‘Dankzij oosterse geneeswijze heb ik mijn energie terug’

‘Dankzij oosterse geneeswijze heb ik mijn energie terug’

Kies je voor een andere teelt, omdat een allergie jou het leven zuur maakt? Voor paprikateler Daniël van den Burg was dat een no-go. Hij wilde van de allergie af en wel zo snel mogelijk. Dankzij de NAET-methode is hij nu al vier jaar vrij van symptomen en kreeg hij zijn energie terug.

Daniël van den Burg teelt op 2,3 ha groene paprika’s in Berkel en Rodenrijs. Dat doet hij inmiddels al zo’n twintig jaar en daar wil hij zo lang mogelijk mee doorgaan. Het plezier waarmee hij in zijn gewas werkte ging er behoorlijk vanaf toen hij rond zijn twintigste een allergie ontwikkelde. “Dat begon met kleine irritaties”, legt hij uit. “Als ik in de kas aan het werk was, kreeg ik al snel dikke ogen en last van mijn neus. Met een neusspray, zoals bij hooikoorts, hield ik me op de been.”

Hij hield stug vol, maar merkte dat hij onnatuurlijk vaak moe was. Dat brak hem op. Overstappen op een andere teelt wilde hij niet. Goede raad was duur. Via-via kreeg hij het adres van acupuncturist Jan Koppenberg in Leidschendam. Onder het motto ‘baat het niet, dan schaadt het niet’ nam hij eens poolshoogte. “Aanvankelijk geloofde ik er niet zo in, maar ik greep iedere mogelijkheid aan om ervan af te komen.”

Allergie Eliminatie Techniek

Koppenberg studeerde geneeskunde en volgde de opleiding tot huisarts. Na een opleiding tot acupuncturist en verdieping in kruidenkunde startte hij in 2003 een eigen praktijk. Daar beoefent hij acupunctuur en past de NAET-methode (Nambudripad’s Allergie Eliminatie Technieken) toe die is ontwikkeld in de jaren tachtig van de vorige eeuw in de VS. De behandelaar combineert daarbij elementen van TCM (Traditional Chinese Medicine), kinesologie (bewegingsleer) en chiropractie.

“Bij een allergie reageert het lichaam op een stof die in principe niet gevaarlijk is. Het lichaam is uit balans. Eigenlijk resetten we het lichaam, zodat het energiesysteem weer functioneert”, legt Koppenberg uit. Hoewel in dit geval paprika de veroorzaker leek te zijn, testte de behandelaar alle bekende stoffen waar mensen een allergische reactie voor kunnen ontwikkelen.

Acupressuurpunten

Die test bestaat uit het vasthouden van een capsule waarin zich de allergene stof bevindt. De patiënt moet met de capsule in zijn hand weerstand geven met zijn arm. Zodra er een stof tussen zit waarvoor hij gevoelig is, dan verliest hij zijn kracht. “Heel vreemd dat je arm op het ene moment heel sterk is en op het andere moment niet”, ervaarde Van den Burg.

De behandelaar vroeg aan de paprikateler ook plantendelen mee te brengen, zoals blad, bloem, vruchten en stengel. Na het testen van de algemene stoffen en capsules met plantendelen startte hij de behandeling. Deze bestond uit het vasthouden van capsules, waarna hij via acupressuurpunten de balans in het lichaam herstelde. De paprikateler mocht vervolgens 25 uur niet in contact komen met de desbetreffende stof, door deze niet te eten of in de kas te komen.

Resetten

Na een jaar van behandelingen gebeurde het ongelofelijke. Langzaamaan kon de paprikateler het gebruik van medicijnen afbouwen en weer probleemloos handelingen in het gewas doen. Van den Burg: “Ik geloofde eerst niet dat dit mogelijk was, maar ik kreeg mijn energie terug. Inmiddels vier jaar later is de allergie niet meer teruggekomen en doet hij zijn gewashandelingen weer met plezier. En het allerbelangrijkste: hij kreeg zijn energie weer terug. “Ik weet ook niet hoe je dit precies moet omschrijven. Noem het maar uitschakelen of resetten.”

