Het vertrouwen van tuinders in hun onderneming is in het tweede kwartaal van 2020 enigszins hersteld. Vooral bij glastuinders, en met name op sierteeltbedrijven, is de huidige situatie op het bedrijf (stemmingsindex) sterk verbeterd ten opzichte van de enquête die kort na het eerste kwartaal van 2020 werd uitgevoerd.

De Agro Vertrouwensindex steeg met ruim 8 punten en kwam uit op +4 punten. Vlak na het eerste kwartaal was de index gezakt tot -4 punten. Alle gepresenteerde sectoren lieten enig herstel van vertrouwen zien, behalve in de varkenshouderij waar het vertrouwen sterk afnam. Alleen het vertrouwen van akkerbouwers is nog negatief, ondanks een klein herstel in het tweede kwartaal van 2020. Dit blijkt uit de Agro Vertrouwensindex van LTO-Nederland, Flynth adviseurs en accountants, het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) en Wageningen Economic Research.

 

Betere stemming

De enquête is verstuurd op 1 juli en het panel kon tot 19 juli zijn mening geven. Er hebben 548 bedrijven deelgenomen. In de enquête wordt niet gevraagd naar het motief van de gegeven antwoorden. Deze wordt beïnvloed door een aantal factoren, zoals de coronacrisis, weersomstandigheden, handelsbarrières, beleid of de eigen bedrijfssituatie.
De Agro-Vertrouwensindex van de totale land- en tuinbouw steeg met 8 punten. Zowel de betere stemming op het bedrijf als een minder negatieve verwachting voor de komende 2 à 3 jaar droegen daaraan bij.

Middellange termijn iets positiever

Ondernemers zijn over de situatie van hun bedrijf op de middellange termijn (twee tot drie jaar) weer wat positiever. De index bleef echter in totaliteit wel negatief. Dit betekent dat er nog steeds meer ondernemers zijn met negatieve verwachtingen dan met positieve verwachtingen voor hun bedrijf over 2 à 3 jaar. De index voor de totale land- en tuinbouw staat na het tweede kwartaal op -6 punten tegen -19 punten aan het eind van het eerste kwartaal van 2020. Vooral glastuinders waren positiever met betrekking tot hun bedrijfssituatie over 2 à 3 jaar.

Index blijft negatief

Terugkijkend op de afgelopen 12 maanden zijn ondernemers minder tevreden dan een kwartaal eerder. De index blijft daarmee negatief. Alle indicatoren zijn ten opzichte van het eerste kwartaal van 2020 gedaald. Vooral de index van de opbrengstprijs, en daarmee ook de omzet en winst daalde. Met name varkenshouders, melkveehouders en glastuinders gaven aan slechtere opbrengstprijzen te hebben gehad. Andere indicatoren daalden beperkt. De ‘overall’ land- en tuinbouw conjunctuurindex ‘terugkijkend’ daalde met 10 punten naar -22 punten. Een lagere index was er alleen in het tweede kwartaal van 2015.

Zorgen over de nabije toekomst

Vooruitkijkend naar de komende 12 maanden zijn Nederlandse boeren en tuinders nog steeds negatief. De index was wel beter dan een kwartaal eerder (+14 punten) maar bij de meeste ondernemers overheersen de zorgen over de nabije toekomst. De totale index bleef namelijk negatief (-17 punten). Ondanks dat veel ondernemers verwachten dat de opbrengstprijzen weer zullen herstellen (+29 punten), blijft de meerderheid nog negatief (-17 punten).
Dezelfde ontwikkeling is te zien in de indicatoren omzet, winst en productie. Alleen de kosten zullen wel verder toenemen is de verwachting van ondernemers in de agrarische sector. De conjunctuurindex ‘vooruitkijkend’ staat in het tweede kwartaal nog op -17 punten en dat is een zeer sombere verwachting. Sinds de start van deze enquête in 2013 was de index alleen het eerste kwartaal van dit jaar lager.
Het agrovertrouwen ligt in het tweede kwartaal, ondanks de stijging, nog altijd ver onder het langlopende gemiddelde.

Tekst: Miriam Haukes