De verkoop van Kordana-potrozen zit in de lift en daarom besloten de broers Pieter en Wouter van der Harg in Vierpolders een nieuwe kas van 2 ha te bouwen, waarmee het totaal uitkomt op 5 ha. De nieuwbouw zit vol met technische innovaties, wat hun kas uniek maakt. Al moeten ze er nog een beetje aan wennen om alle installaties perfect met elkaar te laten samenwerken. “Dit is voor ons een belangrijke uitbreiding, die bijdraagt aan verduurzaming en hopelijk een stukje kwaliteitsverhoging. Dat is wel het uiteindelijke doel.”
De bouw van de kas had wel wat voeten in de aarde. Letterlijk, want een archeoloog vond in de bodem van het perceel naar verluid resten uit de IJzertijd. Dat leverde geen bijzondere vondsten op, maar wel extra kosten en zes weken vertraging. Pieter van der Harg: “We wilden op 1 april vorig jaar starten met de bouw, maar dat werd dus eind mei. Wij wilden met Valentijn kunnen leveren, die datum stond dus voor ons vast. Ik heb in die tijd heel vaak gehoord: wat jullie willen kan helemaal niet. De eerste planten zijn er half november in gegaan. De man die mij begeleidde bij de bouw, Jeroen Noordermeer, heeft toen weinig vrienden gemaakt.”
Complexiteit en tijdgebrek
De complexiteit van het bestek lag ook hoger dan bij een gemiddeld bouwproject. Zo kreeg elke kolom een eigen nummer, omdat die op maat moesten worden gemaakt voor hun specifieke standplaats. Van der Harg: “De een had een verjonging, een kleinere diameter aan het buiseinde, bovenin, de ander niet. Ik wist niet beter dan dat dit een normale kas was, maar ik hoorde van anderen dat dit niet het geval was. Dat heb ik me eigenlijk nooit gerealiseerd. Ik heb ook nog nooit eerder een kas gebouwd. Maar Noordermeer heeft ons daarbij mooi geholpen. Toen uiteindelijk alle bedrijven in het proces gingen geloven, zette iedereen de schouders eronder om het waar te maken. Dat het uiteindelijk gelukt is, is wel heel gaaf.”
Prins Group heeft een hele sterke Venlokas gebouwd met een tralie van 12,80 meter, een goothoogte van 6,5 meter en een vakmaat van 5 meter. Insectengaas kwam er niet in. “We gebruiken deze kas voor de afkweek en die duurt bij ons maar drie tot vier weken. In de andere afdelingen gebruiken wij ook geen gaas. Dan heeft het in de nieuwbouw niet zoveel zin.”
Minder remstoffen
In het kasdek kwam low-iron glas en in de gevels stegdoppelplaten voor extra isolatie. “Low-iron laat niet alleen meer zichtbaar licht door, maar ook meer UV-licht, dat remt de plant. Dan hoeven we minder remstoffen te gebruiken. Wij willen dat onze potroos mooi compact blijft.”
Om de strekking van de planten verder te remmen worden ook rembomen gebruikt. Die rijden dagelijks acht keer over het gewas en raken met een plastic gordijn de toppen van de planten aan. Hierdoor ervaren de planten in de toppen stress en dat remt de strekking. Voor dit doel wordt de hijsverwarming omhoog gedraaid. Normaal hangt deze dicht op het gewas. De aanwezigheid van traliebrede rembomen en hijsverwarming stelden wel extra eisen aan de kasconstructie.
Drie schermen
Schermen zijn belangrijk in de potrozenteelt, al is het maar omdat er 20 uur per dag belicht wordt, afhankelijk van de natuurlijke instraling. Van der Harg koos voor een PARperfect-systeem, bestaande uit een lichtuitstootscherm in combinatie met een diffuus klimaatscherm. Om extra energie te besparen werd als derde een energiebesparend scherm geïnstalleerd. Het diffuse scherm zorgt voor hoogwaardig diffuus licht, terwijl het donkere schermdoek in tegengestelde richting het natuurlijk lichtniveau dimt.
In de winter gaan het energiescherm en het diffuse klimaatscherm dicht, voor maximale energiebesparing. “Kieren doen we nog wel, maar zo min mogelijk. In het verleden – toen ik nog geen ontvochtiging had – kreeg ik daar wel problemen mee. Met ontvochtiging kan ik die kier verkleinen.” De ontvochtigers van Wim van Wijk Techniek zijn erg compact en hangen halverwege het scherm en de planten, in combinatie met dwars op de goten geplaatste ventilatoren voor een optimale luchtverdeling.
Wow-factor
Volgens aftersales manager Johan Weesie van Svensson is in relatief korte tijd een hightech klimaatkamer neergezet. “Dit concept is in principe geschikt voor elke teler van potplanten en snijbloemen.”
Jeroen de Jonge, verkoper bij scherminstallateur PDI: “Ik denk dat de lat met deze kas weer hoger is gelegd, zeker met het spant dat hier speciaal voor is gemaakt. Wij hebben voor het eerst twee installaties in het midden van het spant gemaakt en voorzien van het Slip-in systeem. Verder hebben we gezorgd voor een perfecte sluiting van de scherminstallaties en kleine schermpakketten, zonder doekstroken. Dit gaat gewoon de nieuwe norm worden. Deze kas heeft echt de wow-factor.”
LED-belichting
De LED-belichting bestaat uit 3 x 1.200 watt lampen van Signify, terwijl er in de oudere kassen met dezelfde traliebreedte nog 4 x 1.000 watt armaturen hangen. “Dat scheelde weer in de aanschafkosten. Het nieuwe armatuur is twee-kanaals, dus we kunnen blauw en wit apart sturen. Wij geven meer blauw dan de gemiddelde teler omdat wij compacte planten willen telen.” De teler heeft nu 8% blauw, 8% wit en de rest rood. Geen verrood, want dat zorgt juist voor strekking. Hij kan hiermee naar een lichtniveau van 225 µmol/m².s, maar hij dimt dat meestal terug tot 140 µmol/m².s.
Potroos vraagt in de afkweek een kastemperatuur van 22ºC en in de opkweek 24ºC. Ook branden de armaturen 5.000 uren op jaarbasis en ’s winters wel 20 uur per dag. Dat maakt het een energie-intensieve teelt. Met lichtintegratie wil de teler nog wat van het stroomverbruik afsnoepen, al wil hij eerst wat ervaring opdoen met het drievoudige scherm en de ontvochtigers. Energiebesparing wordt zeker verwacht, al durft hij er nu nog geen getal aan te hangen. Voor de energievoorziening van de nieuwbouw schafte hij een tweede 1,2 MW Jenbacher WKK aan.
Verhoogde teeltlaag
De planten groeien op rolcontainers voorzien van een eb- en vloedsysteem van HT Verboom. Tegelijk met de nieuwbouw is een verhoogde teeltlaag gerealiseerd op het dak van de schuur, waardoor 0,5 ha extra teeltoppervlak kon worden gerealiseerd. “We hadden een grotere schuur nodig omdat we efficiënter wilden werken met nieuwe inpaklijnen en grotere koelcellen. De containers gaan via een lift, medewerkers via een trap. We spuiten het gewas drie keer in de week met een groeiremmer. Daarom hebben we het plafond absoluut water- en luchtdicht gemaakt, zodat het personeel eronder niet merkt dat je daar aan het spuiten bent.”
Tekst en beeld: Mario Bentvelsen
















