De inzet van SalicylPuur is zeker een toevoeging op bestaande veelgebruikte middelen bij aardbeientrayplanten. Dat concludeert het team zachtfruit van Delphy na onderzoek waarbij verschillende teeltstrategieën zijn vergeleken. Tijdens de opkweek ligt het belangrijkste moment om de plantweerbaarheid te verhogen. 

In opdracht van het bedrijf PlantoSys hebben onderzoekers Vera Theelen en Bart Jongenelen verschillende manieren van geïntegreerde bestrijding (IPM) vergeleken met geen behandeling of een puur chemische aanpak. Het sluit aan bij eerder onderzoek om de plantweerbaarheid te verhogen.
In de inleiding van het rapport over de proeven schrijven de onderzoekers dat het noodzakelijk is te werken aan plantweerbaarheid: “Het gros van de sector heeft jaren geleund op een chemische aanpak. Een aanpak die vanaf 2020 niet toegepast kan worden met het huidige middelen aanbod.” Fenomenal en kaliumfosfiet zijn namelijk weggevallen, Paraat en Alliette mogen nog maar één keer per jaar ingezet worden.

Transitie

De onderzoekers: “We hebben daarom een eigen IPM-strategie ontwikkeld voor de trayplantenteelt, waarbij biostimulanten en Trichoderma gecombineerd worden met fungiciden. In de productieteelten is er de laatste jaren een transitie naar geïntegreerde bestrijding, inzet van biologische bestrijders en groene middelen, gecombineerd met passende chemische middelen. De doelstelling van dit project is deze transitie door te zetten naar de opkweek van trayplanten.”
In 2019 voerden ze op onderzoekslocatie Berry Plaza een eerste verkenning uit naar een systeemaanpak. In 2020 zijn verschillende strategieën bij de trayplanten uitgeprobeerd. Die planten zijn vervolgens dit jaar in de kas tot productie gebracht.
De strategieën waren: puur chemisch, onbehandeld, Delphy-IPM en drie behandelingen waarbij producten van PlantoSys ingepast werden, te weten SalicylPuur (wilgenbastextract), Nutricin (idem, gecombineerd met silicium, zeewierextract en aminozuren) en ArgicinPlus (biostimulant).

Op het oog

Tijdens de opkweek op het trayveld waren er over de hele linie op het oog maar weinig planten met een infectie van Phytophthora cactorum. En dat bij een kwetsbaar ras (Sonata) terwijl de onderzoekers zorgden voor een hoge infectiedruk. De planten behandeld met SalicylPuur in combinatie met chemie en Nutricin waren mooi donkergroen en hadden goed ontwikkelde wortels. Ze scoorden net zo goed of beter dan een puur chemische aanpak (= acht fungicidenbehandelingen). De eigen IPM-strategie van het onderzoeks- en adviesbedrijf en een behandeling met alleen het wilgenbastextract (zonder chemie) scoorden net iets lager.
Om infectie met Phytophthora op te sporen, sneden de onderzoekers de planten door. Onbehandeld vertoonde de meeste infecties. De andere behandelingen scoorden even goed als chemisch, met uitzondering van de Nutricin-behandeling.

Plantweerbaarheid versterken kan alleen tijdens opkweek

Na uitplanten in de kas bleek dat de veldwaarnemingen bij de trayplanten niet alles zeggen. Naarmate de teelt vorderde, groeiden de verschillen. Van planten die op het trayveld onbehandeld waren gebleven, viel de helft weg. De beste gewasontwikkeling was te zien bij de planten die op het trayveld een combinatie van het wilgenbastextract en fungiciden hadden gekregen. In vergelijking met een puur chemische aanpak was het aantal behandelingen met fungiciden hier de helft. Deze behandeling scoorde ook het beste qua productie. De biostimulanten zonder chemie scoorden een stuk minder. Chemisch en Delphy-IPM zaten daar tussenin.
Nabehandeling met biostimulanten in de productieteelt had weinig effect. De conclusie is dan ook dat het in de opkweek moet gebeuren: dan kun je de plantweerbaarheid versterken. Tijdens de productie lukt dat nauwelijks meer.

Grenzen opgezocht

De onderzoekers wijzen erop dat ze de grenzen opgezocht hebben om de strategieën goed uit te testen. Ze hadden daarom te maken met hogere uitvalpercentages dan in de praktijk gebruikelijk. Maar dat was juist nodig om de verschillen tussen de behandelingen goed uit te laten komen.
Opvallend is dat beoordeling van de trayplanten op het oog, vóór het inpakken, niet zo veel zegt over de prestatie tijdens de teelt. Het kan alleen maar een indicatie zijn.
De duidelijke conclusie van deze proeven is dat de combinatie van het wilgenbastextract met een aantal fungicidenbehandelingen de productie verhoogt en de uitval verlaagt. Ten opzichte van een puur chemische benadering is de fungicideninzet de helft. Dat getal is overigens vergelijkbaar met de eigen IPM-strategie van het onderzoeks- en adviesbedrijf, maar die is verder totaal anders ingevuld met Trianum, Serenade en Root&Shoot.

Tekst: Tijs Kierkels, beeld Wilma Slegers