De tuinbouw is verworden tot een monocultuur. Zo’n totaal uitgekleed natuursysteem is vragen om problemen, menen aanhangers van de ecologische teeltwijze. Voor een meer weerbaar gewas moet het systeem – vanuit de natuur gezien – completer. Gerberateler Ruud Batist integreert stapsgewijs natuurprincipes in het standaard teeltplan. Zo ontstaat een gezonde leefomgeving voor de plant. “En met een sterk gewas hoef ik de chemiefles minder vaak te hanteren.”

Nu tweeënhalf jaar geleden klopte ecologisch adviseur Theo van der Knaap aan bij het bedrijf aan de Oranjepolderweg in Maasdijk. “Zijn verhaal klonk mij logisch in de oren”, aldus Ruud Batist. “Als je gezond leeft en eet, word je minder snel ziek. Waarom zou dat ook niet voor planten gelden?”

Gezonde omstandigheden

Een gewas dat groeit onder gezonde omstandigheden ontwikkelt meer weerbaarheid tegen ziekten en plagen. Van der Knaap: “Iedereen wil een gezond product. De afgelopen decennia dachten telers en voorlichting dat vooral te bereiken middels het onderdrukken of bestrijden van kwalen. Maar echt, daar krijg je altijd nieuwe ellende voor terug. Met het ecologische gedachtegoed richten we onze pijlen meer op de bronoplossing van problemen; een natuursysteem is meer in evenwicht en het gewas beter zelfredzaam.”
De adviseur geeft een voorbeeld: een paar plaaginsecten op de vangplaat leidt niet in twee dagen tot een plaagexplosie. Een gezond systeem houdt de populatie namelijk beheersbaar doordat het zelfregulerend vermogen van de natuur een sterke plant niet opruimt. Insecten ontwikkelen zich minder hard en trekken zich terug. “Ingrijpen is dan vaak minder hard nodig.”

Plantweerbaarheid

Voor de teler is de ecologische werkwijze geen doel op zich, maar een manier om een goed product te telen met zo min mogelijk gewasbeschermingsmiddelen. “Iedereen zoekt naar een manier om overeind te blijven met het huidige smalle middelenpakket. Ik geloof in het plantweerbaarheidsverhaal en werk aan een meer natuurlijke kringloop in m’n kas. Trouwens, wat mij betreft sluit het een het andere niet uit. Enerzijds versterk ik mijn gewas door de natuur zijn werk te laten doen en anderzijds gebruik ik chemie als dat nodig is. Ik hoop alleen dat moment vaker en langer uit te kunnen stellen.”
De ecologische benadering verschilt per bedrijf en per teler. Van der Knaap: “Het verhaal is uiteraard eenduidig: in plaats van bestrijden, proberen we de vitaliteit van de natuur in een teeltsysteem te vergroten. De aanpak is een optelsom waarbij ook klimaat en meststoffen een belangrijke rol spelen. Telers doseren daarbij ook diverse producten op natuurlijke basis. Alles om die natuurlijke diversiteit te herstellen.”

Bokashi-methode

“Met het integreren van verschillende natuurprincipes slaat de teler een brug tussen techniek en ecologie”, vervolgt de adviseur. “Natuurlijk moeten zaken als pH en EC gewoon dik in orde zijn. Daar bovenop kan een teler zich verdiepen in de natuursystemen en zelf creatieve toepassingen voor het eigen bedrijf bedenken. Dat kost vaak weinig tot niks. Behalve wat tijd dan.”
Batist laat zijn zelfgebouwde waterval en Bokashi-vat zien. Bokashi is het Japanse woord voor ‘goed gefermenteerd organisch materiaal’. “In deze blauwe ton verzamel ik plantenresten van de gerbera waarna ik het luchtdicht afsluit. Tijdens het fermentatieproces ontstaan nuttige stofwisselingsproducten van micro-organismen. Het sap dat beneden uit de ton loopt, bevat bioactieve voedingsstoffen, zoals natuurlijke antibiotica. Deze vloeistof voeg ik toe aan het gietwatersysteem, het bevordert de microbiële diversiteit van de steenwol.”
Ecologisch gezien krijgt het gewas zo meer essentiële energie en een grotere weerbaarheid tegen schadelijke bacteriën en schimmels. De teler probeert de kringloop van de natuur, waarin dood materiaal wordt verteerd en weer opgenomen, te herstellen. In het gangbare teeltsysteem is dit stuk verdwenen.

