De bouw van de biomassacentrale in tuinbouwgebied NEXTgarden nadert zijn afronding. Hederateler Pim Rikken in Bergerden hoopt uiterlijk in juli warmte te kunnen betrekken van de centrale. Dit geeft de teler meer grip op zijn energiekosten én stelt hem in staat om nagenoeg fossielvrij te telen. Rikken verwacht dat dit een meerwaarde zal hebben in de afzet.

Het gebied in de gemeente Lingewaard wil het eerste klimaatneutrale glastuinbouwgebied van ons land worden. Binnenkort wordt wat dit betreft een forse stap voorwaarts gezet, met de ingebruikname van een biomassacentrale met WKK. Het bedrijf HoSt, dat zich richt op de technologische ontwikkeling van afval naar energiesystemen, investeert in de installatie en gaat de warmte en vrijkomende CO2 leveren aan de telers in het gebied. Op deze manier kan worden voorzien in 70 tot 80% van de warmtebehoefte van de bedrijven in dit tuinbouwgebied.

Niet fair

Nu betrekken de telers nog warmte van een warmtenet, dat voornamelijk wordt ‘gevoed’ met aardgas uit Groningen. “Hoewel sommigen daar anders over denken, ben ik van mening dat we met de ingebruikname van de biomassacentrale forse duurzaamheidswinst boeken”, zegt Pim Rikken, die hedera’s teelt op een oppervlakte van 3,3 ha. “HoSt heeft namelijk een contract afgesloten met Staatsbosbeheer voor de verbranding van afvalhout uit de directe omgeving. Er worden dus geen bomen gekapt voor dit project. Daarbij komt de CO2 ook vrij wanneer dit afvalhout wegrot. Wanneer wij deze kunnen inzetten op onze tuinbouwbedrijven boeken we dus alleen maar milieuwinst.”
Het stuit de teler behoorlijk tegen de borst dat er momenteel zoveel discussie is over het verstoken van houtige biomassa. “Eerst eist de overheid dat we stoppen met de inzet van gas en vervolgens wordt moeilijk gedaan over de alternatieven waarmee ondernemers aan de slag gaan. Dat is niet fair.”

Zekerheid over energieprijs

Door afname van warmte van de biomassacentrale kan Rikken straks bijna volledig fossielvrij telen. “Alleen op piekmomenten moet de gasketel misschien nog aan. En mijn elektriciteitsbehoefte vul ik al duurzaam in, door middel van de zonnepanelen die ik vorig jaar heb aangeschaft. Aan de biomassa-installatie wordt overigens ook een bio-WKK gekoppeld, die 3 MW aan duurzame stroom levert. Maar daar maak ik dus geen gebruik van.”
De inzet van biomassa-warmte biedt de teler, die nu 15 m³ gas per vierkante meter verstookt, meer zekerheid over en grip op zijn energiekosten. “De kosten voor gas zullen de komende jaren ongetwijfeld verder omhooggaan, vanwege de stijging van de CO2-emissierechten. Met de eigenaar van de installatie hebben we daarentegen vaste prijsafspraken kunnen maken, voor meerdere jaren. Ik heb dus zekerheid over mijn energieprijs voor de komende jaren. Dat geeft rust.”

Fossielvrij de enige weg

Rikken verwacht dat het feit dat hij straks nagenoeg fossielvrij teelt ook een meerwaarde zal hebben in de afzet. “Klanten stellen dit nog niet als eis, maar zijn wel steeds meer bezig met de footprint van een product. Het is nog niet zo dat ze hier een hogere prijs voor willen betalen, maar zeker bij de retail en bij grote tuincentra geeft je dit als leverancier wel een streepje voor. Ze zullen eerder voor jou kiezen dan voor een teler die niet energieneutraal werkt. Om die reden is fossielvrij de enige weg.”

Verdere optimalisatie

Ondanks de winst die nu wordt geboekt, hoopt de teler zijn energievoorziening in de toekomst nog verder te kunnen optimaliseren. “De techniek ontwikkelt zich in een dusdanig rap tempo dat het heel waarschijnlijk is dat er over tien tot vijftien jaar weer betere en duurzamere warmtetechnieken beschikbaar zullen zijn. Als tuinbouwgebied kijken we bijvoorbeeld al naar de mogelijkheden voor de opslag van hoge temperatuurwarmte. Maar als de boringstechnieken verbeteren, komt ook aardwarmte op termijn wellicht in beeld. Kortom: met de biomassacentrale zetten we stappen voorwaarts, maar dit is zeker niet het eindstation.”

Tekst: Ank van Lier, beeld: Vidiphoto