“Telers kunnen sinds enkele weken via LetsGrow.com digitaal excursie lopen, als alternatief voor een bedrijfsbezoek”, zegt Ton van Dijk. Die applicatie maakt het mogelijk filmpjes te maken en te delen op het platform. Die beelden vormen de basis voor een discussie, die op elke willekeurige plek met een internetverbinding kan plaatsvinden. Van Dijk: “Zo ontstaat een hele nieuwe manier van kennisdeling.”

‘Digitaal Excursie Lopen’ is afgelopen winter ontwikkeld in samenwerking met telers. Wat geeft deze module precies weer?

De module geeft de video’s van het gewas samen met de klimaatdata, opmerkingen van telers en de gewasbeoordelingen weer in één overzichtelijk dashboard. De video’s en beoordelingen zijn nieuw ontwikkeld. Telers bepalen zelf met wie ze in een groep willen zitten en met wie ze de data willen delen. Ze kunnen ook samen een protocol aanmaken, zodat filmen en tellen door iedereen op dezelfde manier wordt gedaan. Met een aantal parameters – bijvoorbeeld de kleur van het gewas, de kopdikte of de stand van de bloemen – kunnen de leden het gewas beoordelen. De parameters kunnen per groep verschillen.

Er ontstaat een hele nieuwe manier van kennisdeling, zeg je. Hoe dan?

Telers kunnen ook opmerkingen naar elkaar plaatsen. Dat kunnen ze doen tijdens bijeenkomsten op een plek buiten het bedrijf, maar ook op elk ander gewenst moment. Bijvoorbeeld als de ene teler zijn klimaatomstandigheden vergelijkt met een collega. Bij vragen hoeft er geen whatsapp-bericht meer gestuurd te worden naar elkaar, maar kan men via de opmerkingen vragen aan elkaar stellen. Het voordeel hiervan is dat er een logboek ontstaat om later weer terug te kunnen kijken. Tijdens bijeenkomsten bekijkt men gezamenlijk de filmpjes en geeft men met de telefoon cijfers over elke parameter. Niet: ‘dat is goed’ of ‘slecht’ of ‘dat gewas is te vegetatief of te generatief’. Nee, een getal. Dan krijg je interessante verschillen.

Hoe bedoel je dat?

Dan krijg je al snel discussie over: waar kijk jij naar en waarom vind jij dit of dat? Je krijgt dan heel inhoudelijke discussies, waar telers heel veel van elkaar leren. Je krijgt door deze aanpak van de jongere leden ook een ander type vragen voor de oudere generatie. De onervaren teler heeft nu meer handvatten om gerichte vragen te stellen. Die ervaren telers worden weer getriggerd om op basis van feiten antwoord te geven. Dan ontstaat er een heel mooi leerproces voor beide. Dat is de meerwaarde.”

Ze zien en ruiken en voelen het gewas niet meer, wordt dat niet gezien als een nadeel?

Dat maakt het in het begin lastiger, je moet leren om met elkaar een ander soort discussie te voeren, op data gebaseerd. Sommigen vinden het jammer, ze moeten switchen van traditioneel telen naar datagedreven telen. Maar iedereen beseft: het moet deze kant op, anders heb je geen informatie meer. Of het beter of slechter is dan bedrijfsbezoeken laat ik graag aan de teler zelf om te beoordelen. Het is anders. Er zijn ook jongeren die hier de voorkeur aan geven, omdat ze het moeilijk vinden om het zien en ruiken en voelen te vertalen naar concrete vervolgstappen.
Op deze manier worden telers ook uitgedaagd om hun gevoel dat nu op beeld staat ook helder uit te leggen. Wat je ziet is dat er veel meer strategische discussies ontstaan: waarom doe jij dit nu, wat ga je doen?

Hoeveel telers gebruiken de module nu?

Ik schat het aantal op 75 tot 100 telers. Er zitten gemiddeld vijf telers in een groep, dan kom je dus uit op 15 tot 20 groepen.

Zijn dat allemaal tomatentelers?

In Nederland op dit moment wel, daar ligt ook de grootste uitdaging op het gebied van de plantgezondheid. Maar we zien ook in het buitenland telers die het willen gaan gebruiken omdat ze op verschillende locaties zitten. De telers kunnen dan in een webinar over hun teeltresultaten praten. Via het dashboard dat wij hebben ontwikkeld is gewaarborgd dat alle telers naar dezelfde data zitten te kijken. Dat is heel waardevol, want mensen op afstand praten heel makkelijk langs elkaar heen. Het is ook handig voor Nederlandse teeltbedrijven met meerdere locaties, bijvoorbeeld in het buitenland.

Van wie zijn die data?

Die blijven altijd van de teler. Het is zijn productieproces, daar zijn wij heel strak in. Wij doen niks met de data van de teler, tenzij de teler ons vraagt daar wat mee te doen. Op het moment dat een teler aan ons vraagt: maak een oogstprognose of een klimaatanalyse, doen we dat.

Tekst: Mario Bentvelsen