De markt voor Nederlandse viburnum groeit vooral buiten Europa. Dichtbij huis stabiliseert de afzet. Dat merkt Pieter Wijfjes, eigenaar van kwekerij Wijfjes in Vrouwenakker, ook. “Vorige week nog verkochten we 4.000 stelen voor een bruiloft in India. Dat zijn leuke opdrachten.” Van januari tot mei trekt hij de heesters onder glas in bloei.

Nederlandse viburnum is over de hele wereld zeer populair. Als één van de weinige landen kunnen we ze van januari tot mei aanbieden, terwijl ze van nature pas in mei bloeien. Telers halen de heesters vanaf december partij voor partij van het containerveld, om ze in een verwarmde kas tot bloei te forceren. De eerste weken doen ze daar zo’n vijf weken over, tegen het eind van het seizoen komen ze al na drie weken in bloei.

Meer tweekoppers dan we hoopten

Dit jaar valt het aantal vierkoppers tegen, zegt Pieter Wijfjes. “Door het natte en warme najaar is het aandeel vierkoppers zo’n 15 procent minder dan normaal. Viburnum heeft kou en droogte nodig voordat ze naar binnen gaan, om daar gelijkmatig en rijkelijk in bloei te komen. Ze maken nu wel voldoende lengte, maar we hebben meer tweekoppers dan we hoopten. En die brengen natuurlijk minder op.”
De teler gaat ervan uit dat het percentage vierkoppers richting het einde van het seizoen nog zal toenemen. Ze worden voorlopig ieder geval goed betaald, nu er wat minder aanbod van is. Ook andere telers hebben er immers last van.

Belichting niet rendabel

Het natte najaar heeft niet tot een hogere ziektedruk geleid. “Viburnum heeft sowieso weinig last van ziekten en plagen. Spint en zwarte luis komen sporadisch voor. Bladluis wat meer, maar daar doen lieveheersbeestje zich tegoed aan. We hoeven daar zelf weinig tegen te doen,” zegt de teler.
In de kas brengt een gasketel de temperatuur naar ongeveer 23 graden. Belichten doet Wijfjes niet. “Een enkele teler doet dat wel. Daardoor komen ze hooguit drie dagen eerder in bloei, maar het verbetert vooral de kwaliteit. Voor ons is investeren in belichting niet rendabel, dat zou ik alleen doen als we de lampen ook voor andere teelten konden gebruiken.”

Verschil maken met kwaliteit

Concurrentie op assortiment is er niet bij viburnum. Er is maar één soort en die is niet veredelbaar. Dat maakt het overzichtelijk, maar betekent ook dat telers onderling vooral het verschil moeten maken met kwaliteit. “En die heb je lang niet altijd zelf in de hand. Het weer is voor een groot deel bepalend. Vorig jaar hadden we een warm voorjaar. Daardoor liepen de heesters moeilijker uit en bleven ze korter. Nu halen we met gemak lengtes van een meter, maar zitten er minder bloemen op. Het weer bepaalt wanneer de eindstreep valt. We streven ernaar tot Moederdag door te kunnen oogsten, maar dat lukt niet altijd.”

Meer naar verre bestemmingen

Voor alle sorteringen is er wel een afnemer. De lange stelen komen doorgaans in het trouw- en evenementensegment terecht. Stelen van 50-60 centimeter doen het goed in boeketten bij de vakhandel. Voor de afzet maakt de teler gebruik van de klok en vaste lijnen. Ongeveer de helft gaat naar de klok. “De klokprijzen zijn best goed tot nu toe en bij de bemiddeling is de vraag prima. We merken dat viburnum in Europa over het hoogtepunt heen is. De afzet is gestabiliseerd. Maar buiten Europa groeit de markt nog steeds. Onze bloemen gaan steeds vaker naar verre bestemmingen als India, China en de Verenigde Staten.”

Tekst: Astrid Zoumpoulis