Bij de verhoging van de ODE-tarieven heeft de overheid te weinig rekening gehouden met de exorbitante prijsstijgingen die dit voor een bepaalde groep bedrijven betekent. “De hoeveelheid vrijstellingen voor grote bedrijven is onderschat. Sommige middelgrote bedrijven moeten daardoor veel meer betalen. Dit probleem is op te lossen door de ODE deels te vervangen door verbreding van de CO2-heffing”, zegt Sander de Bruyn van onderzoeksbureau CE Delft.

De overheid wil het klimaatakkoord financieren met een hogere Opslag Duurzame Energie (ODE). Maar door bestaande uitzonderingsposities zijn grote industriële gebruikers vaker wel dan niet uitgezonderd van het betalen van deze opslag. Daardoor stijgen voor sommige bedrijven de energielasten onevenredig hard en wordt er nauwelijks een stimulans afgegeven naar verduurzaming van de industrie. Dit concludeert het onafhankelijke onderzoeksbureau CE Delft in haar recente rapport ‘Verbreding CO2-heffing in de industrie, een alternatief voor de verhoging van de ODE’.
Sander de Bruyn, hoofdeconoom bij CE Delft: “Wij hebben dit onderzoek uitgevoerd in opdracht van Milieudefensie. Die concludeerde afgelopen zomer op basis van overheidsinformatie dat de zware industrie wordt gespaard en dat de SDE-subsidiepot vooral gevuld wordt door kleinere bedrijven. Wel maken grote bedrijven gebruik van die subsidie. Wij hebben een situatie doorgerekend waarbij de industrie gegarandeerd haar eigen subsidies betaalt.”

Vooraf gewaarschuwd

Volgens de onderzoeker is de overheid vooraf wel gewaarschuwd door energiespecialisten dat er een scheve situatie zou ontstaan met de nieuwe ODE-tarieven. De glastuinbouw is een van de sectoren die de nadelen momenteel ondervindt.
“Maar hoeveel geld de overheid zou mislopen door vrijstellingen bij de grote industrie was op dat moment niet bekend. Het lukte ons destijds ook niet die omvang te berekenen, het ontbrak aan informatie. Nu is dat beeld er wel”, vertelt De Bruyn. Hij kan zich voorstellen dat deze situatie moeilijk te verkroppen is voor partijen zonder ODE-vrijstellingen, zoals de glastuinbouw.

Tarief in derde schijf verlagen

CE Delft heeft doorgerekend dat verbreding van de bestaande CO2-heffing voor de industrie de ODE-verhoging voor bijna de helft kan vervangen, als gekozen wordt het tarief in de derde schijf te verlagen. De Bruyn: “In de CO2-heffing is het eerste deel van de uitstoot vrijgesteld. In ons voorstel wordt dat deel onder de heffingsvrije voet wel belast. Wij gaan uit van een tarief van 9 euro per ton/CO2 in 2021 op alle geregistreerde uitstoot in de industrie, oplopend tot 13 euro per ton/CO2 in 2025. Daarmee betaalt de industrie gegarandeerd haar eigen subsidie.”

Verschuiving naar generieke heffing

Zo verschuift de ODE naar een generieke heffing. “Dit zal sommige partijen waarschijnlijk een rechtvaardiger gevoel geven”, verwacht hij. Over het algemeen zal de zware industrie (ijzer, staal, raffinage) dan zwaarder belast worden en de meeste andere industrieën minder.
De glastuinbouw valt buiten de CO2-heffing, maar heeft zijn eigen CO2-sectorsysteem. “In ons voorstel raakt het de glastuinbouw dus niet, maar deze sector heeft dan wel voordeel van een lagere ODE”, stelt De Bruyn.

Tekst: Koen van Wijk