De ontwikkelingen in autonoom telen en AI-gestuurde systemen gaan momenteel razendsnel in de glastuinbouw. Studenten aan de tuinbouwopleidingen zijn buitengewoon geïnteresseerd in deze innovatieve manier van telen en kiezen vaak stageplaatsen waarin ze met AI aan de slag kunnen. “Onze tuinbouwopleiding groeit met deze ontwikkeling mee dankzij de flexibele opzet van het studieprogramma”, vertelt docent Alex van Klink.

De opkomst van autonoom telen en kunstmatige intelligentie (AI) in de glastuinbouw zijn niet te stuiten. Dat ontgaat ook leergierige studenten van de tuinbouwopleidingen niet. Wat betekent de interesse van deze jongeren als aankomende lichting telers voor de opleidingen en voor de tuinbouw in het algemeen? We vragen het aan tuinbouwdocent Alex van Klink van HAS green academy in Den Bosch.

Is de huidige lichting studenten erg geïnteresseerd in autonoom telen?

“Jazeker. Onze studenten vinden technische vernieuwing en innovatie over het algemeen interessant. Daarnaast zien ze autonoom telen als de manier om de uitdagingen waar de glastuinbouw voor staat mee aan te pakken. Denk vooral aan verduurzaming van de teelt en het oplossen van een tekort aan geschoold personeel. Met autonome teeltsystemen kan een teler immers een groter areaal managen. Dat spreekt hen aan. Ze zien er grote voordelen in.”

Weet jullie opleiding zich snel genoeg aan te passen aan de recente ontwikkelingen?

“De basis van het curriculum betreft onderwerpen als plantkunde en bedrijfskunde, die veranderen niet zozeer. Maar het programma biedt ook de flexibiliteit om actuele ontwikkelingen in bijvoorbeeld digitalisering en plantgezondheid ruimte te geven. De ontwikkelingen gaan zo snel dat we de studenten de ruimte geven om zelf hun kennis hierin te verdiepen.”

Hoe gebeurt dat?

“Dat gebeurt vooral in jaar 3 en 4 met de stages en het afstuderen. Maar ook in het tweede jaar al worden bedrijven uitgenodigd om gastcolleges te geven over de nieuwste ontwikkelingen in de sector. De studenten moeten dat zelf ook organiseren. Daarnaast staan er altijd diverse excursies naar teeltbedrijven op het programma. In jaar 2 zijn we gestart met het werken in LetsGrow om de studenten te leren werken met digitale tools”

Kiezen veel studenten voor een stage in autonoom telen?

“Dat zien we inderdaad steeds vaker gebeuren. Tijdens hun stage van 20 weken op een teeltbedrijf moeten ze bijvoorbeeld de instellingen in de klimaatcomputer inrichten op basis van het autonome telen. Daar ziet deze nieuwe generatie telers veel voordeel in. Op die manier hoef je minder tijd te besteden aan het instellen van de computer en houd je meer tijd over voor het denkwerk in dienst van het bedrijf.”

Zijn er genoeg goede stageplekken beschikbaar?

“Meer dan voldoende, zeker in Nederland. Ik zou het juist willen omdraaien. We komen als sector studenten en young professionals tekort. Het bedrijfsleven zit te springen om onze studenten.”

Wat is het effect voor de sector als geheel?

“Dankzij de bijdrage van onze studenten kan een teeltbedrijf vol gas door met een goed ingerichte klimaatcomputer. Doordat zoveel studenten werk maken van autonoom telen ontwikkelt de kennis bij teeltbedrijven hierin ook sneller. Dat gaat de sector zeker helpen. Daar komt bij dat ze in hun vierde jaar vaak een afstudeerproject kiezen in deze richting. Ze gaan dan aan de slag met een vraag vanuit het bedrijfsleven op het gebied van autonoom telen en AI.”

Hoe kun je als docent de studenten bijbenen?

“Door de ontwikkelingen goed te volgen, via vakbladen, het bezoeken van kennisevents en beurzen en via mijn netwerk. Wij leren op dit punt ook wel van de dingen die vierdejaarsstudenten inbrengen. Wat zij hebben opgepikt in de praktijk brengt ons als opleiding en als docent ook weer verder. Maar het is van belang om zelf goed bij te blijven, zodat je een sparringpartner kunt blijven voor je studenten tijdens hun afstudeerproject en ze goed kan coachen.”

Krijgt de opleiding door deze ontwikkeling ook meer studenten binnen?

“De aantallen studenten aan zowel onze Nederlandstalige als Engelstalige opleiding zijn al jaren stabiel. Wij leiden de telers van de toekomst op, onze studenten hebben vaak een tuinbouwachtergrond. Ze zijn opgegroeid op een teeltbedrijf of deden er al vakantiewerk in. Dit geldt niet voor alle studenten: de groep studenten die geïnteresseerd is in plantenteelt en daarom de opleiding gaat doen groeit gestaag.”

Tekst: Koen van Wijk