Bij trostomatenteler Vereijken Kwekerijen breidt het autonoom telen als een inktvlek uit over het bedrijf. Zes van de zeven locaties werken er inmiddels mee en de laatste maakt komende winter de overstap. De klimaatbeheersing wordt zoveel mogelijk autonoom aangestuurd, mede op basis van data uit diverse meetsensoren. Eric Vereijken: “Ik denk dat we erin geslaagd zijn alle teeltmanagers hierin mee te krijgen. Ze krijgen het in de vingers via cursussen en veel overleg.”
Vereijken levert jaarrond trostomaten vanuit belichte en onbelichte teelt. Het bedrijf telt vijftien afdelingen in Noord-Brabant, Limburg en Zuid-Holland, waarvan de eerste teelt in juli start en de laatste eind december. In 2023 startte Vereijken op locatie Someren-1 met het in grote mate autonoom aansturen van de teelt, met Het Nieuwe Telen als uitgangspunt. Een jaar later werd in de andere kas van deze locatie dezelfde stap gezet. Dit jaar schakelden de meeste andere locaties over op het gebruik van autonoom telen. Vereijken doet dit met inzet van de IIVO-klimaatcomputer, waarin diverse modules beschikbaar zijn.
Bandbreedtes
“We sturen het kasklimaat aan op basis van algoritmes, via de modules voor vochtregulatie en temperatuur. Daarnaast kunnen we ook de module voor het schermen gebruiken”, vertelt eigenaar Vereijken. De teeltmanagers geven de bandbreedtes aan, vervolgens zoekt de computer de juiste acties om binnen die waarden te blijven. Om autonoom telen in praktijk te brengen zijn extra sensoren in de kas aangebracht, voor het meten van onder meer de situatie boven het gewas, de temperatuur van de plantkop, het verschil tussen in- en uitstraling, de PAR en verschillen in RV.
Training medewerkers
Werken met autonoom telen vraagt veel nieuwe kennis van de medewerkers, geeft Vereijken aan. De start lag bij een van de teeltmanagers, Stefan Biemans, die daarna de anderen meenam. “We hebben gekozen voor een geleidelijke uitrol. De mensen moeten eraan toe zijn. Twee locaties lopen voorop, dit jaar zijn er drie locaties bij gekomen die de eerste stappen zetten en een zesde is nu in opstart”, vertelt hij. Het autonoom telen wordt begeleid door Hoogendoorn Growth Management, de leverancier van de klimaatcomputers.
Ondanks de strategie van de geleidelijke uitrol en de teeltmanagers de ruimte geven om te wennen, is het snel gegaan. Vereijken: “We zijn erin geslaagd iedereen mee te krijgen. Teeltmanagers krijgen de beginselen mee via een cursus van de computerleverancier, waarin je leert hoe je autonoom telen toepast. Daarbij gaat het om de waardes die je moet invullen, hoe je dit doet, wat je er mee wilt bereiken.” Vervolgens gaat het om controleren wat de computer doet. “Teeltmanagers hebben bij ons wekelijks overleg met elkaar en ook de toeleverancier blijft beschikbaar voor advies. Er wordt hier voortdurend informatie gedeeld en overlegd met elkaar.”
Doelen
Autonoom telen moet telers werk uit handen nemen en het maken van menselijke fouten zoveel mogelijk uitsluiten. De computer kan veel vaker kleine aanpassingen doen bij kleine schommelingen in het weer, waar een mens er niet altijd aan toe komt, vooral ’s avonds.
Vereijken: “Het is niet zo moeilijk als het weer altijd hetzelfde blijft, maar dat is in de praktijk niet zo en dan moet je toch weer dingen aanpassen. Dat doet de computer nu veel meer zelf, dat voorkomt menselijke fouten. Hij blijkt het gewoon goed te doen, hij corrigeert op de goede manier. Voor ons is het is vooral controleren. En telkens weer zie je: hé hij doet het goed, zelf zou ik het ook zo gedaan hebben.”
Productieverhoging
Uiteindelijk hoop je als teler dat dit systeem hogere producties oplevert. Dat effect is voor Vereijken nu nog niet duidelijk te zien. “Dat is moeilijk te verbeteren, omdat je er al heel kort op zit, met heel veel teeltkennis in huis. In Nederland ligt de lat op dat punt al heel hoog, in bepaalde andere landen zou je hier veel meer winst kunnen behalen. Wel helpt het om minder fouten te maken en meer tijd over te houden om andere dingen te kunnen doen”, verklaart hij.
“Het werken met AI wordt steeds vertrouwder voor onze mensen. Straks gaan we er proberen meer uit te halen, door andere modules in te zetten bijvoorbeeld. Maar we moeten er voor waken de instellingen niet te veel af te bakenen. We moeten de klimaatcomputer ruimte geven binnen de ingestelde bandbreedtes, om ruimte te geven in de te nemen acties.”
Module voor watergift
De locatie Someren-1, waar het langst ervaring is met autonoom telen, is inmiddels ook toe aan het werken met de Aqua Balance-module voor de watergift. Vereijken: “Die module bepaalt de start- en eindtijd van de watergift. Aan het einde van een dag, voordat de zon ondergaat, moet je stoppen met watergeven en beginnen met interen van de substraatmat. Maar wat daarvoor het optimale moment is, kan verschillen. De computer kan dat van dag tot dag beter berekenen dan wijzelf.”
Het ideaal is dat de intering van de mat in de nacht nagenoeg elk etmaal hetzelfde verloopt. Dat zorgt ervoor dat je de volgende ochtend als het licht wordt altijd dezelfde, juiste condities hebt. “Dan start je nooit te nat of te droog, wat in de praktijk wel kan voorkomen.”
Tekst: Koen van Wijk










