik van het dubbele energiescherm. “Je leert gaandeweg de mogelijkheden beter te benutten en als het dan goed gaat, ga je er vanzelf mee door.”

Vaker dubbel dicht

Zolang het zijn gewaskwaliteit niet deert, vindt de teler schermgebruik tevens een prima tool om de energiedoelen te halen. Tot tien jaar terug verbruikte hij nog 38 m3 gas en in 2018 zat hij op 27 m3. Een aardige besparing, ja. Belangrijkste oorzaak? De eerste maanden van de teelt trekt hij de schermen vaker dubbel dicht. Het aantal schermuren is dus gestegen.

Juist in die eerste maanden bewijst het dubbele scherm zijn meerwaarde. Voorheen teelde Slaman onder één scherm en later plus een vaste folie. “Wanneer dan eind januari de zon in kracht toeneemt, moest de folie eruit. Weg isolatiewaarde. Terwijl de maanden februari, maart en april ook flinke koude perioden kennen. Anders dan een vaste folie kun je een tweede scherm dus jaarrond gebruiken. En je hoeft het maar één keer aan te schaffen. Zeker in tijden met hoge gasprijzen, is het rekensommetje dan snel gemaakt.”

Voldoende condensatie

Aanvankelijk was Slaman nog beducht voor vocht. “Je hoort toch verhalen dat energieschermen vochtafvoer bemoeilijken. Gelukkig hebben wij geen problemen gehad. Sterker nog, de vaste folie wilde nog wel eens druppelen op het gewas. De schermdoeken nemen dankzij de katoenen draden echter het vocht juist op. Vervolgens verdampt het weer in de luchtlaag boven de doeken en condenseert uiteindelijk op de koude ruiten. Dus mits het buiten koud genoeg is, trekken we beide schermen gewoon dicht. Ook in de herfst. Zeker de laatste drie weken van de teelt.”

Die hoge temperatuur heeft de teler dan nodig voor het afrijpen van de laatste vruchten. Groei is in die periode niet meer zo belangrijk. “Door beide schermen te sluiten wordt het bovenin warmer, vlak bij de vruchten. Precies goed. Een klein nadeeltje is wel dat het scherm in de herfst sneller vies wordt, groen verkleurt. Dat lossen we dan weer op door tijdens de teeltwissel de doeken schoon te spuiten. Nee, als nieuw worden ze niet meer, maar het gewas heeft er verder geen last van. Na een jaar of negen moeten we ze sowieso vervangen. Dan zijn ze wel op.”


Hogere energiebesparing en beter stuurbaar klimaat

Jeroen de Jonge van Peter Dekker Installaties (PDI) installeerde bij Slaman het diffuse en lichtdoorlatende doek. Hij begrijpt heel goed dat telers massaal overstappen naar een dubbel energiescherm. “Het is perfect voor paprika’s en komkommers. Bedrijven ervaren een hogere energiebesparing en een beter stuurbaar klimaat.”

Een komkommer- of paprikateler met een enkel doek? De Jonge kan er niet veel meer noemen. Logisch, de voordelen van het dubbele scherm zijn legio. Natuurlijk in de koudere winter- en voorjaarsmaanden, maar zeker ook onder zonnige, zomerse omstandigheden. “Door de schermen te laten overlappen, creëert de teler een prettig klimaat met natuurlijke lucht- en vochtuitwisseling zonder vervelende schaduwen. Een dubbele installatie maakt telers flexibeler.”

Het bedrijf installeert evenveel lichtdoorlatende als diffuse doeken. De keuze is onder andere afhankelijk van het type glas, vervolgt De Jonge. “Is diffuus glas aanwezig, dan volstaan twee heldere doeken. Bij ‘gewoon’ glas is een van de twee doeken diffuus. Daarmee wordt de instraling opgevangen. Het andere doek is helder. Het voordeel daarvan is dat de teler dit doek ’s ochtends langer dicht kan houden en aan het eind van de dag weer eerder kan sluiten. Zo profiteert het klimaat optimaal van zowel de isolerende werking als het zonlicht.”

Kansen spouwscherm

Een derde scherm ziet De Jonge niet snel opmars maken. Installatietechnisch is dat een stuk lastiger. Wel zijn er volgens hem kansen voor het spouwscherm. Dit scherm bestaat uit twee lagen doek met daartussenin 4 cm stilstaande lucht. “De isolerende werking is prima. Wel moet er goed naar de vochtafvoer worden gekeken. Goed zou dan zijn om een installatie met een spouwscherm uit te voeren en daaronder een standaardinstallatie met een enkellaags doek. Zodoende heeft men in de zomer nog steeds het voordeel van een prettig klimaat door een dubbel scherm. Ook zien we in de praktijk vaker combinaties komen met ontvochtigingsinstallaties. Zeker interessant.”