Aandacht voor kringloop

Ook de waterval moet essentiële natuuringrediënten terugbrengen in de uitgeklede teelt. Nadat het drainwater door de ontsmetter is gegaan, laat de teler het breed over een plaat in de gietwatertank ‘vallen’. Op deze manier voegt Batist zuurstof toe. “Het idee hierachter is ook dat het water door het wervelen weer wordt gereinigd, meer zuurstof, licht en energie meeneemt het systeem in. Je verrijkt het water op een simpele manier, het bestaande teeltsysteem is weer completer en dat komt de vitaliteit van het gewas ten goede.”
Van der Knaap wijst op de natuur waar heftig stromende beekjes en rivieren voor een gezonde biotoop zorgen. Want daar gaat het om in de ecologische teelt: de door de tuinbouw vergeten, maar o zo belangrijke, invloeden weer terugbrengen in het systeem.

Natuur is complex geheel

Grote vraag is natuurlijk of het werkt. “Vitaliteit laat zich lastig in harde cijfers meten”, erkent de gerberateler. “Wel heb ik goed vergelijkingsmateriaal. Op onze andere locatie in Maasdijk – 28.000 m2 – hanteren we de natuurprincipes niet. Natuurlijk hebben we daar ook een prachtig bedrijf, maar ik merk wel dat het hier dit jaar allemaal net iets makkelijker gaat.”
Om een voorbeeld te noemen: in de nazomer had het teeltbedrijf op beide locaties wat mineervlieg. “Hier aan de Oranjepolderweg herstelde het gewas na een lichte correctie snel de balans. Op de Tuindersweg hadden we wel een paar maanden werk. Dat is gaaf om te merken, ik steek er best veel tijd in. Zoiets moet groeien. Het eerste jaar waren de effecten niet direct zichtbaar. Ik geloofde wel al in het concept, maar moest alles nog leren en bestuderen. De natuur is een complex geheel. Trouwens, zo’n verrijkt ecosysteem creëer je niet in 1 of 2 dagen.”

Productie en continuïteit

Het ecologische gedachtegoed draagt handvatten aan, het is aan de teler om die te ontdekken, te implementeren en te beoordelen. De teeltadviseur, die regelmatig samenwerkt met het gespecialiseerde bedrijf Plant Health Cure, ondersteunt het bedrijf daarbij. Elke zes weken komt Van der Knaap bij Batist op de koffie om uitgebreid de teelt en eventuele problemen door te nemen. Met hun gezamenlijke kennis van ecologie en gerbera worden strategieën aangescherpt. “Mijn meerwaarde is dat ik niet dieper inzoom op details; ik doe een paar stappen achteruit en kijk naar het systeem als geheel. Samen met de teler bepalen we de acties om het systeem vanuit de natuur gezien weer zo compleet mogelijk te maken. Een meer holistische benadering.”

Continuïteit en rendement

Ecologie en techniek, beide dienen bij de teler eenzelfde doel: economie. Het verdienmodel staat centraal. De teler moet productie draaien en met een gezond gewas gaat dat beter en makkelijker. Batist: “Ik wil zoveel mogelijk stelen van hoge kwaliteit kunnen afzetten. Hoe minder ziekten en plagen, hoe beter dat gaat. Daarbij komt dat een gezond gewas minder ingrijpen behoeft en de kosten voor gewasbescherming dus dalen. En nogmaals, dat bewerkstellig je niet alleen met een waterval. Het is een groot pakket aan teelthandelingen en -voorzieningen. De juiste meststoffen, een evenwichtige biologie, goede klimaatsystemen, kundige medewerkers, noem maar op. De toegepaste natuurprincipes zijn hier onderdeel van en zal ik nooit inzetten ten koste van de productie. Ik verwacht juist dat door de inzet van natuurprincipes de productie zal stijgen. Een gezond systeem waarborgt de continuïteit en het eindrendement van ons bedrijf.”

Samenvatting

In zijn zoektocht naar een weerbaarder gewas, verdiept gerberateler Ruud Batist zich in de ecologische teeltwijze. Hij integreert natuurprincipes in zijn bedrijf en hoopt daarmee onder meer de biodiversiteit en vitaliteit te verhogen. Door de natuur meer toe te laten, wordt het zelfherstellend vermogen van de complete teelt verbeterd en kan chemisch ingrijpen vaker achterwege blijven. Doel is het waarborgen van een goede productie, kwaliteit en continuïteit.

Tekst: Jojanneke Rodenburg. Beeld: Studio G.J. Vlekke.

Gerelateerd