Op herhaling hoeft hij niet. Van zijn excursiegroep kreeg hij de tip om zijn ervaring met anderen te delen. Het kan mensen die een allergie ontwikkelen voor dit gewas of met andere allergieën helpen. “En daar ben ik het helemaal mee eens”, stelt hij.

Tekst en beeld: Pieternel van Velden.

Gerelateerd

Evenwichtige plantbelasting lukt, maar de internodiën blijven te kort

Evenwichtige plantbelasting lukt, maar de internodiën blijven te kort

Als het lukt om in de winter tomaten te telen in Nederland dan moet dat toch ook kunnen met paprika’s? Tot op heden is het nog niet gelukt om jaarrond paprika’s te telen met behulp van belichting. Dit zou wel ten goede komen aan het rendement van de paprikateelt. Daarom is vol ingezet op belichtingsonderzoek, waarbij hybridebelichting en 100% LED’s aan elkaar worden gespiegeld. De resultaten maken paprikatelers nieuwsgierig.

Het belichtingsonderzoek met hybride belichting en 100% LED’s bij paprika doet veel stof opwaaien. Dat was te merken aan de grote opkomst tijdens een open middag in februari bij het Delphy Improvement Centre in Bleiswijk. Heel paprika telend Nederland wilde met eigen ogen de gewasontwikkeling aanschouwen bij een belichte winterteelt. Een maand later zijn de verschillen tussen de belichtingsstrategieën nog verder opgelopen. Genoeg stof tot discussie voor de begeleidingscommissie van telers en adviseurs die het onderzoek volgen.

Vier lichtbehandelingen

In het onderzoekscentrum zijn twee afdelingen van elk 150 m2 ingericht. Eén afdeling heeft een hybride belichtingsinstallatie met een vermogen van 80 µmol/m2/s SON-T en 120 µmol/m2/s LED’s. De andere afdeling heeft 200 µmol/m2/s LED topbelichting, die afschakelbaar is in dezelfde verhouding als de naastgelegen afdeling, dus 80/120.

In beide afdelingen zijn op de helft van de oppervlakte verrood modules opgehangen, die 20 µmol/m2/s toevoegen. Binnen het spectrum van SON-T-lampen is een klein aandeel verrood licht aanwezig, in LED-armaturen niet. Dus in de hybride-afdeling is het aandeel verrood in het spectrum hoger dan in de LED-afdeling.

Effect verrood licht

Bij het betreden van de afdelingen is meteen het lengteverschil zichtbaar, dat is ontstaan door de verschillende lichtrecepten. De LED-behandeling is het kortst gebleven, gevolgd door de hybride behandeling. Onder de verrood modules is het gewas duidelijk langer geworden. De combinatie hybride met verrood licht is het langst, als gevolg van meer strekking van de internodia. Dat heeft Sander Hogewoning van Plant Lighting eerder al voorspeld. Uit de proeven die hij in klimaatcellen heeft gedaan bleek al dat de lengte van de internodiën toenam bij verrood licht. Dit is nu bevestigd in deze paprikateelt waar kunstlicht samen gaat met natuurlijk licht.

Korte internodiën

Ondanks de toevoeging van verrood licht is het algemene beeld dat het gewas nog altijd erg kort blijft in vergelijking met onbelichte teelten in de praktijk. In deze kleine afdelingen speelt mee dat de lichttransmissie in de winterperiode lager is dan in de praktijk, waardoor het kunstlicht relatief nog meer invloed heeft op de plantengroei ten opzichte van het natuurlijk licht. Bovendien moet worden verneveld om de gewenste luchtvochtigheid te halen.

De korte internodiën maken het gewas moeilijk te bewerken. Het indraaien zonder breuk is lastig en de vruchten hangen dicht bij elkaar. Van de vier behandelingen vinden de telers alleen de hybride met verrood behandeling, die het beste strekt, redelijk werkbaar. Belangrijker is echter ook of het lukt om een evenwichtige plantbelasting en productie op te bouwen in een periode van afnemend en weer toenemend natuurlijk licht.