Een andere ontwikkeling die De Jonge constateert, is de toename van dubbele schermen bij tomatentelers. Instraling is bij deze bedrijven niet het probleem, maar door de overgang naar LED-verlichting missen zij een deel van de warmte. De isolerende werking van energiedoeken, kan deze temperatuurdaling opvangen.


Samenvatting

Met een dubbel energiescherm besparen telers op gas en versterken tegelijkertijd hun kasklimaat. Het toegenomen aantal schermuren maakt de voordelen duidelijk zichtbaar. Volgens paprikateler Alfons Slaman zijn er nog kleine verbeteringen te realiseren. Vooral door te spelen met de tijdstippen waarop de schermen sluiten dan wel openen. Maar het blijft wel oppassen, meent de teler. De drang naar energiezuinigheid of hoge dagtemperaturen mag nooit ten koste gaan van het gewas.

Tekst: Jojanneke Rodenburg.
Beeld: LD Photography.

Gerelateerd

Anthuriumteler halveert energieverbruik dankzij vochtdoorlatend scherm

Anthuriumteler halveert energieverbruik dankzij vochtdoorlatend scherm

Continu streven naar beter, dat is wat Martin Feteris typeert. Ook als het gaat om energiebesparing. De afgelopen jaren beet de ondernemer zich daarom vast in Het Nieuwe Telen. Met resultaat: de potanthuriumteler wist zijn energieverbruik te halveren en boekte daarnaast teelttechnische winst. Hoewel het succes wordt bepaald door meerdere factoren, speelt het vochtdoorlatende schermdoek dat hij aanschafte hierin een sleutelrol.

Feteris runt in Hedel – in het hart van de Bommelerwaard een potanthuriumbedrijf van 2 ha. De kas, die in 2009 werd gebouwd, is ingericht volgens de meest moderne inzichten. “Optimalisatie van teelt en verwerking was het belangrijkste speerpunt bij de bouw”, vertelt de ondernemer. “We hebben toen onder meer geïnvesteerd in camerasortering, er kwam een etiketteermachine en er werd een volautomatische spuit- c.q. gietboom aangeschaft. Ook beschikt ons bedrijf over een gesloten watersysteem. Daarnaast is de kwekerij dusdanig ingericht dat we zoveel mogelijk planten per vierkante meter kwijt kunnen.”

Gelijkmatig kasklimaat

Al vrij snel na de ingebruikname van de kas ging de ondernemer aan de slag met Het Nieuwe Telen. “Ik realiseerde me steeds meer dat we qua energieverbruik niet op dezelfde voet verder kunnen gaan. Dat is cruciaal om maatschappelijk draagvlak te houden, ook hechten afnemers steeds meer waarde aan een duurzaam geteeld product. En gas wordt naar de toekomst toe alleen maar duurder.” Daarop volgde de teler een cursus Het Nieuwe Telen en verdiepte hij zich in het gelijknamige boek. “Het leuke aan deze aanpak vind ik de eenvoud; de meeste aspecten zijn heel logisch.”

De teler gaf de nieuwe teeltmethode op diverse manieren handen en voeten binnen zijn bedrijf. Het creëren van een gelijkmatig kasklimaat is hierbij het primaire doel. Om deze reden investeerde hij onder meer in Nivolatoren: ventilatoren die zorgen voor verticale luchtcirculatie. Op deze manier wordt de lucht boven en onder in de kas gemengd. Hierdoor is sprake van een meer gelijkmatige temperatuur en luchtvochtigheid en een optimale verdeling van CO2 door de kas.

Hoge isolatiewaarde

Ook de twee schermdoeken van de teler vormen een belangrijk puzzelstukje binnen de nieuwe teeltstrategie. Het onderste is een energiescherm, van de Belgische leverancier Phormium. “Dit scherm hebben we in 2010 geïnstalleerd, bij de nieuwbouw van ons bedrijf”, zegt Feteris. “Om energie te besparen wilden we een doek met een hoge isolatiewaarde, dat tegelijkertijd zoveel mogelijk licht doorlaat. Dit scherm sloot aan bij deze wensen; slechts 11% van het invallende licht wordt weggeschermd. Een voordeel is ook dat deze schermdoeken lang meegaan; normaal is een scherm na zes jaar aan vervanging toe, bij ons gaat het al negen jaar mee.”

Volgens Arjan van der Veer, Sales Manager Nederland van de schermleverancier, heeft de lange levensduur alles te maken met het feit dat de doeken een speciale geweven structuur hebben. “Hierdoor zijn deze schermen duurzamer en sterker.”

Scherm voor vochtafvoer

Als bovenste scherm had Feteris aanvankelijk een schaduwdoek hangen met een schermingspercentage van 77%. Dit werd vorig jaar vervangen door de PhormiTex Lumina 60; een nieuw vochtdoorlatend doek van zijn leverancier. “Om het vocht kwijt te raken, trokken we eerst een kier in de schermen. Dat was echter verre van ideaal, vooral vanwege de kouval die dan ontstaat op het gewas. Ook is dan geen sprake van een gelijkmatig kasklimaat. Toen kwamen ze met dit nieuwe doek op de proppen. In het doek zit speciaal acrylgaren, wat ideaal is voor de afvoer van vocht”, licht de teler toe.

