Alstroemeriakwekerij Together2Grow zet flinke stappen richting een duurzame teelt. Door nauwkeurig te registreren en gegevens te analyseren, krijgt het bedrijf steeds beter grip op ziekten en plagen. Sinds eind vorig jaar doet de kwekerij mee aan het project 100% Groen Geteeld. Bedrijfsleider Marcel van Dijk: “Honderd procent groen is misschien een utopie, maar je moet de lat hoog leggen om ergens te komen.”
Marcel van Dijk werkt aan het project in de 28.500 m² grote kas in Poeldijk. Hij is onder andere verantwoordelijk voor de registratiekant van de gewasbescherming. “Ik loop de hele dag door het gewas en doe tijdens de werkzaamheden een deel van de scouting. Die bevindingen deel ik met onze teeltman Ton de Geus, die vervolgens op de verdachte plekken gaat kijken en zijn bevindingen weer met mij deelt. Verder doet hij de vangplaattellingen, zodat hij een goed beeld heeft van welke ziekten en plagen er spelen.”
Gegevens registeren
Een pilotbedrijf van 100% Groen Geteeld stelt vooraf een plan van aanpak op met daarin een gewasbeschermingsplan, escalatieladder en scoutprotocol. Ook wordt bijgehouden welke maatregelen en middelen zijn toegepast. Door dit naast elkaar te leggen en te evalueren worden de strategieën verder uitgewerkt. “We slaan al enkele jaren alle gegevens op”, zegt Van Dijk. “Door zo veel mogelijk te registreren, kunnen we patronen herkennen. Daarop kunnen we dan weer anticiperen door zo vroeg mogelijk in te grijpen met natuurlijke vijanden. Door de juiste biologie uit te zetten, bouwen we alvast een leger op, om te voorkomen dat er een plaag uitbreekt.”
De bedrijfsleider onderstreept het belang van een zorgvuldige registratie: liever te veel vastleggen dan te weinig. “Dat hoort bij het leerproces; je moet van elkaar weten wat er is gedaan. Wij registreren daarom zo veel mogelijk, zoals om welke plaag het gaat, de ernst van de aantasting, het padnummer, het pootnummer en welke bestrijders zijn uitgezet. Ook kijken we naar het escalatieniveau en hoe dat moet worden geïnterpreteerd: tolereer je drie of vijf plaaginsecten op een vangplaat en wanneer zet je extra biologie in? Hoe meer data je hebt, hoe beter je beslissingen kunt nemen. Zo kun je de aanpak steeds verder finetunen.”
Leertraject
Belangrijke plagen in alstroemeria zijn luis, cicade, wittevlieg en trips. Wij leveren de bloem met blad, onze tolerantie ligt derhalve laag, zegt Van Dijk. “Vorig jaar zagen we in week 25 veel trips in het gewas. Ons normale schema is in de even weken cucumeris en in de oneven weken montdorensis uitzetten, om de trips te beteugelen. Dit jaar hebben we vanaf week 15 wekelijks montdorensis ingezet om een escalatie van de tripsplaag te voorkomen. In bepaalde cultivars is wittevlieg een probleem, daar zetten we de sluipwesp Encarsia in uit.”
Hij vervolgt: “Tot op heden zijn we deze plaaginsecten tijdens de tellingen niet tegengekomen; het heeft duidelijk effect om zo vroeg mogelijk een leger op te bouwen. Bovendien zijn de nakomelingen die in jouw kas ontstaan veel sterker dan de beestjes die je rechtstreeks van de leverancier krijgt geleverd.”
In het voorjaar is opkomende luis een lastige plaag. Als je op tijd Aphidoletes inzet, hoop je de luis snel onder controle te krijgen, zegt Van Dijk. “Anders moeten er ook lieveheersbeestjes en colemani bijgezet worden. Soms gaat een plaag harder dan de biologie. Dat is een leertraject en elk jaar is weer anders. Dit jaar ontwikkelde bladluis zich zo snel dat er nauwelijks tegenaan te werken was met biologie. Helaas hebben we een keer pleksgewijs chemisch moeten corrigeren. Door pleksgewijs te werken, hopen we dat de biologie ernaast weer snel terugkomt en voor een paraplu-effect zorgt.”
Nieuwe inzichten
Binnen het project 100% Groen Geteeld zetten telers steeds gerichter data in om hun teelt te vergroenen, vertelt Machteld Bouw, netwerkcoördinator van Glastuinbouw Nederland. “Die data worden vervolgens verwerkt in heldere dashboards en grafieken. Hierdoor ontstaan nieuwe inzichten in trends, verbanden en de effecten van genomen maatregelen. Doordat bedrijven hun data ook naast elkaar leggen, krijgen telers bovendien een bredere kijk op wat wel en niet werkt.”
Dat gezamenlijke leerproces versnelt de ontwikkeling van effectieve strategieën en laat zien dat de glastuinbouw volop blijft vernieuwen, met data als drijvende kracht achter verdere professionalisering, aldus Bouw. “Zo worden beslissingen minder op gevoel genomen en steeds vaker onderbouwd met concrete inzichten.”
Tekst: Annemarie Gerbrandy












