Minister Wiebes wil dat Energie Beheer Nederland (EBN) een actieve en risicodragende rol gaat spelen in aardwarmteprojecten. Om dit mogelijk te maken, verleent de minister van Economische Zaken en Klimaat EBN toestemming voor een periode van 5 jaar om aan nieuwe geothermieprojecten mee te doen. Voorwaarde hierbij is dat het maximaal benodigde kapitaal per project in totaal maximaal 50 miljoen euro bedraagt.

Na de periode van vijf jaar waarvoor Wiebes het bedrijf toestemming geeft om aan projecten deel te nemen, volgt een evaluatiemoment. De minister beslist vervolgens op basis van de opgedane ervaringen of financiële deelname aan aardwarmteprojecten van EBN nog steeds wenselijk en noodzakelijk is.

Sturen op kwaliteit

Wiebes is van mening dat de deelname van EBN als risicodragende partij noodzakelijk is om geothermieprojecten goed te kunnen sturen op kwaliteit. In een brief aan de Tweede Kamer schrijft de minister dat EBN alleen in die rol kan beschikken over alle relevante informatie. Zo kan het bedrijf gericht en geïnformeerd sturen op technische en financiële risicomitigatie en -beheersing, en meedelen in risico’s. Als de Nederlandse Staat op termijn wil afzien van deze wettelijke taak, wordt EBN verplicht om de gedane investeringen op de markt te verkopen.

Direct instappen

De inbreng van kennis en ervaring bij aardwarmteprojecten is vooral belangrijk in de opsporingsfase. In deze periode kan die kennis en ervaring namelijk leiden tot betere keuzes en verlaging van de risico’s die zich gedurende de rest van het project kunnen voordoen. Daarom is het volgens minister Wiebes belangrijk dat EBN al in de eerste fase van geothermieprojecten instapt.

Deelname tot 40%

Randvoorwaarde voor de instap van EBN bij projecten met geothermie, is dat deze projecten economisch rendabel zijn. Het vaststellen van het deelnamepercentage van het bedrijf dat de risico’s moet gaan dragen, is afhankelijk van drie factoren: de kapitaalbehoefte van de initiatiefnemer, gewenste zeggenschap van de aandeelhouder en de gewenste versnelling. Een inventarisatie onder partijen in de markt brengt aan het licht dat de bandbreedte qua mogelijk deelnamepercentage tussen de 20% en 40% ligt.

Wetswijziging

De constructie waarbij EBN risicodragend deelneemt aan een project bij energiewinning is niet nieuw; eenzelfde constructie is momenteel al actief in projecten voor olie- en gaswinning. Om hetzelfde concept ook mogelijk te maken binnen de geothermie, moet EBN een wettelijke taak krijgen op het gebied voor aardwarmte. Een wijziging van de Mijnbouwwet moet dit mogelijk maken.

Aparte administratie

Omdat de benodigde wijziging van de Mijnbouwwet pas op zijn vroegst in 2020 in werking kan treden, geeft de minister op grond van dezelfde wet toestemming aan EBN om zich bezig te houden met geothermie-activiteiten. EBN neemt voor eigen risico en rekening deel aan de projecten en houdt een aparte administratie bij van de kosten en baten van deze activiteiten. Hierdoor kan het de Tweede Kamer jaarlijks informeren over de resultaten van de geothermie-activiteiten.

Foto: Trias Westland.

Gerelateerd