Ook het feit dat dit scherm het licht diffuus maakt trok de teler over de streep. Hierdoor kan hij namelijk meer licht toelaten in zijn kas. “Voorheen had ik een scherm met aluminium bandjes, in dit scherm worden witte bandjes toegepast. Deze spreiden het licht, en voorkomen dat het zonlicht direct op de plant valt. Daar kan een anthuriumgewas slecht tegen. Door de diffusiteit van het vochtdoorlatend scherm kunnen en durven we extra licht toe te laten. We hebben nu gekozen voor een schermingspercentage van zo’n 60% en ik schat dat de plant zo’n 10% extra licht krijgt. Dit heeft positieve effecten op de teelt; ik heb bijvoorbeeld beduidend minder last van knopoverslag.”

Langer dichtlaten

Ondanks dat sprake is van een dicht doek, is de isolatiewaarde van het scherm volgens Feteris wel iets lager dan het doek dat hij eerst had hangen. “Maar doordat het meer licht doorlaat, kunnen we dit langer dichtlaten. Ik heb goede hoop dat deze zaken elkaar opheffen, waardoor de energiebesparing per saldo hetzelfde zal zijn. Daar hopen we binnenkort meer inzicht in te krijgen.”

Naast de teelttechnische voordelen, helpt het nieuwe scherm volgens Feteris ook om de strategie van Het Nieuwe Telen optimaal in de praktijk te brengen. “We kunnen het scherm dichthouden en tegelijkertijd ontvochtigen. En dat op een hele gelijkmatige manier, aangezien het scherm het hele kasdek beslaat. Dat is een voordeel ten opzichte van ‘lokale’ ontvochtigingsoplossingen.”

Halvering energieverbruik

Hoewel het scherm een cruciale rol heeft in het creëren van een gelijkmatig kasklimaat spelen ook andere factoren hierbij een rol, benadrukt de teler. “De verticale ventilatoren, het feit dat we afluchten boven het scherm, alles weegt mee. Ook de teelt op gronddoek met daaronder PhormiSol AquaFlux. Dit vlies op basis van polyamide, dat eveneens uit de koker van de schermleverancier komt, voorkomt droge of natte plekken op de teeltvloer en creëert op deze manier uniforme omstandigheden.”

De geschetste strategie werpt zijn vruchten af. Feteris wist zijn gasverbruik de afgelopen jaren te halveren. “Hoe meer gelijkheid, hoe minder stress de plant ervaart en hoe lager de ziektedruk. Je kunt dan beter sturen en hoeft minder kunstgrepen uit te halen. Bijvoorbeeld op het gebied van energie. We vermijden pieken en dalen en daardoor besparen we. Daarnaast resulteert het gelijkmatigere kasklimaat in een groeiversnelling. Kortom: gelijkheid en daarmee rust creëren, dat is waar het om draait.”

Samenvatting

Potanthuriumteler Martin Feteris is actief bezig met Het Nieuwe Telen en streeft naar een gelijkmatig kasklimaat. Hij investeerde onder meer in verticale ventilatoren en heeft twee schermen hangen. Afgelopen jaar schafte de ondernemer een nieuw, vochtdoorlatend schermdoek aan. Deze strategie werpt zijn vruchten af: De teler bespaart de helft op energie en behaalt ook teelttechnisch voordeel.

Tekst en beeld: Ank van Lier.

Gerelateerd

‘Betere luchtcirculatie leidt tot meer gelijkheid in het gewas’

‘Betere luchtcirculatie leidt tot meer gelijkheid in het gewas’

Komkommerteler Kees Hendriks in Nootdorp constateerde te veel horizontale temperatuurverschillen in zijn kas. Zijn zoektocht naar meer klimaatgelijkheid – juist ook met gesloten scherm – bracht hem bij een installatie die koude droge lucht van boven het scherm zuigt en deze de teeltruimte in blaast. In de winter van 2017-2018 testte hij dit systeem op 2,8 ha belichte komkommers. “Het klimaat ging vooruit, maar die herrie! We hoorden de radio zelfs niet meer. Gelukkig is dat nu verbeterd.”

Het systeem is superlogisch en technisch weinig complex. De Airmix bestaat uit een horizontale ventilator met een ventilatorhuis met dubbele kleppen. Deze maken het mogelijk om naar behoefte lucht van boven het scherm in de kas te brengen. Dus naast de standaard horizontale luchtcirculatie functioneert het apparaat als compleet gestuurd ontvochtigingssysteem. Simpel en doeltreffend. Hendriks’ eerste reactie na introductie was dan ook: “Waarom was dit er honderd jaar geleden nog niet?”