Plantbelasting

Bij deze proef is gekozen voor het rode ras Mavera. Inmiddels blijkt die keuze een goede, want het gewas reageert heel duidelijk op de verschillende belichtingsstrategieën. Ook staan er andere rassen in de afdeling. De rassen reageren verschillend, waaruit telers en adviseurs concluderen dat er ook nog veel valt te bereiken met rasontwikkeling voor belichte teelten.

De plantdatum is 21 september en de afstand is 7,1 stengels per m2. Gekozen is voor een tweestengelsysteem. Lang is geteeld met een etmaaltemperatuur van 23ºC en een nachttemperatuur van 20ºC. De plantbelasting is afgestemd op de gewasopbouw en het afnemende natuurlijke licht. Deze mocht oplopen tot 28 vruchten per m2. Tussen week 46 en 6 is deze vlak gehouden. Pas daarna mocht de plantbelasting weer toenemen. Door de lichte periode in februari is de zetting iets vlotter verlopen dan daarvoor. Regelmatig worden er vruchten weggenomen, zodat er geen pieken en golven ontstaan.

Productie

Vanaf week 47 is 18 uur per etmaal belicht. De eerste oogst kwam in week 47 op gang, negen weken na het planten. Drie weken lang liepen de producties bij de verschillende behandelingen gelijk op. Daarna begon de combinatie hybride belichting met verrood licht uit te lopen. Tot en met week 10 is daar 14 kg per m2 geoogst, terwijl de andere behandelingen ruim 2 kg per m2 achter lopen. Naast de hogere productie wordt ook constanter geoogst. Bij de andere behandelingen treden meer golfbewegingen in productie op. Kanttekening daarbij is dat er steeds eens per week werd geoogst. Deze frequentie is inmiddels verhoogd.

Het gemiddeld vruchtgewicht van de geoogste paprika’s is 210 gram. Gedurende de winterperiode is dit gewicht niet onder 200 gram geweest. De kwaliteit van het geoogste product is goed: nauwelijks misvormde vruchten en geen binnenrot.

Inmiddels is het voorjaar aangebroken. Boven 350 watt/m2 worden de SON-T-lampen afgeschakeld. Zodra dit gebeurt schakelt in de afdeling met 100% LED’s een vergelijkende hoeveelheid LED’s uit. Ook het verrood licht schakelt op dat moment af. Welk effect dit heeft op plantbelasting en productie moet in de komende periode blijken.

Juiste lichtstrategie

Het onderzoek smaakt naar meer. Nu al bespreekt de begeleidingscommissie het vervolg van dit onderzoek, maar dan in een grotere afdeling. Lastig wordt het om de juiste lichtstrategie te kiezen. Wordt het hybride en verrood of toch de combinatie van 100% LED’s en verrood?

Waarschijnlijk zal binnenkort bij Plant Lighting een twaalf weken durende proef met zes verschillende lichtspectra plaatsvinden. In zes klimaatcabines wordt het daglicht in de winter met zonlichtsimulatoren nagebootst en aangevuld met de verschillende LED-spectra. Afhankelijk van de uitslagen van deze korte proef en de bevindingen in het huidige onderzoek zal de begeleidingscommissie de meestbelovende optie kiezen. In ieder geval staat de toekomst centraal, waarbij energie besparen en fossielvrij telen stippen aan de horizon zijn. En niet onbelangrijk: met jaarrond produceren willen de telers het rendement van hun teelt flink opkrikken.

Het onderzoek valt binnen het programma Kas als Energiebron en is gefinancierd door het Ministerie van LNV en de gewascoöperatie Paprika, ondersteund door Signify. De proefleiding is in handen van Delphy Improvement Centre en de uitvoering gebeurt in samenwerking met Plant Lighting.

Samenvatting

Zoals voorspeld blijft het gewas in het LED-onderzoek bij paprika gedrongen, met korte internodiën. De behandelingen met verrood licht leveren de meeste strekking op. De behandeling met hybride belichting in combinatie met verrood licht produceert vrij gelijkmatig en ligt voor in productie. De kwaliteit van het geoogste product is goed.

Tekst en beeld: Pieternel van Velden.

