Nederland zou een breder assortiment aan groenten kunnen telen, nu Zuid-Europa steeds vaker kampt met extreme hitte, droogte en productie-uitval. Daar is het nu een goed moment voor, zegt Leo Oprel, voormalig beleidsspecialist bij het ministerie van LNV. “Tijdens de energiecrisis zijn veel telers al gaan kijken naar alternatieve gewassen. Toen onder druk van de gasprijzen, nu moeten we dat doen vanuit kracht. Onder glas kunnen we de klimaatverandering ombuigen in een sectorvoordeel.”

Zuid-Europa zucht onder extreme hitte, branden en waterschaarste. De klimaatverandering is dichterbij en voelbaarder dan ooit. De aanvoer van groenten uit de zuidelijke landen staat daardoor onder druk; onder deze omstandigheden houdt geen gewas het uit.

Verlies van productie in het zuiden compenseren

“Hoe cru het ook klinkt: de een zijn dood is een ander zijn brood. Wat mij betreft biedt de klimaatverandering, die nu lokaal een klimaatcrisis is, Nederland volop kansen voor bedekte teelten. Wij hebben nog altijd een mild klimaat en we vangen in de winter voldoende water op voor de zomer.
In landen met teelten onder de volle zon of folie, hakt de klimaatcrisis er stevig in. Onder glas zetten wij met minimale energie-inzet het klimaat naar onze hand voor de productie van tomaat, komkommer en paprika. Waarom dan ook niet voor bijvoorbeeld pastinaak, boontjes of andere gewassen, als de zuidelijke landen die straks niet meer kunnen produceren,” vraagt Leo Oprel zich af. “Wij hebben veel knowhow, een sterk ontwikkeld agribusiness systeem en een grote afzetmarkt dicht bij huis. We hebben dus alles in huis om het verlies van productie in het zuiden te compenseren, en om dat succesvol te doen.”

Niet terug naar het oude normaal

De gepensioneerde beleidsspecialist vindt de huidige periode bij uitstek geschikt voor een omwenteling. “Door de hoge gasprijzen zijn telers anders gaan denken. Chrysantentelers zetten plotseling een kas met bloemkool op, tomatentelers schakelden over op sla en komkommertelers probeerden pastinaak uit. Vooral om energie te besparen. Nu we daarvoor open zijn gaan staan, is het zonde om terug te vallen in het oude normaal nu de gasprijzen weer dalen. Om weer te gaan doen wat we altijd deden. Laten we de open mindset vasthouden en kansen pakken. Want de onderstroom is gewijzigd en zet door.
Het energielandschap wordt niet meer als voorheen en klimaatrampen zullen de productie in het zuiden blijven teisteren. De adempauze in de energiecrisis biedt ons de kans om belangrijke beslissingen te nemen. 2023 is dus een belangrijk jaar; het begin van een cruciale fase. Ik hoop dat ondernemers die rustpauze aangrijpen om vooruit te kijken en met lef voor te sorteren op problemen die geheid zullen ontstaan. Door nieuwe teelten op te pakken die de zuidelijke landen gaan laten liggen. En niet alleen de mainstream gewassen.”

Niet duurder

Om productie over te nemen van hun zuidelijke collega’s, hoeven Nederlandse glastuinders nauwelijks fossiele energie in te zetten. En ze weten de energie-inzet steeds verder te reduceren, door duurzame innovatie én door mildere winters. Oprel ziet daar geen concurrentieproblemen. Integendeel zelfs. “Onder glas kunnen wij de gevolgen van de klimaatverandering buiten de deur houden. Dat is ons grote voordeel. En we kunnen al met veel minder energie af dan voorheen.
Eén van de laatste onderzoeken onder de vlag van LNV toonde aan dat het heel goed mogelijk is om in de winter komkommers te telen met 10 kuub gas en 100 kWh aan elektriciteit. En op dat gebied blijft de sector stappen zetten. Dus ja, onze boontjes bijvoorbeeld − en andere gewassen − zullen in eerste instantie duurder zijn dan die uit Marokko, maar als ze die daar niet meer kunnen telen omdat er geen water is, zullen hun boontjes verdwijnen.
Als we hier kennis opdoen en opschalen in nieuwe teelten, zullen die ook steeds efficiënter en goedkoper worden. Kijk maar naar aardbeien. Tien, twintig jaar geleden stond de teelt onder glas nog in de kinderschoenen, nu is het één van de grootste kasgewassen en hebben we het gewonnen op kwaliteit met een hoge productie. Of kijk naar de teelt van bramen, frambozen of thee onder glas in Nederland. Er is zoveel mogelijk.”

Concurrentievoordeel is de ander een stap voor blijven

Concurrentievoordeel, zo zegt Oprel, is niet snéller lopen dan een ander, maar de ander een stap voor blijven. “We moeten niet alleen de problemen van vandaag op willen lossen, maar juist inzetten op oplossingen voor problemen die in de toekomst gaan ontstaan. Daar horen de gevolgen van de klimaatverandering bij. Maar ook duurzaamheid. De Nederlandse glastuinbouw heeft al een voorsprong in duurzaam produceren en kan de ervaring en de creativiteit die veel telers eigen is, ook voor nieuwe teelten inzetten.”

Tekst: Astrid Zoumpoulis, beeld Michel Heerkens