Lager toerental

De geproduceerde decibels waren echter een onaangename bijkomstigheid. “Ik had er nooit naar gevraagd en het was me ook niet verteld. Maar ja, de metalen behuizing van de ventilator leek wel een klankkast die alle geluiden versterkte. En dus ben ik met Rob van Hulzen van leverancier Van der Ende Groep en Laurens van Es van Montera Techniek weer om tafel gaan zitten. Want dit moest anders. Nu schakelen we tijdens de uren dat de schermen open zijn – overdag dus – het toerental terug.”

Dan is, juist als er veel mensen in de kas werken, het geluidsniveau acceptabel. ’s Nachts wanneer de schermen dubbel dicht zijn, draait het systeem gewoon op volle toeren voor de beste ontvochtiging. Verder besloot de teler om de openingen in het scherm, waardoor de lucht werd aangezogen, te optimaliseren. “In de eerste kas waren deze gaten te krap, in de nieuwe afdelingen waar het systeem ging draaien, maakten we ze groter. Ook dat reduceerde het geluid.”

Uniformer klimaat

Onlangs installeerde Hendriks ook in de andere helft van de kas (3,35 ha) het ventilatiesysteem. In de 6 meter hoge kas van Qcumber in Nootdorp hangt nu om de 500 m2 een Airmix. De totale ventilatiecapaciteit bedraagt daarmee 10,7 kuub/m2/uur. “Per uur ververst het systeem ongeveer twee keer de inhoud van de kas. Ik zie aan de stand van het gewas dat het werkt. Door het meer uniforme klimaat zijn de planten gewoon gelijker. Oogstten we vroeger bijvoorbeeld het middenpad 3 à 4 dagen eerder dan de gevel, nu is dat verschil maximaal een dag. Het komt de productie en kwaliteit absoluut ten goede.”

Tijdens de eerste evaluatie van het systeem constateerde Ton van der Kooij, de begeleider vanuit de leverancier, tevens een energiebesparing. In de maanden december tot en met februari was 4,8 kuub/m2 minder gas verbruikt. “Doordat het niet nodig is om de schermen te kieren om vocht af te voeren, wordt onder meer kouval in de kas voorkomen en blijft de isolerende werking van de schermen intact. Een andere besparing betreft het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. Doordat er beter wordt geventileerd, daalde de ziektedruk in het gewas. De teler hoefde dus minder bespuitingen uit te voeren.”

Belichte teelt

Hendriks teelt zijn komkommers onder Son-T-lampen van 190 µmol/m2/s. Warmte komt hij dus nooit te kort. Echter, met de schermen dicht wordt vocht in deze situatie wel makkelijk een probleem. “De ventilatoren creëren een niet voelbare overdruk onder het scherm, waardoor de lucht actief en continu recirculeert.”

Door de kieren komt geen koude lucht meer naar buiten, maar door de kieren verdwijnt warme vochtige lucht. Gevolg: klimaatgelijkheid in de hele teeltruimte. Ongeacht het tijdstip op de dag of het seizoen. “Dat geeft een soort rust. Als vroeger een meetbox bijvoorbeeld ergens een laag vochtdeficit constateerde, kon ik daar best nerveus van worden. Nu weet ik dat dit cijfer in de hele kas gelijk is en dus niet direct problemen zal veroorzaken. De noviteit is een mooie toevoeging aan het instrumentarium waarmee ik het klimaat kan sturen.”

Extra beluchtingsgroep

In grote lijnen doen de ventilatoren wat ze moeten doen. Nu komt het aan op verdere finetuning. “De opstartfase van zo’n nieuw systeem is best spannend”, vertelt Hendriks. “Hoe combineer je het met de overige instellingen? Mijn klimaatcomputer kent bijvoorbeeld geen speciale regeling voor deze ventilator. In overleg met Laurens van Es heeft Ridder Growing Solutions daarom een extra beluchtingsgroep aangemaakt. Want de werking van de kleppen is nagenoeg gelijk aan dat van een raam, die stuur je tenslotte ook open als het te warm of te vochtig is. Met de groep kan ik nu de klepstand regelen van 0 tot 100%. De computer berekent zowel een p-band boven als onder het scherm op basis van RV en temperatuur. Het verschil bepaalt de stand.”

Een ander leerpunt was het luchten boven het scherm. In het begin was de teler daarmee te voorzichtig, zegt hij zelf. “Het systeem werkt alleen op momenten dat de lucht boven het scherm daadwerkelijk kouder is dan onder het scherm. Je zult dus op tijd moeten luchten. De lastigste situaties treden op als het buiten 0ºC is. Een beveiliging verbiedt de ramen om dan open te gaan in verband met het mogelijk vast vriezen. Maar ik heb die kou nodig. Daarom hebben we de vorstgrens verlaagd naar -3ºC. Meet de computer een luchttemperatuur tussen de 12 en 20ºC boven het scherm dan gaan de ramen toch open.”