Gerelateerd

Paprika oogstrobot in de race voor Techtransfer award

Paprika oogstrobot in de race voor Techtransfer award

Het internationale projectteam van het onderzoeksproject Sweeper werd onlangs geselecteerd als finalist van de Techtransfer award.

Het certificaat werd overhandigd tijdens het 10e European Robotics Forum 2019, dat plaatsvond van 20 tot 22 maart in Boekarest, Roemenië. Deze award wordt uitgereikt voor onderzoek dat met succes is doorontwikkeld tot een praktijktoepassing. Afgelopen zomer is de Sweeper uitgebreid getest in een commerciële kas en heeft de robot bewezen dat hij in staat is om volledig autonoom paprika’s te oogsten. De oogstexperimenten hebben aangetoond dat een zekere technologische ontwikkeling en een gewasaanpassing nodig zijn om het systeem te versnellen en gereed te maken voor commerciële exploitatie.

Naast een ingediend patent voor de grijper van de paprika oogstrobot, resulteerde het project ook in het spin-off bedrijf Saia Agrobotics, opgericht door twee collega’s van WUR. Een robotdemo wordt tijdens de GreenTech in Amsterdam van 11 tot 13 juni 2019 gepresenteerd op onze stand.

Tekst: Jochen Hemming.

Gerelateerd

Nog steeds te korte internodiën in belicht paprikagewas

Nog steeds te korte internodiën in belicht paprikagewas

Nog steeds is de strekking van het paprikagewas in de belichtingsproef bij het Delphy Improvement Centre in Bleiswijk onderwerp van discussie voor de leden van de begeleidingscommissie, zo meldt adviseur Jeroen Zwinkels van Delphy. Zelfs nu de planten al wekenlang van het toenemende natuurlijke licht kunnen profiteren neemt deze nog niet veel toe.

Vakblad Onder Glas deed in april 2019 verslag van het belichtingsonderzoek bij paprika met LED’s en hybride belichting, met daarin de productiecijfers tot en met week tien. Op dat moment was de productie bij de behandeling met hybride en verrood licht het hoogst, namelijk 14 kg per m2, waarbij de eerste oogst in week 47 plaats vond. Deze behandeling lag 2 kg per m2 voor op 100% LED met verrood, 100% LED en hybride belichting.
Zwinkels meldt dat het verschil nog steeds aanzienlijk is en in dezelfde verhouding ligt. Tot en met week 16 is de productie van de combinatie van hybride belichting met verrood licht 20 kg per m2. De andere productiecijfers zijn 16,8 kg per m2 bij 100% LED met verrood, 16,6 kg per m2 bij 100% LED en 16,8 kg per m2 bij hybride belichting.

Uitdagingen

“Er zijn zeker voldoende uitdagingen om het onderzoek voort te zetten in september”, legt hij uit. Het plan is om de proef uit te breiden van twee afdelingen van 150 m2 naar één afdeling van 1.000 m2. “De hele winter door was de lengte van de internodiën gemiddeld slechts 3 cm. De compacte groei zorgt er voor dat het gewas bijna niet is in te draaien. Ook clippen is bijna niet te doen.”
Een ander opvallend detail in de proef is de snelle veroudering van het blad. Bij metingen is gebleken dat de bladeren die 20 cm onder de kop zitten bijna geen assimilaten meer aanmaken. Dat is verontrustend. De adviseur hoopt dat er meer duidelijkheid komt waar de oorzaak van deze afwijkende groei ligt.
Voor de komende periode ligt de focus op meer groei, waarbij de zetting en het gemiddeld vruchtgewicht op hetzelfde niveau blijven. Er wordt dan minder belicht, waarbij de temperaturen weer wat omlaag gaan naar ‘normale’ instellingen. De proefnemers verwachten dat de strekking dan weer zal toenemen en de zetting volgens een onbelicht zettingspatroon gaat verlopen.
Het onderzoek valt binnen het programma Kas als Energiebron en is gefinancierd door het Ministerie van LNV en de gewascoöperatie Paprika, ondersteund door Signify. De proefleiding is in handen van Delphy Improvement Centre en de uitvoering gebeurt in samenwerking met Plant Lighting.

Tekst: Pieternel van Velden.

