Na een goede basis bij de start groeien planten gezond en weerbaar. Dat is belangrijk in de zaadteelt, waar planten net iets langer moeten doorgroeien voor de afrijping van het zaad, vindt teler Ton Visser. Ook Dirk van Diepen, die een breed assortiment visueel aantrekkelijke tuinplanten in potten teelt, doet er alles aan om sterke weerbare planten op te kweken. De afgelopen paar jaar voegden beiden op proef Trichoderma toe als ze hun grond voorbereidden voor het nieuwe teeltseizoen.

Ton Visser is productspecialist vaste planten bij PanAmerican Seed en houdt zich bezig met de productie van bloemzaden. Ongeveer 50% van de geproduceerde zaden komt van de eigen productielocatie in Hem. Hij begeleidt ook telers in Zeeland en West-Brabant die op contract zaden voor het bedrijf telen. Met bijna 40 jaar ervaring in het vak kan hij aan planten ‘lezen’ waar ze behoefte aan hebben. De teelt begint voor hem met een gezonde bodem. “Ik begin met het nemen van een grondmonster om te zien wat er nodig is aan meststoffen, sporenelementen en organische stof. We zitten hier in Hem nu vier jaar op deze locatie met lichte klei. Gaandeweg verbeteren we de bodem door compost toe te voegen. Terwijl wij de grond voorbereiden, kweekt de plantenkweker de plantjes op tot het juiste stadium.”

Mix van micro-organismen

Visser gebruikt het product Vivisol om ‘goede’ bacteriën in de grond te brengen, die op een diversiteit aan koolstofbronnen groeien. Daarnaast gebruikt hij Antagon, een organisch bodemverbeterend middel in kruimelvorm dat de groei van goede bodemschimmels stimuleert. De afgelopen jaren deed hij mee aan een praktijkproef, waarbij een mix van Trichoderma-stammen is toegevoegd aan de bodemverbeteraar. “De combinatie van schimmels en bacteriën zorgt voor een betere opname van voedingsstoffen en voor een betere weerstand tegen abiotische stress”, vertelt adviseur André de Ridder van meststoffenproducent DCM. Hij is de vaste aanspreekpersoon voor Visser als het over de bodem gaat. “Het is belangrijk dat de structuur van de bodem goed is voor een voldoende capillaire werking, drainage en zuurstof in de grond.”

Kiemgetal

Visser is blij met de extra ondersteuning. “Voordat we een complete zak met zaad hebben, hebben we een heel traject van A tot Z achter de rug. Na de bloei moeten de planten nog een aantal maanden gezond en vitaal mee om het zaad af te laten rijpen. Daarna volgt het drogen, dorsen en schonen. Niet alleen de kilo’s tellen, ook het kiemgetal. Dit moet minimaal 90% zijn. Als dit niet het geval is, moeten we het zaad verbeteren totdat we de grens van 90% wel halen.”
De zaadteler vindt het lastig om aan te geven voor welk deel de Trichoderma-stammen aan de positieve opbrengst bijdragen. “We zijn voortdurend bezig met verbeteringen. Behalve door de extra toevoeging, krijgen we nu ook betere planten van onze plantenleverancier en begeleiden we onze eigen mensen en de contracttelers beter.” Hij is wel van plan om verder te gaan met een bodemverbeteraar, waaraan de Trichoderma-stammen al zijn toegevoegd.

Hogere bodemdiversiteit

Teler Dirk van Diepen heeft een kwekerij met een breed assortiment tuinplanten in combinatie met een deel groentenzaadteelt in Marknesse. “We hadden in de helleborus en bij de Hebe Addenda problemen met uitval door Fusarium. De beschikbare chemie is beperkt. We zijn daarom op zoek gegaan naar alternatieven met als invalshoek: voorkomen is beter dan genezen.”
“We zitten in een overgangsfase, waarin we zien dat er steeds minder chemische middelen beschikbaar zijn, ook voor de glastuinbouw. Wij zoeken de oplossing in de richting van een betere plantweerbaarheid in plaats van actief te spuiten. Als de grond gezond is, is de plant gezond. Het product met Trichoderma zorgt voor een betere vrijstelling en opname van nutriënten en maakt de plant weerbaarder”, voegt Erwin Weening, senior business development manager bij de meststoffenproducent toe.

Van dun koordje naar dikke balk

Drie jaar geleden begon Van Diepen op proef met de toepassing van de bodemverbeteraar DCM Instant TD Minigran met het idee om tot een evenwichtigere bodem te komen en zo de plantweerstand te verhogen. In dit product zit een mix van Trichoderma-stammen. Twee jaar geleden is daar ook het bacteriepreparaat Vivisol aan toegevoegd. Beide producten worden door de potgrond gemengd.
De teler voelt zich nu zekerder. Het eerste jaar behandelde hij ongeveer 1.000 potten met helleborus en 1.000 potten met Hebe Addenda. Toen de resultaten goed waren, heeft hij de proef opgeschaald naar alle helleborus en hebe en naar de vaste planten.. “Vroeger liepen we over een dun koordje, nu over een bredere balk. De kans op problemen is nog steeds aanwezig. Eind juli hadden we een hete periode. Normaal gesproken is dat funest. Nu is het slagingspercentage groter dan drie jaar geleden, voordat we hiermee begonnen.”

Inge Hanssen: ‘Bodemgebonden schimmels en bacteriën geven snellere opname voedingsstoffen’

 

In het Belgische Grobbendonk onderzoekt Inge Hanssen, R&D-manager bij DCM, hoe je de plantengroei met hulp van nuttige bodemgebonden schimmels en bacteriën een handje kunt helpen.

 

Ze kijkt met name naar Trichoderma, een brede groep van bodemschimmels, die bijdragen aan een gezond ecosysteem rondom de wortel. “De soorten en isolaten van deze schimmel hebben ieder hun eigen karakteristieken. De een maakt bijvoorbeeld nutriënten beter beschikbaar voor opname, terwijl de ander op, in en rondom de wortels groeit waardoor het worteloppervlak groter wordt”, licht ze toe.

 

Snellere opname voedingsstoffen

Hanssen maakt in haar onderzoek onderscheid tussen Trichoderma’s die voorkomen in de wortelomgeving van eenzaadlobbigen en van tweezaadlobbigen. De geselecteerde goedaardige schimmels werken bij de eenzaadlobbigen namelijk endofytisch. Dat wil zeggen dat ze de wortels binnendringen. Daarom ontwikkelde ze uiteindelijk ook twee verschillende ‘cocktails’: een voor de eenzaadlobbigen en een voor de tweezaadlobbigen. “Voor beide cocktails geldt dat ze door een versnelde opname van voedingsstoffen de bovengrondse groei stimuleren. In de zomer van 2018 hebben we de eerste toelating ontvangen om deze producten op de markt te brengen.”
Beide mengsels worden in twee productlijnen verwerkt. De geconcentreerde oplosbare versie heet ‘Impuls’ en kan gewoon met het voedingswater mee gegeven worden. In combinatie met een bodemverbeteraar heet het ‘Instant Minigran’. In dat geval zit het in kleine korreltjes met een homogene samenstelling zowel qua organisch materiaal als wat betreft de schimmels.

Tekst en beeld: Marleen Arkesteijn