Aan schermdoeken en kasdekcoatings is tegenwoordig keuze te over. Welke (gewasafhankelijke) keuzes maken telers daarbij en waardoor laten zij zich leiden? Een paprikateler en twee siertelers lichten hun keuzes en afwegingen toe.

Bartjan Kolk uit Amstelveen gaat verhuizen. Hij heeft de hortensiakwekerij die zijn vader ooit startte verkocht en strijkt over enkele maanden neer op een nieuwe, ruimere en beter ontsloten locatie in de buurt. Hij heeft lang nagedacht over de nieuwe schermconfiguratie voor zijn gewas.
“Ik heb alles de revue laten passeren, inclusief open doeken en recente ontwikkelingen zoals het PARperfect systeem”, steekt Kolk van wal. “Een prachtig systeem voor gewassen die veel kunnen verdampen, maar hortensia heeft krijt op het dek nodig om de overmaat aan licht en warmte in de zomer te weren. Dat geeft al de diffusiteit die wij nastreven.”
De sierteler liet twintig jaar geleden een open doek installeren, maar verving dat na één seizoen. “Het vroor die winter eerder in mijn kas dan buiten, zeker bij een pas gesnoeid gewas”, zegt hij. “Ik betwijfel echt of een open doek de uitstraling voldoende vermindert. Je moet er harder door stoken en in de zomer vinden mijn hortensia’s het daaronder al snel te droog. Geen open doek meer voor mij dus, ook niet als tweede scherm.”

Gewas verdampt weinig

Kolk legt uit dat zijn planten relatief weinig verdampen en in het vegetatieve stadium best veel licht verdragen, maar kritischer worden zodra de bloemschermen tevoorschijn komen. Een doek alleen is dan niet voldoende om de temperatuur laag genoeg te houden, dus van juni tot september ligt er standaard krijt op het dek.
Tijdens de laatste nieuwbouw in 2012 koos de teler voor LS 50 Harmony van Svensson, in de stookafdeling aangevuld met een LS 10 energiedoek. Daar is hij nog steeds tevreden over. Het Harmony doek geeft een goede lichtspreiding en je kunt er in de avond en nacht goed mee schermen onder geopende luchtramen om vocht af te voeren.

Smallere spouw

Kolk volgde een cursus voor Het Nieuwe Telen en is, met behulp van een pyrgeometer (infraroodmeter) die hij twee jaar geleden liet installeren, intensiever gaan schermen. Daarmee beperkt hij de uitstraling en houdt hij de bloemtemperatuur boven het dauwpunt.
In de nieuwe kas laat de ondernemer het tweede (energie)doek halverwege de tralie monteren, waardoor er een smallere spouw ontstaat die beter isoleert. “De doeken zijn vrijwel gelijk aan wat hier nu hangt: boven Harmony 4617 en onder Luxous 1547. Het Luxous doek geeft meer diffuus licht dan het huidige LS 10, wat prettig is. In het voorjaar wil ik ’s ochtends beginnen met 80% onderscherm, tegen de middag ligt het Harmony doek voor 80% dicht. De kieren laten we door de overlap van de twee schermen verdwijnen.”

Tegengesteld schermen

Edwin van de Ploeg en zoon Stijn van paprikakwekerij Montreahof in Berkel en Rodenrijs gebruiken een dubbel energiescherm en een permanente ReduFuse dekcoating, die ieder jaar wordt vernieuwd. In de oudste kas van 5,3 ha uit 2000 liggen twee schermen die in dezelfde richting lopen. In de nieuwste, vorig jaar gerenoveerde kas van 12.000 m2 kwam een nieuwe installatie met schermen die tegengesteld lopen.
“Dat heeft als groot voordeel dat je veel flexibeler kunt schermen en vocht kunt afvoeren”, legt Stijn uit. “Door beide schermen half te sluiten krijg je een volledig schermeffect, terwijl er tussen de schermen ruimte blijft voor luchtbeweging en vochtafvoer.”
Het bovenste scherm is van het type Luxous 1147 FR, dat zo’n 47% energie bespaart, volledig transparant is en veel (diffuus) licht doorlaat, en dankzij de open structuur veel vocht kan afvoeren. Onderin ligt PhormiTex Super doek, dat eveneens een diffuserend en vochtregulerend karakter heeft. Ook dit doek bespaart 47% energie.

Gewas heeft minder stress

“Deze combinatie, inclusief de vaste coating op het dek, bevalt ons heel goed”, vat de bedrijfsopvolger samen. “Hiermee besparen we veel energie, krijgen we mooi diffuus licht in de kas en houden we in de zomer veel warmte buiten, waardoor het gewas minder stress ervaart.”
Op de vraag of de principes van Het Nieuwe Telen worden toegepast en of dat tot een andere schermstrategie heeft geleid, zegt Van de Ploeg: “We kennen de achtergronden en ervaringen, maar actief ontvochtigen met buitenlucht is in paprika best lastig. Zeker met het ras dat wij telen. Het is een grove gele paprika die tot in het najaar mooi grof kan blijven. Het nadeel van dit ras is dat hij wat gevoeliger is voor binnenrot, vooral langs de gevels. Dat kun je voorkomen door iets meer te stoken en de kas al vroeg op temperatuur te hebben. Daarvoor werken wij met een minimumbuis.”

Twee op één bed

Spathiphyllumkwekerij Bestplant in Poeldijk renoveerde vorig jaar een tien jaar oude kas van 2,5 ha, inclusief de scherminstallatie. Het traliespant bood te weinig ruimte voor drie boven elkaar liggende schermen, maar de ondernemers maakten van de nood een deugd door op het onderste van de twee dradenbedden twee schermen te combineren.
“Afhankelijk van de omstandigheden kan er altijd in één of in twee lagen van wisselende samenstelling worden geschermd”, legt vennoot Laurens van Dijk uit. Samen met Hans Zuidgeest, de vader van compagnon Patrick, werkte hij de opbouw van het systeem uit.
Bovenin ligt PhormiTex 77, een gesloten schaduwscherm dat 63% energie bespaart. Onderin liggen aan de ene kant het RES 10 DFR-doek van Ridder en aan de andere kant PhormiTex Lumina 60, dat volgens de specificaties een open schaduwscherm is.
“Het doek van Ridder oogt dankzij de witte bandjes heel licht en is sterk diffuserend”, vertelt de plantenteler. “Dat spreekt ons erg aan. De doeken van Phormium maken het mogelijk om minder licht toe te laten en energie te besparen, al naar gelang onze wensen.”

Lichtgestuurd schermen

Van Dijk wil op efficiënte wijze de best denkbare planten telen. Intensief, PAR-licht gestuurd schermen vindt hij een must. Om dat te faciliteren is de installatie uitgerust met frequentie gestuurde motoren, waardoor de schermen snel kunnen worden geopend en gesloten, en vindt de aansturing plaats op basis van de geregistreerde hoeveelheid PAR-licht.
“Elke afdeling heeft een PAR-meter op gewashoogte en wordt onafhankelijk van de andere afdelingen aangestuurd”, vervolgt de teler. “Dat biedt maximale flexibiliteit. Overdag zijn er weinig momenten dat er niet ergens een scherm in beweging is. Drie installaties boven elkaar zou het mooiste zijn, maar dat was technisch niet te realiseren. Dit bevalt ook goed. Hoor maar, daar loopt er weer een.”

Tekst en beeld: Jan van Staalduinen