Gerelateerd

Teler wil 100% efficiënte oogstrobot, maar dat is nu nog niet haalbaar

Teler wil 100% efficiënte oogstrobot, maar dat is nu nog niet haalbaar

Moet een oogstrobot alle vruchten in de kas plukken? Voor de beantwoording van die vraag hangt het af hoe snel de paprika oogstrobot Sweeper voor de praktijk beschikbaar komt. Momenteel kan hij onder ideale omstandigheden krap 65% van alle vruchten aan de plant oogsten. Voor een betere prestatie moeten teeltsysteem en rassenkeuze naar de robot toe groeien.

In de industrie zijn robots heel gewoon. Voor transport, verwerking en gewasbehandeling (zoals spuiten) op tuinbouwbedrijven zijn er ook aardig wat modellen voorhanden. Maar oogsten is bij uitstek de lastigste klus voor een robot. “Weinig is voorspelbaar aan een tuinbouwgewas en het blijft niet op zijn plek wanneer je het aanraakt. De mens is daar beter voor uitgerust dan een robot”, zegt Jos Balendonck van Wageningen University & Research, coördinator van het project Sweeper, wat staat voor: Sweet Pepper Harvesting Robot.

Bol van innovaties

Maar geschikt personeel voor de tuinbouw is schaars, zeker waar het gaat om repeterend werk in hete en vochtige omstandigheden. “Telers vragen expliciet om automatisering van dat repetitieve werk. De oogst is overgebleven als grote uitdaging”, ziet Balendonck.

Een internationaal consortium heeft de afgelopen jaren gewerkt aan de ontwikkeling van een oogstrobot voor paprika. Met de keuze voor dit gewas hebben de partners bewust de uitdaging opgezocht, want bij dit gewas komen de vruchten in vluchten en hangen ze vaak verstopt in het dikke bladerpakket. “Tomaat en komkommer zijn eenvoudiger voor een robot”, erkent hij. “Sterker nog: twintig jaar geleden hadden we al een werkende oogstrobot voor komkommer. Maar de markt was daar toen nog niet op ingesteld. Nu is dat duidelijk anders. We hebben paprika gekozen om de benodigde technieken naar een veel hoger plan te tillen. De Sweeper staat werkelijk bol van de innovaties.”

Bionica

Belangrijke innovaties liggen op het gebied van het snijmechanisme, de detectie van de vruchten en de snelheid van handelen.
“Bij het snijden hebben we geleerd van hoe een mens dat aanpakt; dat heet bionica. De camera kan tegelijkertijd kleurbeelden en 3D-beelden genereren, dat is een belangrijke vooruitgang. Maar de informatie van de sensoren is nooit 100% accuraat, zeker niet als het gewas beweegt tijdens het snijden. Een mens lost dat op door min of meer op gevoel te snijden. De robot imiteert dat proces: hij schat in waar het steeltje zal zitten en beslist ter plekke waar te snijden. Daar zit een enorme innovatiestap”, vertelt Balendonck.

De robot wordt getraind door ‘deep learning’: de robot krijgt duizenden (gemodelleerde) situaties voorgeschoteld en leert daarvan hoe hij het snijmechanisme achter de vrucht krijgt en hoe hij bladeren kan omzeilen. Als er te veel blad voor de vrucht hangt, slaat hij die over.

Teeltsysteem aanpassen

Bij de detectie is de doorontwikkeling van de visiontechniek slechts een van de componenten. “Een heel slimme vinding is dat we de camera schuin omhoog naar de vruchten laten kijken. Dan omzeil je het probleem van te veel blad, dat het zicht op de vrucht belemmert. Bovendien kan de robot op deze manier beter de rijpheid beoordelen. Als het kontje van de paprika gekleurd is, is de vrucht oogstrijp”, vertelt de onderzoeker. De beoordeling van de kleur is altijd constant omdat de machine werkt met zeer fel flitslicht, feller dan zonlicht. Zo kan de robot altijd onder gestandaardiseerde omstandigheden ‘kijken’.

