Kwekerij Esmeralda in Rijnsburg maakt sinds juli 2024 gebruik van bankerplanten in de teelt van gerbera’s. Langs alle gevels van het bedrijf staan afwisselend verbascum en lobularia planten. De planten dienen voor de roofwants Dicyphus errants, die vooral wittevlieg moet bestrijden, en voor de sluipwesp Diglyphus isaea, die mineervlieg bestrijdt.

De kwekerij wordt geleid door Marcel van Vliet, Gerrit Hoogenraad en Gerben Wessels. Er worden onder 5 ha glas grootbloemige en mini-gerbera’s geteeld. “In alle luchtramen zit insectengaas, vooral om de Turkse mot buiten te houden die voor veel schade kan zorgen”, vertelt teeltmanager Gerben Wessels. “De mot is lastig te bestrijden, maar die hebben we nu goed onder controle. Het gaas houdt voor een deel ook wittevlieg, luis, wants en trips tegen. Maar evengoed bleef wittevlieg een probleem in de kas.”

Biologie in de zomer

Het bedrijf zet zoveel mogelijk in op biologie om plagen onder controle te houden. De basis voor biologische bestrijding in wittevlieg is de sluipwesp Encarsia die de larven parasiteert, aangevuld met de roofmijt Montdorensis. Daarnaast wordt de kever Delphastus ingezet op brandhaarden van wittevlieg. Het streven is om met deze drie bestrijders in het voorjaar en de zomer alle stadia van wittevlieg te beheersen.

Dicyphus in de winter

“In het najaar en de winter kon de plaag echter dusdanig uit de hand lopen, dat we alsnog chemisch moesten ingrijpen”, zegt Gerrit Hoogenraad, die verantwoordelijk is voor de gewasbescherming. “Het nadeel daarvan is dat niet alleen de wittevlieg doodgaat, maar ook alle andere biologie. Dat wilden we niet meer, we willen het ecosysteem intact houden. Bovendien wordt het middelenpakket steeds schraler, we moeten op zoek naar biologische oplossingen. Met de roofwants Dicyphus slagen we er nu in wittevlieg in de winter goed onder controle te houden.”

Vermeerderen in kas

“Dicyphus is niet commercieel verkrijgbaar, die moet je zelf in de kas vermeerderen met de bankerplant verbascum”, vervolgt Hoogenraad. “Het beestje vermeerdert zichzelf heel makkelijk: als je deze plant met de biologische bestrijders opzet, zitten die een paar weken later overal in de kas.”
De roofwants eet niet alleen wittevlieg en andere insecten, hij zuigt ook aan de bloemknoppen van de gerbera. Dat is een aandachtspunt, zegt Wessels. “Als er teveel aan Dicyphus in de kas aanwezig is, kan dat schade aan het gewas geven. We grijpen dan in met een middel van natuurlijke oorsprong in een lage dosering. Zo spuit je niet alle beestjes dood, maar breng je de populatie wel naar beneden.”
Naast verbascum staat ook lobularia in de kas, vooral als voedingsplant voor de sluipwesp Diglyphus. Deze natuurlijke vijand, die zich met nectar voedt, wordt ingezet tegen mineervlieg, aldus Hoogenraad.

Extra voeding voor extra boost

Gewasbeschermingsspecialist Wouter Mooij helpt kwekerij Esmeralda met de biologie. Hij is enthousiast over de resultaten van Dicyphus in gerbera. “Dat gaat best goed en dat is heel gaaf om te zien. In twee jaar tijd hebben we veel geleerd. Het was in het begin zeker niet makkelijk.”
Hij denkt dat de biologische bestrijder ook goed tegen andere plagen werkt, zoals de Echinotrips. “Die heb ik in de kwekerij slechts één keer gevonden. Anders had de plaag zich allang verspreid.”
Volgens Mooij is Dicyphus door de bankerplanten prima in staat om te overleven als er geen plagen zijn. “We voeren dan wel Ephestia gemengd met Artemia bij, om een extra boost aan het beestje te geven.”

Standing army opbouwen

Hoogenraad en Wessels zijn tot nu toe tevreden over de resultaten van biologie in gerbera. Ze slagen er momenteel goed in om de plagen onder controle te houden. “Maar we hebben nog een lange weg te gaan om het systeem goed in de vingers te krijgen. We verwachten dat bankerplanten een goede aanvulling op de biologische bestrijding zullen zijn om daarmee een standing army op te bouwen.”

Tekst: Annemarie Gerbrandy

 

  • Gerrit Hoogenraad (links) en Gerben Wessels: “We verwachten dat bankerplanten een goede aanvulling op biologische bestrijding zullen zijn om zo een standing army op te bouwen.”