Hoewel we nu al anderhalf jaar in de ban zijn van een lastig humaan virus vraag ik deze keer jullie aandacht voor plantenvirussen, een toenemend probleem. Ik hoor het overal om me heen. De zorgen van groentetelers, of het nu om quarantaineorganismen gaat of virussen die productie en kwaliteit bedreigen. Nu ik in de wereld van de zaden ben beland, is preventie een absolute voorwaarde bij de productie. Dus al snel vragen telers aan mij: “Hoe doen jullie het?”

Om eerlijk te zijn. Het is hier net Fort Knox. Ik vertelde al eerder over gaas in de luchtramen als eerste maatregel om plaagdieren buiten te houden. Maar het gaat veel verder. Mobieltjes, oortjes, ze komen er niet in. Iedereen iedere dag schone bedrijfskleding is vanzelfsprekend. Daar schrikken sommige telers best van. Je hoort ze denken: “Dit gaat wel heel ver. Dat lukt me nooit!”

Ik ben de laatste die moet zeggen hoe je dat op een teeltbedrijf moet aanpakken. Alle maatregelen zijn immers preventief en we zijn allemaal kwetsbaar. Maar nadenken over dit onderwerp, daar ontkomt niemand aan. Het gaat er niet om of iets niet kan, maar of je wilt ‘omdenken’.
Controleren of je personeel iedere dag schone kleding aantrekt is niet afdoende. Speciale bedrijfskleding aanschaffen en een wasmachine neerzetten wel. Te lastig, te duur? Wat kost het om vroegtijdig je teelt te moeten wisselen met de nodige oogstderving? Soms gaat het over relatief kleine dingen. Het begint weer warm te worden en de petjes van vorig jaar komen uit de achterbak van de auto. Hoeveel moeite is het om een voorraad nieuwe petjes klaar te zetten?

Het doorvoeren van extra hygiënemaatregelen vergt discipline van jou als ondernemer en je team, want een besmetting is een heftig probleem als het jouw bedrijf treft. Het virus lacht je uit als je halve maatregelen treft. En mensen motiveren om mee te doen valt niet mee, maar het is niet onmogelijk. We dragen nu toch met z’n allen een mondkapje als we boodschappen gaan doen. Dat kon eerst toch ook niet?

Maikel van den Berg, zaadteler in Bleiswijk