Het areaal kiwibes groeit langzaam maar gestaag. De telers slagen er vooralsnog goed in de neuzen dezelfde kant uit te laten wijzen en wisselen kennis over rassen, teeltsysteem en kwaliteitsbewaking uit. Zo bouwen ze samen aan meer bekendheid voor de supergezonde bes. Teler Nico van Berkel vertelt enthousiast over zijn aanpak.

De introductie van de kiwibes in België en Nederland is volledig terug te voeren op de inspanningen van Filip Debersaques en zijn team aan de Universiteit Gent. Onder zijn leiding zijn de perspectieven onderzocht, heeft de introductie plaatsgevonden in 2007 en worden de veredeling en de vermeerdering gecoördineerd.

Debersaques is ook de voorzitter van de Kiwibes Stuurgroep die alle telers verenigt. Zij delen op een open manier hun ervaringen. Opmerkelijk want uitgebreide kennisuitwisseling tussen Belgische telers is niet vanzelfsprekend. “Het gaat om vragen hoe je het beste kunt telen en welke rassen geschikt zijn. Verder houden we elkaar scherp; als iemand bijvoorbeeld bij een te laag brixgehalte plukt, wordt dat aangekaart”, vertelt Nico van Berkel.

Tweehuizig

Hij teelt zelf 7.000 m2 onder glas en 1,2 ha in de vollegrond in het Gelderse Kerkdriel. Tot 2010 was hij rozenkweker met vestigingen in Kerkdriel en Dongen (Noord-Brabant). De kassen in Dongen hebben een nieuw leven gekregen als stallingsruimte voor caravans en boten.

Op de locatie in Kerkdriel is hij onder de naam Berkels Kiwi Berries een nieuw avontuur aangegaan; want zo kan het best worden genoemd. De teelt is nog zo nieuw dat werkelijk op alle vlakken pionierswerk dagelijkse kost is. De teler omschrijft het als een leerproces dat inmiddels al acht jaar duurt. Welk ras is het beste voor kas of buitenteelt? Is het handig verschillende smaaktypen te telen? Welk teeltsysteem is het beste voor binnen of buiten?

Hij en zijn collega’s komen voor tal van onverwachte vragen te staan. Van Berkel: “Kiwibes is tweehuizig: je hebt dus naast de vrouwelijke ook mannelijke planten nodig voor de bestuiving. Maar die blijken in de kas consequent te vroeg of te laat te bloeien. Daarom moeten we vooralsnog handmatig bestuiven met ingekocht buitenlands stuifmeel.” In de kas heeft hij her en der een proefplant staan van het mannelijke geslacht om het proces toch nog op de natuurlijke manier op gang te krijgen, geholpen door de hommels van Biobest.

Lange aanlooptijd

Wie de supergezonde bessen wil telen, moet enige financiële armslag hebben. Ze dragen namelijk pas na drie jaar. “Vanwege die lange aanlooptijd is het voor een jonge teler heel moeilijk om erin te stappen. Voor mij was het niet zo lastig; dit bedrijf was toch al afgeschreven”, vertelt hij. Anderzijds remt deze hobbel een te snelle toevloed van nieuwe producenten, waardoor de markt overspoeld zou raken.

Er zijn volgens Van Berkel maar drie telers met een kas en een paar met een plastic tunnel. “Eigenlijk is de buitenteelt wel gemakkelijker”, geeft hij aan. Maar in de kas is het seizoen net wat vroeger en is de kwaliteit beter te bewaken. In totaal zijn er zo’n vijftig telers, het merendeel in België en de meesten met een heel klein areaal.

Op tijd plukken

De plant groeit als een gek, wel 25 cm per dag in de zomer. Dat vergt enorm veel snoeiwerk en vormt bovendien een uitdaging om tot een goed teeltsysteem te komen. In de vollegrond vormt de teler de ranken tot een dak, waar de vruchtdragende trossen onder hangen. In de kas houdt hij de plant nog meer in de hand. Opvallend is de zeer ruime plantafstand in de rij en de forse breedte van de paden tussen de planten, beide een gevolg van de grote groeikracht. “Ze hebben veel licht nodig, vandaar al die ruimte tussen de planten. Maar vervolgens moet je in de zomer toch krijten, omdat de kas anders te heet wordt, wat tot verbranding op de vruchten leidt”, vertelt hij.

De paden zijn ingezaaid met gras, omwille van een goede klimaatbeheersing. “Met het gras houd je het vocht beter vast dan wanneer het een zwartstrook zou zijn”, zegt hij.

De oogst vindt plaats van half augustus tot eind september. Dan zet hij tijdelijke medewerkers in. De bessen worden geplukt zodra de zoetheid een brixwaarde van 6,5 heeft bereikt. Dan zijn ze nog stevig genoeg om te vervoeren. Koeling direct na de oogst en tijdens het vervoer is noodzakelijk om te voorkomen dat ze te snel rijpen. “Zodra de oogst nadert, meten we elke dag de brix om ze op precies het goede tijdstip te kunnen plukken. Al die waarden voeren we online in op de teeltmodule op de kiwibes-website. We kennen de waardes van andere telers ook. Als we niet met zijn allen de kwaliteit hooghouden, gooien we onze eigen glazen in”, zegt hij.

Enthousiaste promotor

Het is namelijk belangrijk dat een consument die de kiwibes voor het eerst koopt, meteen een goede indruk krijgt. Negatieve ervaringen kunnen de opmars remmen. Inmiddels zijn er steeds meer supermarkten die het seizoensproduct in hun assortiment opnemen. De afzet vindt exclusief plaats via Coöperatie Hoogstraten.

De teelt verloopt zonder chemische bestrijdingsmiddelen. De teler zet natuurlijke vijanden in tegen plagen. Een groot geluk is dat de Suzuki-fruitvlieg de vruchten niet aantast. Schimmels vormen vooralsnog geen probleem.

Van Berkel is een enthousiaste promotor van de gezonde vrucht, bijvoorbeeld tijdens regionale fijnproeversbeurs ProefLokaal in Zaltbommel, waar veel bezoekers bléven eten van de gepresenteerde bessen. Na het beëindigen van de rozenteelt, bezweken onder de grote internationale druk, was hij toe aan een teelt met leuke toekomstperspectieven en veel uitdagingen op teeltvlak. En daar voldoet de kiwibes uitstekend aan.


Boordevol gezondheid

De kiwibes (Actinidia arguta) is een familielid van de gewone kiwi (Actinidia chinensis). De volledig winterharde struik geeft kleine haarloze vruchten, die in hun geheel te eten zijn. In het wild groeit hij in Oost-Azië. De bessen zijn erg rijk aan gezonde stoffen, zoals vitamine C (twee keer zoveel als citroen), antioxidanten (bijna net zoveel als in blauwe bes) en mineralen.


Samenvatting

België en Nederland tellen inmiddels zo’n vijftig telers van kiwibes, die kennis uitwisselen om de teelt verder te brengen. Er zijn drie glastelers. Voormalig rozenteler Nico van Berkel is een van hen. Het is nog op veel vlakken pionieren: rassen, teeltsysteem en bestuiving. Maar de ondernemer houdt wel van een uitdaging en is een enthousiast promotor van de supergezonde bes, die door steeds meer supermarkten in het assortiment wordt opgenomen.

Tekst en beeld: Tijs Kierkels.





Gerelateerd