Gewas centraal

Van der Kooij begeleidt meerdere telers die het systeem gebruiken. Zowel in de sierteelt als de groenteteelt en zowel belicht als onbelicht. Dankzij HNT staan ontvochtigingsinstallaties nu volop in de belangstelling. Energiebesparing is daarbij een belangrijk onderdeel. “Voor iedereen die niet wil of mag kieren om het vocht kwijt te raken, is het een uitkomst. We hebben nu ook enkele aanvragen van tomatentelers die vanwege strengere regels omtrent lichtvervuiling de installatie hebben aangeschaft. Hun scherm moet dicht blijven. Redenen kunnen dus heel divers zijn.”

“Allemaal belangrijke bijzaken”, zegt Hendriks lachend. “Bij mij staat het puur in dienst van het gewas; ik wil de beste en meeste komkommers. Dat kan alleen als ik volledige controle heb op het klimaat. En ja, op dat punt zijn zeker nog stappen te zetten.”

Verwachtingsvol kijkt de teler naar zijn leveranciers. Van Es: “Dankzij kritische klanten als Hendriks worden wij geprikkeld om steeds met nieuwe en betere oplossingen te komen. En daar heeft de hele sector baat bij.”

Samenvatting

Komkommerteler Kees Hendriks wilde onder zijn gesloten schermdoek kunnen ventileren. Daartoe plaatste hij horizontale ventilatoren die via een speciale kleppenregeling droge, koude lucht van boven het doek de teeltruimte inblazen. Gevolg: een betere recirculatie en actieve ontvochtiging. De teler is blij met de installatie waarmee hij zijn klimaat nog beter kan sturen. Het gewas vertoont nu meer uniformiteit en dat komt productie en kwaliteit ten goede. De vochthuishouding is beter op orde.

Tekst: Jojanneke Rodenburg.
Beeld: Studio G.J. Vlekke.

Gerelateerd

Vocht uit kaslucht laten condenseren tegen koude panelen of met zout

Vocht uit kaslucht laten condenseren tegen koude panelen of met zout

Na een aanloopperiode rukken losse ontvochtigingskasten op, zeker in de gerberateelt. Ze drogen de lucht met zout of door condensatie tegen koude panelen. Zo komt de latente energie van de waterdamp vrij in de vorm van warmte. Resultaat: droge warme lucht en energiebesparing.

Als de gemiddelde teler iets oppikt van Het Nieuwe Telen dan is het wel het belang van een gelijkmatig kasklimaat. Om dat te bereiken moet je vooral niet te vaak een kier in het scherm trekken. Maar dat vergt wel een oplossing voor het oplopende vochtgehalte onder het scherm.

Luchtbehandelingskasten en verticale ventilatie door het scherm heen krijgen vaak de aandacht. Maar vrij geruisloos rukken de laatste tijd de losse ontvochtigingskasten op; zeker in de gerberateelt is dat opvallend. Waarom deze technieken opeens populairder worden, weet eigenlijk niemand. Aan de kosten ligt het niet, want zo goedkoop zijn ze niet. Ze kunnen overigens worden gesubsidieerd (25%) vanuit de regeling Energie-efficiëntie Glastuinbouw (EG). Wat waarschijnlijk meespeelt, is dat ze relatief simpel te plaatsen zijn.

Latente warmte

Er zijn twee principes: ontvochtiging door condensatie tegen koude panelen of de inzet van zout, dat water aantrekt.

Ontvochtiging kan veel energie opleveren. Marcel Raaphorst van Wageningen University & Research berekende in 2013 dat in theorie wel de helft van het gasverbruik kan worden bespaard. Dat komt omdat de waterdamp in de kaslucht veel energie bevat (dit heet de latente warmte). Als je die door de luchtramen weg laat vliegen omdat je het vocht kwijt moet, kun je er niets meer mee. Maar als de damp in de kas condenseert, komt de energie weer vrij in de vorm van warmte.

Pluspunten

Afgelopen december vertelden de broers Oudijk in Onder Glas dat de besparing van een derde van het gasverbruik voor hen een belangrijke reden is om te ontvochtigen. Ze gebruiken kasten van het merk Vifra, één van de drie hoofdsystemen die momenteel in gebruik zijn.

Dit Italiaanse bedrijf levert sinds 2018 een plug & play lijn, die ontvochtigt met koude panelen. De kasten kunnen overal worden opgehangen of geplaatst. Zoals gezegd kan die gemakkelijke installatie mede de populariteit verklaren. Naast de energiebesparing vinden de gerberatelers Oudijk het egale kasklimaat en de kleinere kans op Botrytis (doordat er geen koude vochtige plekken meer zijn) grote pluspunten.

Minder ziekten

Inmiddels hebben ze voor een andere kasafdeling een andere ontvochtiger aangeschaft, namelijk de DryGair. Dit is momenteel het meest voorkomende systeem. “Hij kan 22.000 kuub kaslucht per uur ontvochtigen tegen koude panelen en er komt 30 tot 60 liter water per uur vrij, afhankelijk van temperatuur en RV”, vertelt Eef Zwinkels van Royal Brinkman, dat de units verkoopt. “De clou is dat we niet alleen water onttrekken, maar ook de lucht circuleren. Dat is belangrijk voor de gelijkmatigheid van het klimaat en de plantactiviteit.”

