Er wordt weer volop geplant voor de belichte tomatenteelt. In de afgelopen jaren bleek telkens dat de doorkleuring van de vruchten in de winterperiode te wensen over kan laten. Met wat extra aandacht voor de voedingssamenstelling (kalium en EC) en voldoende temperatuurverschil tussen dag en nacht is het gewas in de juiste, generatieve balans te brengen en te houden.

Grovere typen gevoeliger

Onder kunstlicht is het wat lastiger om een tomatengewas bij afnemende daglengte en relatief hoge luchtvochtigheid generatief weg te zetten en de mineralenopname in de juiste balans te houden. Vooral de kaliumopname is in dat verband belangrijk, want tekorten aan dat voedingselement zijn de voornaamste oorzaak van de matige vruchtkleur waarmee telers in het donkere jaargetijden vaak worstelen. Hoe grover de vruchten, des te groter lijken de problemen te worden. Dat slechte doorkleuring ook in sommige fijnere typen een issue is, benadrukt dat je er van meet af aan, dus al direct na het planten, bovenop moet zitten.

Temperatuur en voeding

Om een generatieve gewasstand en dus goede zetting te bevorderen, dient de gemiddelde nachttemperatuur 6-7°C lager te liggen dan de gemiddelde dagtemperatuur. In de nazomer en vroege herfst met hun soms zwoele nachten is dat soms lastig, maar hou het in elk geval in de gaten en probeer daarop te sturen.
Ook de voedingsbalans en -opname zijn cruciaal voor een juiste plantbalans. Voldoende kalium is in dit verband leidend. Het gehalte moet hoger zijn dan in de standaardteelt, met name ten opzichte van calcium en magnesium. Er is ook een verband tussen de kaliumopname en het fosfaatgehalte. Dat klinkt misschien vreemd omdat fosfaationen negatief geladen zijn en kalium positief, maar het is een feit dat tomatenplanten minder kalium opnemen bij hoge fosfaatgehalten.
Naast de mineralenbalans zijn de EC en de pH in het wortelmilieu van belang. Streef naar een relatief hoge EC van 5 – 6 mS/cm in het drainwater, want ook dat bevordert een generatieve reactie. Bovendien is er in de mat dan ruim voldoende kalium beschikbaar. Voor de pH in de mat mag een streefwaarde van 6-6,5 worden aangehouden; binnen die bandbreedte zijn alle elementen opneembaar.

Interen

Last but not least is het wenselijk om de mat tijdens de nacht voldoende te laten interen. Het watergehalte mag dan rustig teruglopen met zo’n 15%. Omdat het (jonge) gewas in deze periode ’s avonds en ’s nachts relatief weinig verdampt, moet er tijdig – vaak al vroeg in de middag – worden gestopt met druppelen. Door voldoende in te teren blijven de wortels gezond en ook dat draagt bij aan een hoge opnamecapaciteit van de beschikbare nutriënten.

Tekst: Willem Valstar, StarGrow Consultancy