Proefcentrum Hoogstraten heeft vorig jaar verschillende manieren van opkweek en ontsmetting op het trayveld vergeleken op ziektegevoeligheid. Dit jaar zijn de aardbeienplanten in tunnelkassen in productie genomen. Ondanks een hoog uitvalpercentage lieten de planten op steenwol dezelfde productie zien als de controle. Deze week staat in Onder Glas augustus een artikel over de eerste praktijkervaringen met steenwol bij aardbeienbedrijf Genson in Sint-Oedenrode.

De proeven in Hoogstraten hebben plaatsgevonden binnen het kader van het Nederlands-Belgische project Recupa. Dat heeft als doel om de waterstromen op trayvelden te sluiten om vervuiling van het oppervlaktewater te voorkomen. Hergebruik van drainwater kan echter niet zonder ontsmetting. De jonge planten zijn kwetsbaar voor tal van ziekteverwekkers, de verschillende phytophthorasoorten voorop.
Ontsmetting is echter niet zo gemakkelijk omdat het drainwater troebel is en veel organisch materiaal bevat. De verwachting van de onderzoekers was dat dit probleem bij steenwol minder zou zijn dan bij het gebruikelijke veen-kokos substraat.

Vier verschillende behandelingen

De onderzoekers vergeleken vier behandelingen. Eentje daarvan diende als referentie-object:

  1. Referentie substraat: veen/kokos. Ontsmetting: traag zandfilter.
  2. Substraat veen/kokos. Voorfiltratie met trilzeef en doekfilter. Ontsmetting: UV.
  3. Substraat veen/kokos. Voorfiltratie met trilzeef en doekfilter. Ontsmetting: gestabiliseerd waterstofperoxide (Huwa-San).
  4. Substraat steenwol. Geen voorfiltratie met trilzeef en doekfilter. Ontsmetting: UV.

‘Slappe koffie’

De onderzoekers houden veel slagen om de arm bij de conclusies over de trayveldenproeven. Het was namelijk niet zo simpel om te bepalen hoeveel levensvatbare ziekteverwekkers er overbleven.
Toch is de conclusie dat UV-ontsmetting bij veen/kokos onvoldoende werkt. Weliswaar haalt de voorfiltratie de vaste organische stof uit het drainwater, maar dat blijft eruitzien als ‘slappe koffie’, zoals de onderzoekers in het rapport schrijven. UV-straling dringt daarin onvoldoende door.
Gestabiliseerd waterstofperoxide daarentegen zorgt wel voor een sterke reductie van het aantal ziekteverwekkers bij veen/kokos.

Zoeken naar beste teeltmethode

Over de combi steenwol en UV-ontsmetting zijn ze redelijk positief. Toch bleven er nog aardig wat pathogenen in de schone drain over. Enerzijds was ook hier de vuile drain koffiekleurig, anderzijds stonden alle steenwolblokken in een rij met elkaar in contact via het drainwater, waardoor een aanvankelijk kleine infectie naar de buurplanten kon verspreiden. Dat geeft uiteindelijk dan veel schimmels in het drainwater.
Daarnaast was het duidelijk zoeken naar de beste teeltmethode, omdat steenwol voor aardbeitrayvelden helemaal nieuw is. Goed vochtig houden bleek een uitdaging.

Steenwol geschikt voor opkweek

“Als algemeen besluit kunnen we stellen dat steenwol geschikt is voor de opkweek van aardbeiplanten op een trayveld en dat de vuilvracht in het drainwater drastisch verminderd wordt. Er is echter nog een lange weg af te leggen om steenwol in de praktijk te laten werken”, concluderen ze in het verslag.
De opgekweekte planten uit de vier verschillende behandelingen zijn dit voorjaar opgeplant in een tunnelkas (Heuvelserre). De plantafstand was 12 planten per meter. De steenwolblokken stonden op een mat, vergelijkbaar met de aanpak bij de vruchtgroenteteelt.

Productie in de kas

De onderzoekers hielden met GroSens sensoren het watergehalte, de EC en de temperatuur in de matten in de gaten. Ze konden de watergift en bemesting voor de planten op steenwol apart sturen.
De productie op steenwol was gelijk aan die van de referentieteelt (dus de planten die op het trayveld drainwater kregen uit het trage zandfilter). De twee andere veen/kokos teelten scoorden lager. De oogst op steenwol kwam iets sneller op gang.
De goede productie op steenwol was des te meer opmerkelijk omdat een flink deel van de planten uitviel. Dat liep op tot 15%. De onderzoekers schrijven dat toe aan de hoge belasting.
De inworteling in de steenwolmatten verliep vlotjes met veel witte wortels. In de matten met veel uitval zagen ze juist een minder goede doorworteling en een hoger aandeel bruine wortels

Verbeteringen nodig

De conclusie is dat steenwol als alternatief voor veen/kokos potentie heeft. De hoge uitvalcijfers zijn te wijten aan de manier van opkweken. Daar valt dus duidelijk nog iets te verbeteren. Met name de verspreiding van ziekte van de ene naar de andere trayplant moet teruggedrongen worden.
De trayplanten op steenwol waren opvallend zwaar. Ook dat vergroot de kans op uitval tijdens de productieteelt, omdat de planten zwaar worden belast. Van de andere kant produceerden de zware planten heel goed.
Doorteelten in de kas en teelten met doordragers hebben een stabiel substraat nodig gedurende een langere periode. Steenwol past bij die wens. Telers zullen echter wel moeten wennen aan de andere manier van watergeven, schrijven de onderzoekers.

Lees het volledige artikel over de eerste praktijkervaringen met steenwol bij aardbeienbedrijf Genson in het augustusnummer van vakblad Onder Glas.

Tekst: Tijs Kierkels, beeld: Wilma Slegers