Nog een paar dagen en sectormanager Willem Snoeker van Achmea (Interpolis) kan, na 40 jaar, van zijn pensioen genieten. “Er is zoveel veranderd voor de teler, dus voor de verzekeraar ook. In plaats van het afsluiten van individuele schadeverzekeringen zijn we toegegroeid naar het uitsluiten van risico’s. Een sectorbrede ontwikkeling waarin we een actieve rol op ons hebben genomen.”

Wat heeft u allemaal zien veranderen in de kassen?

Toen ik begon waren de installaties beperkt tot centrale verwarming, beluchting en de waterleiding. Als je nu ziet wat een hightech er aan de glastuinbouw vast zit, plus de robotisering die er aan komt en natuurlijk de omkering van het energieverbruik. Familiebedrijven veranderen in ondernemingen met meerdere managers, die ook risicoleiderschap dragen. Er zijn nieuwe specialismes ontstaan. Ook de marktpositie is veranderd, van dagelijks veilen naar vaste leveringscontracten. Niet kunnen leveren is ook een risico wat je moet afdekken. Eigenlijk is het op alle fronten veranderd in die 40 jaar. Dus ook voor ons als verzekeraar.

Hoe is dat dan veranderd?

In het begin spraken we met een klant over een brand-, storm- en hagelverzekering. Al snel kwam de substraatteelt erbij, waar een hele installatie met automatisering aan vast zit. Wat gebeurt er dan met de waterkwaliteit als het ergens misgaat? Op het moment dat je iets automatiseert, kan het in één klap grootschalig misgaan. Het is een voorbeeld van het effect dat de risico’s op technologisch gebied steeds groter zijn geworden.

Hoe is op die trend ingesprongen?

Als verzekeraars kijken we nu veel breder. Het gaat tegenwoordig meer om de totale dienstverlening dan alleen om het uitkeren van schade. Vooral in het voortraject gebeurt meer, en als er schade is helpen we om ondernemers zo snel mogelijk weer in bedrijf te krijgen. We brengen vooraf de risico’s in kaart en kijken hoe we die zo gering mogelijk kunnen houden. Belangrijk hierin is de samenwerking met kassenbouwers, installateurs en kennisinstellingen.
Aanvankelijk waren er niet eens normen voor de kassenbouw. Gaandeweg zijn die vastgelegd, met normen voor minimale sterkte en kwaliteitseisen aan bouw en installaties. Toeleveranciers willen zich nu graag laten certificeren met het HortiQ-certificaat. Door goede bouwnormen sluit je dus risico’s aan de voorkant uit. Als je een kas bouwt, zorg dat je het zo degelijk mogelijk doet. En daarna volgt het onderhoud: zorg dat de kas dezelfde sterkte houdt naar verloop van tijd.

Jullie hebben daarin een verbindende rol gehad?

We zijn in elk geval in staat om via een actieve rol samen met toeleveranciers, verzekeraars en kennisinstellingen vooraf de technische risico’s te beperken. Voor ons draait het nu om het beter inschatten van risico’s om de eventuele schade te beperken. Dat maakt vervolgens ook de verzekerbaarheid groter, de kans op schade is immers kleiner, en dat houdt de premie betaalbaar. Vooraf al aan de tekentafel de schaderisico’s voorkomen of beperken is natuurlijk de goedkoopste oplossing. Goed risicobeheer zorgt ook dat we kunnen blijven herverzekeren op de internationale markt. Want als schades te hoog oplopen, wordt de glastuinbouw daar impopulair.

Hoe zit het met de klimaatverandering? Het lijkt wel of het vaker stormt en er meer windhozen zijn?

