Vorig jaar heeft het Ctgb een nieuw fungicide toegelaten voor meeldauwbestrijding in onder andere bedekte snijbloementeelten. Onafhankelijk gewasbeschermingsadviseur Erik Mooij, gespecialiseerd in roos en gerbera, heeft er in de rozenteelt voldoende ervaring mee opgedaan om het te adviseren voor toepassing in de zomer. De ervaringen in de gerberateelt zijn beperkt. “Daar is aanvullend onderzoek nodig, vanwege het grote aantal geteelde rassen en hun gevoeligheden.”

De toelating van Alibi Flora is in principe zeer welkom, want er zijn de afgelopen jaren verschillende werkzame stoffen weggevallen. Desondanks hadden rozen- en gerberatelers nog altijd tien middelen tot hun beschikking voor meeldauwbestrijding, dat jaarrond aandacht verdient. Adviseur Erik Mooij somt ze uit het hoofd op: Abir (Nimrod), Bifasto, Collis, Fungaflash, Meltatox, Serenade, Takumi, Topaz (alle behorend tot slechts enkele chemische groepen) en de groene middelen Karma, Serenade en Taegro. Hij komt zelfs tot elf als je Rocket meerekent, dat tot het einde van het jaar mag worden opgebruikt.

Pakket met beperkingen

“Daarmee valt het op papier sterkste middel weg en wordt de spoeling weer dunner”, zegt hij. “Het probleem is dat veel van de resterende middelen in dezelfde chemische groepen zitten, waardoor afwisselen lastig blijft. Bovendien werken sommige middelen alleen preventief, laat de duurwerking soms te wensen over en mag je ze vaak maar enkele keren per jaar gebruiken.”
De groene middelen lenen zich volgens Mooij alleen voor preventieve bestrijding zolang de meeldauwdruk niet te hoog is, al helpen ze uiteraard wel om de druk langer laag te houden. Tegen Karma kan meeldauw in principe geen resistentie ontwikkelen, maar daar staat tegenover dat het een zoutresidu achterlaat op het gewas. Telers willen het daardoor niet al te vaak achtereen toepassen. “Kortom, op het pakket dat we nog hebben heeft het echt wel beperkingen als je bedenkt dat meeldauw het hele jaar door een bedreiging vormt”, vat de adviseur samen. “Het combineren van middelen haalt de pijnpunten slechts ten dele weg.”

Nieuw middel

Het wekt dan ook geen verbazing dat de toelating van Alibi Flora werd verwelkomd. De twee actieve stoffen azoxystrobin (200 g/l) en difenoconazool (125 g/l), een strobilurine en een triazool, geven het middel een zeer goede preventieve en bevredigende curatieve werking, die bovendien tamelijk breed is.
“De effectiviteit en duurwerking zijn goed, die staan ook niet ter discussie”, bevestigt Mooij. “De vraag die het afgelopen jaar moest worden beantwoord, was of je het zonder meer kunt gebruiken. Gewasgevoeligheid is in gerbera altijd een aandachtspunt en het fytotoxisch onderzoek dat in het toelatingstraject plaatsvindt kan nooit alle gewassen en rassen bestrijken. Dat moeten we in de praktijk zien vast te stellen.”

Toepassing in rozenteelt

In de rozenteelt lijkt het nieuwe fungicide bij uitstek geschikt voor toepassing in de zomer. De weersafhankelijk meeldauwdruk kan dan relatief hoog zijn én het gewas bevat dan minder jonge scheuten, die het gevoeligste zijn voor schade door chemicaliën.
De adviseur: “In de winterperiode zagen we bij gevoelige rassen soms wat bladschade ontstaan, in de zomer niet of nauwelijks. Met die kanttekening durf ik het middel voor deze teelt met een gerust hart te adviseren. Veel telers maken nu nog hun voorraadjes Rocket op en de ervaringen zijn dus nog steeds beperkt. Mijn verwachting is echter dat het nieuwe fungicide vanaf het late voorjaar breder zal worden ingezet in de rozenteelt. Daar kan ik wel achter staan.”

Gerberateelt

Voor de gerberateelt is Mooij nu nog terughoudend. Er is nog te weinig bekend over de rasspecifieke gevoeligheden. “Wanneer een gerberaplant een chemisch middel niet goed verdraagt, kan dat leiden tot bloemverkleuring”, licht hij toe. “Dat risico wil je niet lopen. Momenteel vindt er overleg plaats om hiervoor breed, goed gecoördineerd praktijkonderzoek op te zetten met aandacht voor toepassingsperioden en concentraties in een range van cultivars. Syngenta is betrokken bij de gesprekken. Ik hoop dat we snel meer zicht krijgen op de gebruikswaarde van dit product voor de gerberateelt. Aan een sterk middel is altijd behoefte. Of het in gerbera ook verantwoord is toe te passen, zal moeten blijken.”

Tekst: Jan van Staalduinen