Op de Relatiedag van Technokas deelde Richard ter Laak zijn ervaringen met de nieuwe Daglichtkas. Die blijken positief: “Een stabiel klimaat, zonder krijten of buitenscherm, we hebben eigenlijk altijd diffuus licht. We besparen ongeveer 40% op energie, vooral op aardgas. Ook daar zijn we enthousiast over.”

De teeltstrategie in de nieuwe kas is niet veranderd ten opzichte van de eerste versie, waar de opkweek van jonge phalaenopsis bij Ter Laak Orchids in Wateringen plaats vindt. Wel is de kas anders uitgevoerd: zo is het kasdek symmetrisch, zijn de luchtramen groter met minder lenzen, is de traliemaat veranderd van 12,80 meter met twee containers naar 9 meter met één container. Dit om de kas goedkoper te maken, zonder in te leveren op de energiebesparende prestaties. Dat is (vrijwel) gelukt.

Energiebesparing

Volgens Richard ter Laak bedraagt de energiebesparing van de nieuwe kas 40%, met name op aardgas. Het stroomverbruik is ongeveer gelijk gebleven, door verschillende factoren. Er wordt intensiever – met LED en SON-T – belicht, maar met minder uren. “We hebben ook veel buitenluchtaanzuiging, die is uitgelegd op laagwaardige warmte. Daar gaat maximaal 45 graden in. Daar kunnen we heel veel warmte van de warmtepomp in kwijt. We proberen wel altijd een WKK aan te hebben als de warmtepompen draaien, omdat de stroominkoop gewoon niet interessant is. Zeker nu de ODE-toeslag verder gaat stijgen.”

Stabiel klimaat

Maar de orchideeënteler is vooral enthousiast over het klimaat: “De Daglichtkas heeft geen krijt nodig of een buitenscherm. Krijt is lastig om erop te brengen en af te halen en moet geloosd worden. Daar ben je met dit type kas vanaf. We hebben ook geen buitenscherm meer nodig. We kunnen hier toch wat makkelijker licht toelaten. We hoeven daardoor ook minder te belichten. Als er een wolk voor de zon komt krijg je altijd licht binnen en op het moment dat er wel zon is, wordt al het licht direct geabsorbeerd. Door het systeem hebben we eigenlijk alleen maar diffuus licht. Ook het dubbele glas tempert de weersinvloeden, met buien en dergelijke.”

Buitenluchtinstallatie

Over de buitenluchtinstallatie met slurven: “Daar hebben we in het begin wat rustig aan mee gedaan en zijn we nu wat actiever mee, om een klein beetje mee te koelen of te verwarmen. Daar zien we wel hele positieve resultaten van, zeker in de nacht. De schermen gaan 100% dicht. Je ziet dat de temperatuurverschillen minimaal zijn, maar ook de RV en temperatuur zijn supervlak in de nacht. Dat bevalt heel goed.”
Ook zijn ervaringen met hybridebelichting kwamen aan bod, waarbij het ging over lichtintensiteit (hoger), aantal belichtingsuren (minder), aantal schakelniveaus (drie), kosten en gevoel. Hoewel er in proeven geen negatieve effecten van LED werden geconstateerd, koos Ter Laak toch voor hybride, vanwege de kosten en de stralingswarmte van SON-T.

Warmtepomp en WKK

Ook de afweging tussen kosten en koude voorraad kwam tijdens de relatiedag aan de orde, al bleek er achteraf voldoende voorraad aanwezig in de koudebel in de ondergrond (aquifer). “We zijn het eerste jaar goed doorgekomen, het is nu optimaliseren. Wel zal er dit seizoen beter worden gelet op de draaiuren van de warmtepomp, met name tussen 5 en 8 uur ’s avonds, als het interessant is om stroom van de WKK’s terug te leveren aan het net.”
Tot slot: “We hebben vier warmtepompen en drie WKK’s. Wij willen de warmtepompen maximaal laten draaien op WKK-stroom en zo min mogelijk netstroom inkopen. Dit wordt nu weer bevestigd door de nieuwe plannen voor de ODE-toeslag. Maar we hielden daardoor warmte over. Die leveren we sinds dit jaar januari aan de buren, met 2,5 ha tomaten. Die hebben geen kuub gas gebruikt dit jaar. Dit bevalt eigenlijk goed: wij kunnen de warmtepompen meer laten draaien, de WKK’s hebben wij om de kosten in de gaten te houden, en de warmte kunnen we nuttig leveren aan de buren.”

Tekst en beeld: Mario Bentvelsen