Dat houdt ons uiteraard bezig, want als je iets doet aan preventies moet je ook het risico kunnen inschatten. Kijk, tegen een windhoos kun je nooit sterk genoeg bouwen of voldoende glas op voorraad houden, die slurf maakt alles kapot. Om het goed te verzekeren hebben we meer data nodig. Volgens internationale gegevens komt er drie keer per jaar een windhoos voor in Nederland. Maar uit onze schade-uitkeringen blijkt dat het veel vaker is, vaak heel lokaal. Maar ook dat kan je kas ruïneren. Dus ja, het aantal windhozen lijkt toe te nemen.
Voor stormen zien we niet echt een toename, wel dat ze vaker ook in het binnenland huishouden. Tastbare gevolgen van de klimaatverandering zijn de grotere verschillen tussen nat en droog. Dus enerzijds het risico op overstromende goten, anderzijds lege waterbassins in de zomer en dus te weinig gietwater.

Wat valt er wel te doen tegen windhozen en stormen?

Bij storm is de gevolgschade vaak nog groter dan de directe schade aan de kas. We taxeren steeds sneller, recentelijk met beelden van bovenaf hoe groot de schade is, zodat herstelbedrijven gericht aan de slag kunnen. Een punt van aandacht is de variatie aan glas en deksystemen. Weet je als ondernemer tevoren hoe lang het duurt voordat je het juiste glas en kasroedes binnen hebt? Wat voor soorten heb je nodig, welke eisen stel je hieraan. Dat soort dingen moet je van tevoren bedenken en berekenen, zodat je daar op inspeelt met je voorraad.

Onlangs werd een glasvoorraad app gelanceerd door een herstelbedrijf. Handig toch?

Ja, zij proberen aan de voorkant in deze denktrant te werken. Dat is prachtig, maar wat ook speelt: stel er zijn collega’s die dezelfde maten en typen glas hebben, dan is het mooi om te weten wat zij op voorraad hebben. Telers kunnen denken aan gezamenlijk voorraadbeheer. Nog mooier is als beglazingsbedrijven daarin de handen ineenslaan.

Een paar jaar geleden pasten jullie het stormadvies aan: niet luchten met een kiertje aan de luwe zijde, maar het dek helemaal dichtgooien. Dat was geleerd in de praktijk?

Inderdaad, op basis van signalen van telers. We hebben eerst met TNO die ervaringen getoetst. De inzichten veranderen, maar dat heeft ook te maken met het feit dat de kassen veranderd zijn. Ze zijn veel dichter geworden, er is minder luchtlekkage. Daardoor reageert een kas anders op storm. Dan moet je ook anders handelen. Als je dit goed uitlegt aan telers, zijn ze vrij snel om, is onze ervaring.

Er zijn nu veel problemen met virussen. Hoe kun je de tuinbouwvirussen verzekeren?

Er zijn de nodige problemen met virussen in de tuinbouw, waardoor soms complete bedrijven geruimd moeten worden. We zijn nu in gesprek met Wageningen University & Research, plantenkwekers en Glastuinbouw Nederland over de behoefte om dit te verzekeren. Kijken of we door borging het risico voor een hele keten zo beperkt mogelijk kunnen houden. Want als zich ergens zo’n probleem op een bedrijf voordoet, moet dit zo snel mogelijk geëlimineerd worden. Dus gezamenlijk de schade op je nemen, als er een teler tegen zo’n ziekte aan loopt. Zodat het snel de wereld uit is. Onlangs hebben wij samen met de plantenkwekers en Glastuinbouw Nederland de handen ineengeslagen.

Hoe kun je zoiets als de coronacrisis verzekeren, of de EHEC-crisis en de Russische boycot?

Niet alle ondernemingsrisico’s zijn te verzekeren. Er zullen altijd omstandigheden zijn waar je als glastuinbouwondernemer niet op bedacht bent. We willen meer zekerheid in de wereld die steeds dynamischer wordt. Verzekeren is niet de enige oplossing. Je bewust zijn van risico’s is belangrijk en vooral hoe je er mee om gaat. Laat je in dit soort situaties helpen door je partners. Zoek samen naar de best mogelijke oplossingen zodat je bedrijf door kan gaan. Daar heb ik altijd voor gestaan.

Willem Snoeker is per 1 juni bij Achmea opgevolgd door Bart Stengs als sectormanager Glastuinbouw.

Tekst: Koen van Wijk