Wageningen University & Research heeft van het programma Kas als Energiebron opdracht gekregen om de opties voor energie-efficiënte kasluchtontvochtiging in koude teelten in kaart te brengen. Onder leiding van onderzoeker Feije de Zwart wordt van mei tot oktober een literatuurstudie uitgevoerd naar de technische mogelijkheden en hun besparingspotentieel.

Het verlagen van de absolute vochtigheid van kaslucht bij gesloten luchtramen houdt warmte en CO2 langer beschikbaar voor het gewas. Voor energie-intensieve teelten, die het kassenareaal sinds jaar en dag domineren, zijn in dat verband al tal van opties ontwikkeld, onderzocht en geïmplementeerd. In teelten die jaarrond beduidend minder energie-input vragen, zoals aardbeien, freesia en radijs, is het besparingspotentieel van ontvochtiging met gesloten luchtramen stukken kleiner.

Grote opgave, ook voor koude teelten

“Dat wil niet zeggen dat het geen aandacht behoeft, want álle glastuinbouwbedrijven staan voor de opgave om zowel het fossiele brandstofverbruik als de CO2-emissie flink te verlagen”, zegt Robert Solleveld, Themaspecialist Energie & Digitalisering bij Glastuinbouw Nederland. “Bovendien zijn de energieprijzen in korte tijd sterk gestegen en is het nu ook voor bedrijven met lichte stookteelten belangrijk om te weten hoe zij kunnen besparen. Om die reden hebben wij Wageningen UR gevraagd om daarvoor een projectvoorstel in te dienen. Het gaat in eerste instantie om een verkenning.”

Technische opties verkennen

Dat voorstel is inmiddels beoordeeld en goedgekeurd. Het wordt gefinancierd vanuit programma Kas als Energiebron Over enkele weken beginnen energiespecialist Feije de Zwart en zijn collega’s met de inventarisatie van de technische opties en hun besparingspotentieel. Afhankelijk van de gehanteerde energieprijzen geven die (teeltgerelateerde) besparingen een globale indruk van de investeringsruimte die telers hebben om de desbetreffende optie in huis te halen.

Condensatie en absorptie

Feije de Zwart: “In elk geval moten we denken aan kleinere en minder complexe installaties dan we gewend zijn vanuit de zware stookteelten. Omdat de temperatuurverschillen tussen kas- en buitenlucht structureel kleiner zijn, is ook het besparingspotentieel per vierkante meter veel lager. Een extra handicap is bovendien dat er door de lage kasluchttemperatuur domweg minder vocht in een kuub kaslucht zit, waardoor die er moeilijker uit te halen is. Na afloop van deze studie kunnen we precies aangeven hoe dit allemaal uitpakt en welke technieken hierbij kunnen helpen.”
Naast opties voor warmtewisselaars op basis van condensatie aan een koud oppervlak worden ook minder bekende systemen bekeken, zoals hygroscopische ontvochtiging (‘vochtvreters’). “Maar ook die systemen gebruiken energie om het hygroscopische medium te regenereren”, merkt De Zwart op.

Beperkt potentieel

Vanwege het lage basisverbruik in energie-extensieve teelten blijft de investeringsruimte echter klein. “Desondanks zullen we inventariseren wat de huidige installatietechniek te bieden heeft en hoever we daarmee kunnen komen.”, zegt de onderzoeker. “De industrie zit niet stil, dus hopelijk kunnen we daar in het najaar meer over melden.”

Tekst: Jan van Staalduinen, beeld: Fotostudio G.J. Vlekke