Als je de robot inzet in een gangbare praktijksituatie (zoals bij De Tuindershoek in IJsselmuiden, een van de projectpartners) weet hij 22% van de rijpe vruchten te oogsten. Als je blad plukt en de vruchtclusters uitdunt, loopt dat op tot 50%. De conclusie uit zulke testen is dat het beter is om het teeltsysteem aan te passen, namelijk naar een enkele rij met een korte plantafstand. De praktijk hanteert nu een dubbel rijsysteem. De helft van de vruchten hangt dan aan de voorkant en is in principe bereikbaar. De andere helft hangt aan de achterkant. Bij een enkele rij kan de robot de rij van beide kanten plukken. Wanneer je dan ook nog blad plukt en clusters dunt, loopt de prestatie op naar 65%.

Totaalconcept

Om die nog hoger te krijgen, moeten er stappen worden gezet op het gebied van rassenontwikkeling en teeltsysteem. Het Proefstation voor de Groenteteelt in Sint-Katelijne-Waver heeft zich beziggehouden met de formulering van eisen op dit terrein. De ideale paprika heeft een goede zichtbaarheid en benaderbaarheid door raseigenschappen als lange internodiën, weinig clustering, lange vruchtstelen, kleine bladeren, eventueel gecombineerd met teeltmaatregelen waaronder bladplukken en vrucht dunnen. Hoe meer de veredeling erin slaagt om robotgeschikte rassen te ontwikkelen, hoe minder handwerk er nodig zal zijn.

“Hoe hoog de efficiëntie zou moeten zijn, is onderwerp van discussie met de telers in de begeleidingsgroep. Zij zouden het liefst 100% zien, maar dat is nu niet bereikbaar. Op zijn minst moeten ras en teeltsysteem naar de robot toe groeien; dat zal nog enkele jaren duren. Maar voor de economische rentabiliteit moet je niet naar maximale prestaties kijken, maar naar een totaalconcept waarin robot en mens samenwerken. Dan kan het ook heel interessant zijn zonder dat je die 100% haalt”, zegt Balendonck. Het project eindigt op 1 november. De resterende tijd wordt gebruikt om de exploitatie door te rekenen.

Veel complimenten

De projectcoördinator ziet drie mogelijke vervolgtrajecten: “Als je mikt op (bijna) 100% prestatie, dan moeten veredelaars, teeltdeskundigen en robotdeskundigen de koppen bij elkaar steken. Dan is er over vijf jaar een oplossing. Een tweede traject is dat de fabrikant het huidige prototype doorontwikkelt tot marktintroductie. Dat duurt een stuk korter. Het derde traject is vertaling van alle deeltechnieken naar andere (gemakkelijker te oogsten) groenten; het gaat dan bijvoorbeeld om de sensing- en visiontechnieken en de aansturing van de plukarm.”

Afgelopen maanden is de robot twee keer gedemonstreerd, in IJsselmuiden en Sint-Katelijne-Waver. Balendonck: “De bezoekers waren onder de indruk van de vooruitgang en we kregen veel complimenten dat we het aandurfden hem live voor publiek te laten werken in plaats van een film te presenteren. De belangstelling vanuit het bedrijfsleven is groot.”

Het project Sweeper om een oogstrobot voor paprika’s te ontwikkelen, wordt gefinancierd door het onderzoeks- en innovatieprogramma Horizon 2020 van de Europese Unie. De ontwikkeling vindt plaats door een consortium van wetenschappelijke instituten en bedrijfsleven. De partners zijn: Wageningen University & Research, Proefstation voor de Groenteteelt, Umea University Zweden, Ben-Gurion University of the Negev Israel, Bogaerts Greenhouse Logistics, Irmato en De Tuindershoek.

Samenvatting

Eind van het jaar loopt het ontwikkelingstraject van de paprika-oogstrobot Sweeper af. De stand van zaken: onder gangbare praktijkomstandigheden oogst hij 22% van de rijpe vruchten. Bij een enkele-rij-systeem, blad plukken en vrucht dunnen loopt dat op tot 65%. Door andere rassen en teelt kan dat nog verder oplopen. De projectpartners staan voor de keuze: doorontwikkeling tot een veel betere prestatie of alvast een introductie in de praktijk.

Tekst: Tijs Kierkels. Foto’s: Project Sweeper.





Gerelateerd