Fossielvrij telen begint bij besparen, zo is de overtuiging van Paul en Ronald Wubben. Om die reden kiezen de nerine- en amaryllistelers bewust voor twee schermen en vernieuwen ze ieder jaar een deel van hun scherminstallatie. Maar ook op andere manieren werken ze aan een duurzamere bedrijfsvoering: een overstap naar aardwarmte zit in de pijplijn en het inzaaien van groenbemesters na de teelt draagt bij aan een robuuster en weerbaarder gewas.
Paul en Ronald Wubben uit Nootdorp horen tot de weinige telers die jaarrond nerine-snijbloemen produceren. “De nerine is een exclusief product, waarvoor maar een beperkte markt is”, vertelt Paul Wubben (foto rechts). “Om die reden telen wij dit gewas op slechts 1,5 ha in de grond. Bij verdere uitbreiding word je al snel concurrent van jezelf. Naast de nerines is nog 0,5 ha gereserveerd voor de teelt van amaryllis.”
Focus op duurzaamheid
Om jaarrond in productie te kunnen zijn, investeerden de telers vier jaar geleden in LED-belichting. “We hadden in het voorjaar regelmatig problemen om de nerines in bloei te krijgen. Dit doordat de knop in de bol te weinig licht kreeg op het moment van strekking. Met het LED-licht tackelen we dit probleem.” Een lichtniveau van 50 μmol/m².s is hierbij al voldoende.
De ondernemers kozen voor LED-belichting omdat deze optie energiezuiniger is dan SON-T-belichting. “Duurzaam werken is naar onze mening een must om bestaansrecht te houden richting de toekomst. Om die reden hebben we ook zonnepanelen liggen voor het aansturen van de belichting en zetten we de zonnestroom in om een machine aan te drijven die koude en warmte maakt voor de amaryllisteelt. Op termijn hopen we te kunnen aansluiten op de aardwarmtebron van Haagse Aardwarmte in Ypenburg. Hiermee kunnen we flinke stappen zetten richting een fossielvrije bedrijfsvoering. Maar daarmee komen we er niet helemaal; ook besparen op energie is een onmisbaar puzzelstukje. Anders gezegd: fossielvrij telen begint bij besparen.”
Twee schermen
Om die reden kiezen de ondernemers, die nu nog een gasketel hebben staan, bewust voor twee schermen in de kas: een energiescherm en een klimaatscherm van Phormium. “Het energiescherm PhormiTex Crystal Clear schaften we aan tijdens de energiecrisis van 2021. Dat scheelt enorm; hiermee besparen we circa 45 procent op de gasinzet. En ook ons PhormiTex 55-klimaatscherm draagt bij aan energiebesparing. Daarnaast schermen we hiermee 55 procent van het licht weg op momenten dat dat nodig is. Dat is een must, aangezien nerine erg gevoelig is voor te veel licht. In feite zijn de schermdoeken een voorwaarde om duurzaam te kunnen telen én om topkwaliteit te kunnen afleveren.”
De telers werken al jarenlang naar volle tevredenheid met het klimaatscherm. “Zo’n scherm gaat gemiddeld vijftien jaar mee. Om up-to-date te blijven vernieuwen we jaarlijks één of twee afdelingen. Ook dit voorjaar is, op een oppervlak van 3.500 m², het klimaatscherm vervangen. Voor de installatie werken we al heel lang samen met Andre Kuipers van Haket dat loopt heel fijn.”
Wisselteelt in turbostand
Het aspect duurzaamheid komt ook op andere manieren tot uiting in de bedrijfsvoering. Zo kiezen de ondernemers er sinds enkele jaren voor om nog maar heel licht te stomen én zaaien ze na iedere teelt een mengsel van groenbemesters in. “Dit idee werd aangedragen door Van der Knaap Ecoconsultancy”, zegt de teler.
“Tussen de nerine-teelten door ligt de kas twee maanden leeg. Voorheen stoomden we dan flink om alles steriel te maken. Nu kiezen we voor een andere aanpak: we willen het bodemleven juist stimuleren en de kwaliteit van de bodem een boost geven. Daartoe zaaien we een mengsel met twaalf verschillende groenbemesters in. Afgelopen jaar deden we hiermee een proef, dit jaar gaan we volledig ‘om’.”
Wat levert deze manier van ‘natuurinclusief telen’, zoals Wubben het noemt, op? “Een heleboel”, benadrukt de teler. “De groenbemesters wortelen diep, wat de doorlaatbaarheid van de grond verbetert. De bodem wordt luchtiger, daarnaast zorgen de groenbemesters ervoor dat voedingsstoffen in de bodem beter beschikbaar komen voor het gewas. En ook de bladmassa die we onderwerken, heeft een positief effect op de bodemkwaliteit. Deze ‘wisselteelt in turbostand’ resulteert in een sterker, robuuster en weerbaarder gewas. Dat helpt om de afhankelijkheid van gewasbeschermingsmiddelen te verminderen en op termijn de transitie te maken naar een chemievrije teelt.”
Tekst: Ank van Lier