Eigenlijk is het apparaat dus een combinatie van een warmtepomp en een ventilatiesysteem. Ook Zwinkels ziet bij gerbera’s een theoretische besparing van 50% op het gasverbruik, maar de kasten draaien natuurlijk op stroom. “Netto zul je uitkomen op 35% energiebesparing”, denkt hij. “Verder noemen onze klanten als voordelen dat er meer CO2 binnen blijft, er minder ziekten voorkomen en de plantkwaliteit beter wordt. Oorspronkelijk is dit systeem bedacht voor de nacht; je kunt het scherm dichthouden en hoeft niet te luchten. Maar bijkomend voordeel is dat je ook bij regenachtig en mistig weer overdag kunt ontvochtigen. Je bent niet meer afhankelijk van het buitenklimaat.”

Inmiddels draaien er 120 van deze units in Nederland, Duitsland en Polen.

Ontsmetting

Volgens een heel ander principe werkt de Climate Converter. Hij maakt gebruik van het feit dat zout water aantrekt. “Het apparaat zuigt kaslucht door een douche van een zoutoplossing heen. Daar blijft het vocht achter en bij de condensatie komt de latente warmte vrij. De warme droge lucht gaat vervolgens terug naar de kas”, vertelt Reinier van Zanten van Horticoop. Op een gegeven moment is het zout zo verzadigd dat het geen extra water meer kan aantrekken. Dan moet het worden ‘geregenereerd’. Dat gebeurt met warm water. Er is dus een (kleine) warmwateraansluiting nodig, wat de installatie iets minder flexibel maakt dan de vorige twee apparaten.

Daar staat echter een extraatje tegenover: het zout zorgt voor ontsmetting. Onderzoeker Raaphorst schatte in 2013 bij een prototype dat 30-50% van de sporen van Botrytis worden gedood.

In Nederland zijn nu acht apparaten verkocht, vertelt Van Zanten, in Duitsland krap 30 en wereldwijd 600. “We zien belangstelling bij bedrijven met potplanten en kruiden en opvallend veel in de bioteelt. Al deze bedrijven hebben behoefte aan warmte, meer grip op het klimaat en luchtfiltering. Ze kunnen de ramen en schermen langer dicht houden en profiteren daarvan”, zegt hij.

Goede verdeling

Bij gerbera zijn drie ontvochtigers per ha nodig, maar een koud pot- en perkplantenbedrijf zal het al snel met minder doen. Dat roept bij onderzoeker Raaphorst de vraag op of je op die manier wel een gelijk klimaat krijgt. “Je blaast op één of een paar punten warme lucht in; hoe krijg je dan een goede verdeling? Je hebt dan wel gewone ventilatoren nodig”, denkt hij.

Metingen bij Kwekerij Marcel Vijverberg lieten een heel gelijkmatige temperatuur- en vochtverdeling zien. En Raaphorst hoorde ook van een chrysantenteler met een ontvochtigingskast dat het gewas er gelijkmatig bij staat.


Kasklimaat gelijkmatiger en minder schimmelproblemen

Kwekerij Aardam in Aarlanderveen heeft sinds ruim een jaar ervaring met de Climate Converter. Kwekerij Marcel Vijverberg in Maasland (pot- en kuipplanten) heeft bijna drie jaar ervaring met de DryGair.

“We telen in de winter bij 12-13ºC. Dan is de vochtbeheersing lastig”, zegt Marcel Vijverberg. “Sinds we de ontvochtigers hebben – inmiddels vijf op 2,5 ha kas – zijn we heel anders gaan telen. Voorheen was het een combinatie van kieren, luchten en stoken om het vocht weg te krijgen. Nu blijft alles zo lang mogelijk dicht. We zijn eigenlijk nog steeds lerende; als het te warm wordt gaan de luchtramen open en de drogers uit.”

Het kasklimaat is veel gelijkmatiger geworden; dat is gebleken bij metingen van Multi-Meet: de temperatuurvariatie was minder dan 1ºC en de RV onder de 3% verschil tussen de hoogste en laagste waarde.

Zijn er nadelen? “De kasten nemen ruimte in; je moet er met de machines nog langs kunnen. En ze kosten wat licht. Maar de voordelen tikken hard door. De stuurbaarheid is het grootste voordeel en per saldo ben je duurzamer bezig: we besparen 20% op het gas. Verder hebben we minder last van Botrytis en gebruiken we minder fungiciden”, zegt hij. De machines zijn in vier jaar terugverdiend.

Regeneratie

De ontvochtiger bij Kwekerij Aardam staat in een afdeling van 2.500 m2 met Chamaedorea, een tropische teelt die minimaal 20ºC nodig heeft. “We hoeven nu in de herfst en winter nauwelijks af te luchten en houden warmte en CO2 binnen. Voorheen moesten we na het watergeven stoken met de ramen open om het vocht kwijt te raken. De planten staan dicht op elkaar en er kwamen wel schimmelproblemen voor. Dat is nu veel minder”, vertelt eigenaar Arthur Spruit.

