In de gerberateelt is dit voorjaar door de telers een zeer afwijkende teeltstrategie gevolgd. De aanleiding daarvoor is natuurlijk de dramatische afzetsituatie vanaf week 12 vanwege de coronacrisis. Op ons advies zijn telers vanaf 16 maart zeer koel gaan telen en hebben zij de daglengte verder verkort. Het doel was om groei en productie op korte termijn zoveel mogelijk af te remmen.

Al direct wisten we dat we deze strategie ook als een kans konden beschouwen. Voor de telers was het een kans op het verschuiven van de bloemproductie naar een periode met betere afzet en hopelijk betere prijsvorming. Voor ons als adviseurs een kans om kennis op te doen met een manier van telen die nog nooit in het voorjaar zo is toegepast.

Etmaalstrategie

Sinds enkele jaren werken onze klanten met de FloriConsult etmaalstrategie. Op basis van de wekelijkse PAR-som en het CO2-gehalte wordt een specifieke etmaaltemperatuur aangehouden. Deze etmaaltemperatuur is gebaseerd op empirische gegevens, maar vooral ook op basis van de onderzoeks- en praktijkresultaten met Het Nieuwe Telen (HNT) vanaf 2010. Door de afgelopen jaren koeler te gaan telen, is veel bereikt voor verbetering van bloemkwaliteit en productie.
‘Met het licht mee telen’ is een van de speerpunten van HNT en daar is onze tabel op gebaseerd. Dus bij hogere temperatuur mag je een hogere etmaaltemperatuur aanhouden. Afgelopen weken hebben we precies het omgekeerde gedaan.

Gewasomvang sterk gekrompen

Vooraf hadden we bepaalde gewaseffecten verwacht zoals een toename van echte meeldauw omdat er veel meer werd gelucht. Ook een afname van steellengte door een lagere wortel- en etmaaltemperatuur. Afgezien van een tragere uitgroeiduur die we meten in het gewasmanagement- programma FloriFocus, zagen we geen snelle verandering van steellengte of gewicht, plantbelasting, bloemknopaanleg dan wel gewasomvang.
Vanaf week 17 zien we dit echter nu wel. Bloemlengte en gewasomvang zijn bij een aantal bedrijven sterk gekrompen. Een kortere dag en lagere etmaaltemperatuur kan een sterke generatieve impuls geven. Maar opvallend is dat het beeld niet bij ieder bedrijf identiek is. We komen ook dezelfde rassen met vergelijkbare teeltstrategie geteeld tegen die dit niet laten zien.

Meeldauw

Toename van meeldauw hebben we niet gezien. Misschien heeft dit te maken met het lage AV (absoluut vocht) in en buiten de kas door de droge, maar zonnige maand april. Was het AV zo laag dat sporen niet konden kiemen? Er was meer UV-licht dan andere jaren, heeft dit meer sporen gedood?
Blijkbaar spelen er nog andere factoren een rol bij de gewasreactie op een bepaalde daglengte in combinatie met een gerealiseerde temperatuur. Wellicht is scheutafsplitsing een factor die lang doorwerkt op gewasontwikkeling. Ook worteltemperatuur kan een sterk, direct effect hebben op de (lengte)groei van bloemen en gewas. Dit triggert ons als adviseurs dat er nog hiaten zijn in kennis over de plantontwikkeling. Mooie case voor de nabije toekomst.

Tekst: Marco de Groot, FloriConsultGroup