In het Belastingplan voor volgend jaar is opgenomen dat de glastuinbouw in 2027 gecompenseerd wordt voor de meerkosten van de bijmengverplichting groen gas via een verlaging van de energiebelasting. Dit is conform eerdere afspraken om de sector in 2027 gemiddeld genomen volledig te compenseren voor de meerkosten van de bijmengverplichting groen gas. Dat schrijft staatssecretaris Erkens van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur aan de Tweede Kamer.
De compensatie voor glastuinders wordt gedekt uit de middelen die voor de glastuinbouw in 2027 al gereserveerd stonden in het inkomstenkader. Het kabinet heeft daarnaast besloten om bij het besluit over de herijking van het netto CO₂-tarief voor de glastuinbouw, naast het restemissiedoel van 4,3 megaton in 2030, ook een transitiepad richting 2040 te betrekken.
Aanzienlijke investeringen
Uiterlijk in het voorjaar van 2027 wordt besloten over de hoogte van de compensatie ETS2 opt-in en wordt bezien in welke vorm de compensatie voor de bijmengverplichting wordt doorgezet. Met het betrekken van het langetermijn-transitiepad wordt de sector voldoende zekerheid geboden voor de aanzienlijke investeringen die de transitie vergt, stelt Erkens.
Tegelijkertijd betekent dit, dat op dit moment nog niet voldaan is aan de voorwaarden die zijn gesteld voor de 200 miljoen die gereserveerd zijn in het Klimaat- en energiefonds voor verbetering van de randvoorwaarden voor de energietransitie van de glastuinbouw. Deze middelen worden daarom nog niet vrijgegeven, maar blijven gereserveerd staan.
Langetermijn-transitiepad
Het transitiepad waar het kabinet in het najaar van 2026 aan werkt, moet ondernemers houvast bieden voor de langere termijn en tevens richting geven aan besluitvorming over het klimaat- en energiebeleid dat ziet op de glastuinbouwsector. Het transitiepad omvat het langetermijnperspectief voor de sector, inclusief de rol van de WKK in de elektriciteitsvoorziening.
Op basis van het transitiepad beoogt het Rijk uiterlijk met voorjaarsbesluitvorming in 2027 duidelijkheid te geven over het niveau van de beprijzing en het instrumentenpakket voor de komende jaren. Hierbij zijn de bestaande budgettaire kaders conform de Meerjarennota 2027 leidend.
Handelingsopties beperkter
De handelingsopties voor tuinbouwondernemers om te verduurzamen blijken beperkter dan bij het opstellen van het Convenant Energietransitie Glastuinbouw 2022-2030 was beoogd. Voor warmte wordt in 2030 circa 21 petajoule verwacht. Dit bestaat uit ruim 12 petajoule aardwarmte, minder dan 4 petajoule industriële restwarmte en minder dan 6 petajoule uit biobrandstoffen en zon.
Dit is in totaal ruim minder dan de 30 petajoule die bij het opstellen van het convenant nodig werd geacht om het emissiereductiedoel voor 2030 te realiseren. Ook de beoogde 15 petajoule uit aardwarmte in 2030 is niet in bereik. Voor externe CO₂ ligt de aanpassing ten behoeve van de bioswap5 op koers. Desondanks is er in 2030 een realistisch potentieel van ongeveer 0,6 megaton en de in het convenant genoemde 2 megaton alternatieve CO₂ voorziening die nodig werd geacht voor het doel in 2030 is niet meer haalbaar.
Kas als Energiebron
Staatssecretaris Silvio Erkens wil in december 2026 maximaal 5,63 miljoen euro subsidie verlenen voor de voortzetting van het kennisverspreidingsproject van Kas als Energiebron. De subsidie heeft betrekking op de periode 2027 tot en met 2030. De bestaande aanpak wordt daarbij aangevuld met het systematisch volgen van innovatieprojecten uit de MEI-regeling, het toegankelijk maken van data en tools en telers met hun eigen bedrijfsgegevens te laten werken.