De regeneratie van het zout in het apparaat vindt plaats met een aparte kleine ketel. Spruit is in het algemeen tevreden over de keuze voor deze oplossing. “Het klimaat is gelijkmatig, dat hebben we met RV-meters gemeten. Drie extra ventilatoren zorgen voor de juiste menging. Alleen vlak bij het apparaat is de uitdaging om de teelt goed te houden. Daar zien we soms wat verbranding. Een nadeeltje is wel dat dit soort machines lawaai maakt; als we daar moeten werken, zetten we ‘m even uit.”


Samenvatting

Losse ontvochtigingskasten worden populairder. Ze condenseren het vocht uit de kaslucht, hetzij tegen koude panelen, hetzij met zout. Daardoor kun je scherm en luchtramen langer dicht houden. De energiebesparing kan flink oplopen. Momenteel zijn er drie typen in zwang. Telers die ervaring hebben opgedaan met de verschillende systemen noemen unaniem het gelijkmatige kasklimaat als belangrijkste voordeel. De kleine nadelen – ruimte, geluid – worden daardoor ruimschoots gecompenseerd.

Tekst: Tijs Kierkels.
Beeld: Studio G.J. Vlekke.

 

Gelijkmatig kasklimaat van groot belang bij gerberateelt

Gelijkmatig kasklimaat van groot belang bij gerberateelt

De buurbedrijven Kwekerij Antonia en Topline Gerbera in Tuil werken samen op energiegebied. Beide hebben gekozen voor investeringen in apparatuur om Het Nieuwe Telen te realiseren: luchtbehandelingskasten met slurven op het ene bedrijf, verticale ventilatie op het andere.

Topline Gerbera (Jan, Willy en Rino Mans) is vorig jaar neergestreken aan de rand van het tuinbouwgebied van het Gelderse Tuil, omdat ze in het extensiveringsgebied van Hedel op doodlopend spoor waren beland. Pal daarnaast zit Kwekerij Antonia (Frans en Andrea Mans), die hun familie zeven jaar geleden om dezelfde reden was voorgegaan. Dit bedrijf zat klem in Zuilichem.

Het feit dat Jan en Frans broers zijn, heeft het ongetwijfeld gemakkelijker gemaakt om meteen bij de eerste verhuizingsplannen over samenwerking te gaan praten, op energiegebied en bij de afzet. “Wij hadden een vrij grote WKK en zij stonden voor de keuze om een nieuwe te kopen, of de oude – met een kleinere capaciteit – uit Hedel mee te nemen”, vertelt Frans Mans. “Omdat twee jaar geleden al duidelijk was dat het gasverbruik op termijn moet minderen, moest je wel serieus nadenken of je wel in een gasgestookte machine met minimaal tien jaar afschrijvingstermijn zou investeren.”

Toekomstgericht

Er is besloten om de warmte-, elektra- en CO2-voorziening van beide bedrijven te koppelen en die in te vullen met de bestaande WKK’s, aangevuld met ketels voor werkelijk koude periodes. De WKK-capaciteit is krap aan en dat is een bewuste keuze. “Als je een grote capaciteit hebt, houd je altijd warmte over, terwijl het juist onze bedoeling is om op de warmte te besparen”, geeft hij aan.

Resultaat van de keuze is dat ze een klein deel stroom in moeten kopen en soms gebruik maken van zuivere CO2. In de zomer draait de kleinste WKK voor de CO2. Afgelopen winter was de elektriciteit weer prijzig en zou een groot WKK-vermogen juist geld hebben opgeleverd, maar spijt van hun keuze hebben ze niet. Het oog is op de toekomst gericht.

Meer gelijkheid

De nieuwbouw in Tuil (3,5 ha) maakte het voor Topline Gerbera mogelijk om elke willekeurige kasinrichting te kiezen. “We hebben daar lang over nagedacht en uiteindelijk gekozen voor een systeem van K&M Installaties met luchtbehandelingskasten in de gevels en slurven onder de goten”, vertelt Rino Mans.

Het grootste deel van de dag zorgt het systeem alleen voor recirculatie. Het haalt warme kaslucht boven aan de gevel weg en stuurt die door de slurven onder het gewas. Daardoor is de temperatuur- en vochtverdeling in de kas beter. “Het systeem zorgt voor overdruk in de kas en ook dat geeft meer gelijkheid. En omdat je de warme lucht van bovenuit de kas haalt, kun je de buisrailverwarming lager instellen en sneller afbouwen”, vertelt Rino Mans.

Deels als verwarming

Dat gelijkmatige kasklimaat ziet hij als belangrijkste reden om een vorm van Het Nieuwe Telen op te pakken. “We hebben hier drie schermen: energie, verduistering en zonnedoek. We kunnen door het luchtbehandelingssysteem langer schermen en de ramen langer dicht houden”, zegt hij. Ervaring in de zomer is er overigens nog niet; het bedrijf draait pas sinds augustus.

