Rick van Wijk en Peter Zwinkels werken sinds 2,5 jaar samen in een vennootschap onder firma met als doel dat Van Wijk cymbidiumkwekerij Peet Zwink in De Lier overneemt. Inmiddels verschuift zijn rol steeds meer van werknemer naar ondernemer. Dat betekent leren vooruitkijken, keuzes maken over de teelt en nadenken over nieuwe afzetmarkten. “Je moet uitzoomen en verder kijken.”

Opvolging in de cymbidiumteelt is geen vanzelfsprekendheid. Peter Zwinkels is dan ook blij met een opvolger als Rick van Wijk. Hij vertelt dat hij het steeds een beetje rustiger aan doet op het bedrijf. “Ik denk dat de positie van Rick de afgelopen tijd is veranderd. Waar hij voorheen meer achter mij stond, moet hij nu voor mij gaan staan. Ik geef hem bewust die ruimte, door geleidelijk afstand te nemen van de kwekerij. Dat is nodig om Rick uiteindelijk echt de verantwoordelijkheid te geven.”

Andere manier van denken

Een van de grootste uitdagingen van het ondernemerschap is volgens Van Wijk een andere manier van denken. “Het heeft bij mij wel even geduurd voordat ik de dingen niet meer als werknemer maar als ondernemer ben gaan benaderen. Vooral het vooruit denken vind ik lastig. Soms zit ik heel erg in het nu, in deze week. Terwijl je moet uitzoomen en verder moet kijken. Dat betekent dat je nu al moet nadenken over welke soorten je over een paar jaar wil gaan telen, hoe het energieplaatje eruitziet, de arbeidsinvulling en de afzet van de cymbidiums.”
Een overnameproces kost tijd, aldus Zwinkels. “We zijn dit traject vijf à zes jaar geleden gestart, maar die tijd heb je echt nodig. Wat ik als leuk heb ervaren, is dat wanneer je een jonge jongen als Rick opleidt, je bewust wordt van hoeveel ervaring je in al die jaren hebt opgebouwd. Dat is ook een valkuil, want je moet je er constant van bewust zijn dat Rick in een andere fase zit. Maar we hebben een fijne samenwerking, hebben veel aan elkaar en kunnen goed met elkaar opschieten.”

Eventueel verder groeien

Zwinkels richtte de 1,5 ha grote cymbidiumkwekerij 35 jaar geleden op. Van Wijk zou op termijn mogelijk in omvang willen groeien, maar wil er eerst voor zorgen dat het bedrijf onder zijn leiding goed op de rit staat. “Je moet met name arbeid goed organiseren, anders loop je jezelf voorbij.”
Sinds een jaar werkt ook een vriend van hem in de kwekerij. Die doorloopt een leerproces met het oog op een mogelijke toekomstige rol binnen de onderneming. “Daarmee ontstaat tegelijk meer ruimte om later eventueel verder te groeien”, aldus Van Wijk.
Zwinkels vult aan: “In principe handel ik de bedrijfsoverdracht samen met Rick af. Anders wordt het te complex. Maar we willen de structuur zo opzetten dat het makkelijker wordt om iemand erbij te laten komen.”

Biologische bestrijding

Een van de uitdagingen die direct op Van Wijk afkomt, is het terugdringen van chemische gewasbescherming. Daar wordt al jaren aan gewerkt, 98% van de middelen is uit de kwekerij verdwenen, zegt hij. “Bij uitzondering wordt plaatsspecifiek tegen spint gespoten en een klein beetje tegen luis. Voor luis in cymbidium is nog geen biologische bestrijder voorhanden.”
De kwekerij participeert in een kleine biogroep, bestaande uit collega-telers en toeleveranciers. Problemen worden gezamenlijk besproken en verschillende aanpakken worden uitgewisseld. Dat levert veel op, zegt hij. “Vorig jaar zagen we voor het eerst de zebratrips in de kas. Toevallig hadden ook collega’s met dit plaaginsect te maken. Door diverse biologische strategieën uit te proberen, lijken we hiervoor een oplossing te hebben gevonden in de vorm van een roofmijt in combinatie met een rooftrips.”

Wereld als afzetgebied

De markt voor cymbidium biedt in ieder geval voldoende perspectief voor een toekomstbestendig bedrijf. De vraag blijft redelijk gelijk, maar het aanbod/areaal krimpt, wat voor telers tot een positief effect leidt. “Het is geen makkelijke tijd wat betreft kostprijs en energiekosten, maar de opbrengsten zijn positief”, zegt Zwinkels. “Cymbidium is een nicheproduct geworden, met de wereld als afzetgebied. Dat biedt veel mogelijkheden.”
Hij denkt wel dat de markt de komende tien jaar gaat veranderen. “Het aantal bloemisten neemt hard af. Dat betekent dat de afzet van bloemen op een andere manier moet worden ingevuld.” Hij verwacht dat evenementen, hotels en bijvoorbeeld cruiseschepen een grotere rol in die afzetmarkt gaan spelen. Ook rechtstreekse verkoop aan consumenten kan interessant worden. “De wereld verandert en daar moeten we in mee.”
Van Wijk besluit: “Dat betekent opnieuw vooruitkijken: wie zijn straks onze klanten? Daar hoeven we nu nog geen antwoord op te hebben, maar daar moeten we wel over gaan nadenken. Zelf de consument benaderen is extra werk, maar kan ook leuk en uitdagend zijn. Ook dat is een stukje ondernemerschap.”

Tekst: Annemarie Gerbrandy