Data is de laatste tijd een veel besproken onderwerp in de tuinbouw. Met name de resultaten rondom de tweede editie van de Autonomous Greenhouse Challenge van dit jaar geven daar aanleiding toe. De indruk bestaat dat dit dan vooral over gewassturing, kasklimaat en watergeven gaat. Plantenvoeding wordt daarbij niet expliciet genoemd, maar speelt natuurlijk wel degelijk mee.

En dat is eigenlijk vreemd. Plantenvoeding heeft altijd voorop gelopen, want in dit vak spelen data al heel lang een rol. Immers, laboratoria genereren data over de EC, pH, nitraat et cetera en waarderen deze en voegen er een advies aan toe. Zij stellen de waardering op aan de hand van een model waarmee zij resultaten beoordelen, evenals het daaruit volgende advies. Dat model is best wel bekritiseerd, is her en der aangepast, maar wordt tot op de dag van vandaag nog steeds gebruikt.

Geen datakoppelingen

Inpassing in of koppeling met andere management tools van telers, zoals kasklimaat of de watergift is wel eens geprobeerd, maar is echter nooit tot wasdom gekomen. Ongetwijfeld zijn er telers of adviseurs die in hun persoonlijke begeleiding hier wel werk van maken, maar tot datakoppelingen is het nog niet gekomen. Waarom eigenlijk niet? Er zijn best wel relaties te vinden tussen klimaat, irrigatie en plantenvoeding. Zo zijn er zeker verklaringen voor en verbanden tussen hoeveelheden nutriënten in het drainwater, het kasklimaat, de wateropname, gewasgroei en nutriëntenopname.

Waardevol

Vinden we het te ingewikkeld of vinden we het niet belangrijk genoeg? Of krijgen energie, kasklimaat en belichting voorrang? Of wachten we op de doorbraak van ionspecifiek meten zodat we de data meteen kunnen doorkoppelen aan het fertigatieproces, dat dan weer wordt beïnvloed door kasklimaat en gewasgroei? Een datakoppeling met de plantenvoeding is waardevol. Ik ben ervan overtuigd dat hier namelijk nog heel wat te halen valt.

Tekst: Geerten van der Lugt, adviseur gewas, water en plantvoeding