De luchtbehandelingskasten kunnen ook droge buitenlucht aanzuigen. Die wordt via een warmtewisselaar op de goede temperatuur gebracht; de uittredende kaslucht draagt zijn warmte via een lucht-lucht systeem over. “Maar je kunt de lucht ook uit de cv verwarmen. Dat gebeurt in een verwarmingsblok met retourwater uit de buisrail”, vertelt installateur Aad Lamers. Zo functioneert het luchtbehandelingssysteem dus deels als verwarming en dat bespaart op de inzet van de buisrail.
“Nu sturen we het systeem met de Priva-klimaatcomputer op vochtdeficit”, vertelt Rino Mans, “maar we willen op absoluut vocht gaan sturen. Vooral als het koud is, breng je dan minder lucht in en dat bespaart energie.”

Kleine klimaatverschillen

Oom en buurman Frans Mans stond zeven jaar geleden, toen hij verhuisde en een bestaand rozenbedrijf overnam, ook voor de keuze hoe hij de klimaatbeheersing zou invullen. “We hebben geen groeibuizen aangeschaft, wat toen wel gebruikelijk was in de gerberateelt, maar kozen voor verticale ventilatie met de Nivolator”, vertelt hij. Die trekt lucht omhoog en werpt hem in een kegelvorm weer naar beneden waardoor menging ontstaat.

Metingen wezen echter uit dat de temperatuur- en vochtwaardes toch nog niet altijd optimaal waren. Daarop is het systeem doorontwikkeld tot de Nivolution van Nivola: een stelsel met twee soorten ventilatoren. De ene haalt lucht van boven het dichte scherm naar beneden en verspreidt die via een uitstroomplaat horizontaal. De Nivolatoren die 5 à 7 meter verderop hangen, pikken die koude, droge luchtstroom op en mengen hem met warme lucht. Metingen van onderzoeker Peter van Weel hebben uitgewezen dat de klimaatverschillen hooguit 1 à 2ºC bedragen en dat de droge lucht actief in het gewas wordt gebracht. Tot nu toe is deze kwekerij de enige in Nederland met dit systeem. In Canada zijn er al meer verkocht.

Etmaaltemperatuur

Mans heeft één afdeling met dit systeem en eentje zonder en kan dus een vergelijking maken. “In de afdeling met de verticale ventilatoren is het ’s winters gemakkelijker het scherm 100% dicht te houden en toch de verdamping te sturen. In de andere afdeling proberen we vochtproblemen te voorkomen met een kier. Maar dan krijg je temperatuur- en vochtverschillen en je raakt veel warmte kwijt”, zegt hij. De bedoeling is om op den duur het systeem over de hele tuin uit te breiden.

Ook ’s zomers zijn er voordelen: “Tijdens het verduisteren beschik je met dit systeem over een grote koelcapaciteit. Je haalt de droge lucht van boven het scherm naar beneden en dat heeft tot gevolg dat de plant beter koelt. Je ziet daadwerkelijk verschillen in ruimtetemperatuur tussen de afdelingen: die met de Nivolution ligt 2 tot 4ºC lager. In de zomer wordt de etmaaltemperatuur vaak te hoog. Daardoor is de uitgroeiduur te kort, wat resulteert in korte stelen en kleine bloemen. Alles wat je kunt doen om de etmaaltemperatuur omlaag te brengen, werkt dan positief uit”, zegt hij.

Kier in het scherm

Er zitten wel grenzen aan de mogelijkheden, geeft hij aan. Met name in de herfst bij warme nachten en een hoge luchtvochtigheid. “Als het ’s nachts buiten 12ºC is en binnen wil je 14ºC realiseren bij gesloten scherm, terwijl de grond nog warmte nalevert, lukt dat niet met de ventilatoren. Dan is een kier in het scherm trekken toch goedkoper en gemakkelijker. De luchtuitwisseling is dan vele malen groter.”

Onder zulke omstandigheden is het ook met het slurvensysteem lastig om het klimaat goed te krijgen, geeft Rino Mans aan. Dan resteert toch een kier in het scherm trekken en de klimaatongelijkheid voor lief nemen.

Samenvatting

Twee gerberabedrijven werken samen op het gebied van energie en afzet: warmte, elektra en CO2 zijn gekoppeld. De WKK-capaciteit is bewust krap gekozen. Ze hanteren beide een vorm van Het Nieuwe Telen, waarbij een gelijkmatig kasklimaat de eerste motivatie is. Het ene bedrijf heeft luchtbehandelingskasten en slurven, het andere een verticaal ventilatiesysteem, waarbij de ventilatoren meters uit elkaar hangen – het is het enige in Nederland met dit systeem.

Tekst: Tijs Kierkels.
Beeld: Wilma Slegers.

Gerelateerd