Dankzij de ruime keuze in roofmijten en bijvoeren verloopt de biologische bestrijding trips en spint steeds beter. Zo goed zelfs, dat telers minder vaak ondersteunend spuiten. Niet zelden leidt dat tot problemen met andere plagen. BotaniGard en Azatin kunnen met hun brede werking assisteren, zonder de biologie te verstoren. Zij verdienen in tal van gewassen en schema’s een plaats.

Azatin en BotaniGard zijn allebei gewasbeschermingsmiddelen van natuurlijke oorsprong (GNO’s) én biorationals. Azatin bevat de werkzame stof azadirachtine-A, afkomstig uit de neemboom. Deze insectengroeiregulator werkt in op alle ontwikkelingsstadia van trips, mineervlieg, wittevlieg en rupsen. Er is ook een nevenwerking vastgesteld tegen luizen en rupsen. Minstens zo belangrijk is de afstotende (repellent) werking, die het gewas minder aantrekkelijk maakt voor plaaginsecten.
Het speciaal geformuleerde product heeft een toelating in bedekte sierteelten, is zacht voor het gewas en komt het beste tot zijn recht in preventieve afwisselschema’s. Gebruik het bij voorkeur in blokbehandelingen van vier opeenvolgende bespuitingen met intervallen van zeven dagen.

Sterke troeven

BotaniGard vloeibaar (chrysant) en BotaniGard WP (siergewassen en vruchtgroenten) zijn sterke troeven in de strijd tegen trips, witte vlieg, wantsen en slawortelboorder. Beide formuleringen bevatten de voor insecten parasitaire schimmel Beauveria bassiana, stam GHA.
Na een bespuiting hechten de sporen op insecten en kiemt de werkzame schimmel de huid van het insect binnen. De kiembuis boort zich in het insect, waar de schimmel zich verder ontwikkelt. Geïnfecteerde insecten sterven doorgaans na vijf tot zeven dagen. Een hoge luchtvochtigheid (minstens 60%) is belangrijk voor een goede werking.
Om de generatiecyclus van de meeste insecten te doorbreken, wordt ook voor dit product een blokbehandeling van tenminste vier opeenvolgende bespuitingen geadviseerd bij intervallen van een week.

Biorationals veilig voor roofmijten

In het Certis Innovation Center is een proef uitgevoerd op de roofmijt Transeius montdorensis. Deze roofmijt wordt de laatste jaren vaker ingezet in diverse teelten. De vraag is of de diverse biorationals veilig toepasbaar zijn in combinatie met deze roofmijt.
In een chrysantengewas zijn twee keer achtereen roofmijten uitgezet, die werden bijgevoerd met stuifmeel. De diverse middelen zijn vier keer achter elkaar met een week interval gespoten en op een aantal momenten zijn er takspoelingen uitgevoerd om het aantal aanwezige roofmijten vast te stellen.
De bespuitingen vonden op twee manierenplaats: alleen bovenover gespoten en zowel bovenover als onderdoor gespoten. Voor beide toepassingen is bepaald of de middelen wel of niet veilig zijn voor de roofmijten.

Geheel veilig

BotaniGard WP, BotaniGard vloeibaar en Azatin waren geheel veilig voor T. montdorensis. Ook een combinatie van BotaniGard WP en Azatin was geheel veilig. Deze bespuitingen waren vergelijkbaar met water en onbehandeld. Er was geen verschil te zien tussen de beide spuitmethoden.