Een aantal komkommeradviseurs slaan alarm, want op de bedrijven die zij bezoeken treffen zij alweer planten aan die aangetast zijn door het CABY-virus. Dit virus is onlosmakelijk verbonden met de aanwezigheid van luizen, die de ziekte overbrengen. In tegenstelling tot het komkommerbontvirus pluk je geen vruchten meer van een plant die besmet is met CABY, dus de schade is enorm.

Vorig jaar werden in verschillende gebieden in Nederland komkommergewassen aangetast door het CABY-virus, het Cucurbit Aphid-Borne Yellow virus. “We zagen het in heel Nederland”, vertelt Ewoud van der Ven van Delphy, “met het accent op Zuidoost-Nederland. Maar we vonden het ook in West-Brabant, in de Wieringermeer en Drenthe. Toch raakte niet ieder bedrijf besmet en dat is niet altijd te verklaren. Soms kwam het al mee met het plantmateriaal.”
Komkommerteler Dion van Mullekom van Multigrow in Grashoek zag bijvoorbeeld zijn productie vorig jaar flink teruglopen. Inmiddels is meer bekend over het virus, zoals de overdracht door luizen. In dit geval gaat het niet om de groene perzikluis, die momenteel in paprika huishoudt. Van de Ven: “We zien in komkommer vooral de katoenluis en de boterbloemluis, hoewel ik niet uitsluit dat er een verdwaalde perzikluis binnenvliegt. Soms zie je niet eens een luis, maar moet die er toch geweest zijn. En dat is verontrustend. Je moet er daarom vanuit gaan dat iedere invliegende luis besmet kan zijn met het virus. Kennelijk pikken ze dat op van besmette onkruiden.”

Ronde plekken

De adviseur beschrijft het schadebeeld, zoals hij dat zag op een Brabants bedrijf dat gaas heeft geïnstalleerd in de luchtramen. “Afgazen werkt. Toch hou je niet tegen dat er incidenteel een luis binnen komt, maar je voorkomt erger. Als je op een gewaswagen staat en over het gewas kijkt zie je een ronde plek van planten die zijn aangetast. Het is indrukwekkend om te zien hoe één luis toch een groot aantal planten kan aanprikken, want door gewaswerkzaamheden wordt het virus voor zover bekend niet verspreid.”

Luizen bestrijden

Preventief spuiten tegen luis heeft geen zin. De luis moet zuigen om het middel binnen te krijgen en brengt dan gelijk het virus over. Bovendien is het aantal beschikbare middelen te beperkt om hier het gewas het hele seizoen mee te beschermen. Luis bestrijden zodra er luis wordt waargenomen is wel zinvol. Je moet voorkomen dat er nieuwe gevleugelde luizen ontstaan. Met het recent tijdelijk toegelaten middel Verimark voorkom je dat luizen nog andere planten kunnen besmetten. Het middel mag tot 11 september twee keer toegepast worden en zou een redelijk lange nawerking hebben. Ook nadat luizen het middel Teppeki opgenomen hebben kunnen ze geen nieuwe planten meer aanprikken.

Biologische bestrijding

Het uitzetten van biologische bestrijders, die parasiteren op luis, draagt bij aan een lage luispopulatie. Deze insecten (veelal Aphidius Colemani, Aphidius Ervi en/of Aphidoletes aphidimyza ) zoeken heel de kas af op luis en parasiteren de luis of zuigen deze leeg. Vervolgens groeit de populatie van de goede biologie. Als er door CABY-virus aangetaste planten aanwezig zijn geldt er echter een nultolerantie voor luis in de kas.

Insectengaas

Verreweg de beste preventieve maatregel is om luizen te weren door middel van insectengaas. In afgegaasde kassen komt het virus niet of nauwelijks voor. Afgazen geldt nadrukkelijk ook voor de opkweek. Het risico om planten te krijgen waarvan een percentage ziek blijkt is te groot. Helaas is de kas afgazen niet voor iedere kas op korte termijn een oplossing. “De kosten voor insectengaas verdien je echter al snel terug als je hierdoor oogstderving sterk vermindert”, meent Van der Ven.
“Probeer de eerste luizen, die de kas binnenkomen weg te vangen door boven het gewas gele vanglinten op te hangen. Ook al vangen we misschien niet alle luizen weg, het zal de eerste aantasting zeker verlagen.
Vind je toch zieke planten, verwijder ze dan consequent. Er is dan geen infectiebron meer in de kas aanwezig. Dat werkte vorig jaar heel goed.”

Tekst: Pieternel van Velden