Het meerjarige onderzoeksproject ‘Met LED naar de perfecte chrysant’ duurt voort. In het afgelopen jaar is het temperatuurregime geoptimaliseerd. Door de structureel hogere temperaturen bij de start van de teelt, kwam het energieverbruik hoger uit. De teeltresultaten konden echter wedijveren met die van het referentiebedrijf, wat eerder nog niet het geval was.

Een klein jaar geleden, in het juni/juli nummer van Onder Glas, blikte de onderzoeksgroep terug op het eerste belichtingsseizoen waarin de chrysanten onder full LED waren geteeld. Dat verliep alleszins redelijk, mede dankzij het iets hogere lichtniveau (185 µmol/m².s) ten opzichte van de hybride-installatie die daarvoor werd gebruikt (164 µmol/m².s).
De onderzoeksafdeling van Delphy Improvement Centre beslaat 1.000 m² en is uitgerust met buisverwarming en een Actief Ventilatie Systeem (AVS) met warmteterugwinning, dat wordt gebruikt om de kas te ontvochtigen en (in de zomer) te koelen. De luchtramen zijn voorzien van grofmazig insectengaas (0.8 x 0.8 mm).

Klimaat en insectengaas

Het insectengaas was één van de vraagtekens in de zestiende teelt, die op 12 augustus (week 33) startte. Zou het bij extreme hitte lukken om, ondanks het insectengaas dat de natuurlijke luchtuitwisseling bemoeilijkt, het gewenste klimaat te handhaven?
Eind week 33, begin week 34 was ons land in de greep van een hittegolf en kon de uitrusting van de kas zich bewijzen. Het ventilatiesysteem, dat over een maximale inblaascapaciteit van 12 m³/m²/uur beschikt, moest aan de bak.
“We hebben geen problemen ervaren. Dankzij vernevelen en geforceerd ventileren met de AVS bleef het klimaat goed overeind”, zegt teeltmanager Richard van der Stoep van Delphy IC. “Het gaas houdt trips niet tegen, maar vlinders en wantsen komen er niet doorheen. Die willen we beslist buiten houden.”
Kasklimaat- en Het Nieuwe Telen expert Arie de Gelder van Wageningen University & Research had graag gezien dat de hitte zich vier weken later had aangediend. “Dan had de teelt in de meest gevoelige periode gezeten. Misschien zou dat enig verschil hebben uitgemaakt. Echt koel krijg je de kas onder dergelijke omstandigheden natuurlijk niet. De geforceerde ventilatie houdt het gewas actiever, waardoor het zichzelf beter kan koelen via verdamping.”
Dat trips in de loop van teelt 16 de kop opstak, was geen verrassing. “Toch is het niet uit de hand gelopen”, vindt BCO-lid André van Paassen, bedrijfsleider bij Arcadia Chrysanten. “Met montdorensis en bijvoeding is de biologische tripsbestrijding robuuster geworden.”

Hogere dagtemperatuur

Het gemis van stralingswarmte bij 100% LED gaf in seizoen 2019/2020 een wat tragere groei met iets lagere takgewichten, hoewel het geen invloed had op de teeltduur. Onderzoekers en BCO besloten om de dagtemperatuur bij de start van de teelt structureel te verhogen met bijna 2ºC.
Van der Stoep: “Er is bewust gestookt op een dagtemperatuur van 20,5ºC en een nachttemperatuur van 18,5ºC. Daar moet je bij full LED echt moeite voor doen en om die reden is het ons ook niet gelukt om fossielvrij te telen.”
In teelt 17 en 18, de herfst- en winterteelten, is er voor verwarming respectievelijk 6,2 en 7,2 m³ a.e. per m² verstookt. Bijna de helft werd ingevuld met warmte die bij het ontvochtigen aan de kaslucht was onttrokken.

Rasverschillen

In elk van de afgeronde drie teelten (16 t/m 18) stonden gelijke aantallen van de rassen Baltica en Chic. De teeltresultaten van Baltica deden niet onder voor die op het referentiebedrijf, waarmee dit ras de positieve lijn van het voorgaande jaar wist door te trekken. Chic kwam in de eerste teelten ook goed mee, maar bleef achter in de twee zwaarst belichte teelten, waarvan de laatste in maart is afgerond.
“We komen in de buurt van de referentieteelt, maar er blijven uitdagingen”, verklaart Van der Stoep. “Chic vraagt in de eerste teeltfase onder full LED wat meer sturing dan Baltica en kreeg in de proef eerder bladproblemen.” Van Paassen vult aan: “Daar zijn meerdere verklaringen voor te bedenken, die elkaar mogelijk versterken. Chic is sowieso een wat minder makkelijk ras, waar je bij de teeltstrategie rekening mee moet houden. Als de grond niet super homogeen is en de watervoorziening niet optimaal, verloopt het inwortelen vaak moeizamer. Dat geeft meer variatie in takgewicht. Ook het belichtingsregime kan invloed hebben. We weten dat je jonge planten bij een hoog geïnstalleerd vermogen in het algemeen beter niet direct de volle laag kunt geven.”

Bladkwaliteit

Van der Stoep: “In teelt 17 is er in de langedagperiode 24 uur per etmaal belicht, in teelt 18 was dat 21 uur. De bladkwaliteit van Chic ging in de eerste teelt snel achteruit, in de volgende teelt pas aan het einde. Een verklaring kan zijn dat de lichtsom in teelt 17 misschien net te hoog was voor het jongste gewasstadium. In de nazomer is er nog een behoorlijke natuurlijke daglengte en instraling. Misschien is het beter om de eerste dagen op half vermogen te belichten of een paar uur donker in te lassen.”

Plantdichtheden

In teelt 17 is er gevarieerd in plantdichtheden, waarvoor een proef in viervoud was aangelegd. “We hadden het idee dat we vorig jaar al wat hoog zaten”, aldus Van Paassen. Bij 64-68 planten per m² zagen ze ook nu veel achterblijvende takken. Bij een dichtheid van 58 planten per m² was het takgewicht prima. “Ook voor dit aspect zul je bij een gegeven lichtreceptuur een rasafhankelijk optimum moeten vaststellen. Deze praktijkproef biedt daar helaas niet genoeg ruimte voor.”

Nieuwe LED-installatie

Na teelt 19 (start april), wordt de kas opnieuw ingericht. De dubbele LED strengen met rood-blauw en rood-wit-blauw licht maken plaats voor GreenPower Toplighting compact modules (r-w-b), die 200 µmol/m².s PAR leveren. Het aandeel wit licht neemt dan iets toe. Van der Stoep: “De rassenkeuze stemmen we binnenkort af met de BCO. Het komende seizoen zoomen we dieper in op de energiebalans in de verschillende teeltperioden. Ook de tripsbestrijding krijgt specifiek aandacht.”
De Gelder wijst erop dat rasgevoeligheden onder full LED mogelijk versterkt tot uiting komen, omdat de huidige veredelings- en selectiepraktijk nog niet op dit groeilichtconcept is afgestemd. “Wanneer full LED de norm is, heeft dat ongetwijfeld invloed op de keuzes die selecteurs maken.”
Het onderzoek bij het Delphy Improvement Centre valt binnen het programma Kas als Energiebron en wordt gefinancierd door het Ministerie van LNV, ChrIP (chrysantentelers), Dümmen Orange, Floritec en Royal van Zanten. Koppert Biological Systems en Signify participeren en de projectleiding berust bij Wageningen University & Research.

Tekst: Jan van Staalduinen, beeld: Studio G.J. Vlekke