Over het begrip weerbaar telen wordt al lange tijd veel gespróken. De afgelopen 2,5 jaar is er in de praktijk door een aantal chrysantenbedrijven in samenwerking met leveranciers ook echt wat mee gedaan. De resultaten van deze praktijkproeven zijn zodanig dat we kunnen zeggen dat er een systematiek ontwikkeld is, die bruikbaar is voor de rest van de chrysantentelers. 

De grote lijnen bij weerbaar telen zijn:

  • Werken met een lagere EC in het gietwater: 1,0 à 1,5 EC. Dus minder inbreng van kunstmest.
  • Binnen de voedingsoplossing die wel gegeven wordt, het niveau van nitraat (NO3) beperken tot 5 à 7 mmol/liter.
  • Toepassen van een organische voorraadbemesting, waarin onder andere stikstof in een andere vorm dan nitraat wordt gegeven en waarin ook calcium in opneembare vorm goed aanwezig is.
  • Toepassen van bladbemesting via de spuitboom, waarin onder andere stikstof in de vorm van aminozuren aanwezig is. Tevens worden sporenelementen ook via bladbemesting in ruime mate toegediend.

Steelstevigheid

De teeltresultaten van een proef van Koppert op een praktijkbedrijf, dat vijf kappen op het bedrijf inmiddels met dertien teelten ‘weerbaar’ geteeld heeft, zijn goed. De takken zijn iets zwaarder, iets gelijker en de bloemen zijn iets mooier.
Het is daarbij opvallend dat het gewas bij de oogst op de weegschaal zwaarder is dan het op het oog lijkt. Dat is een beeld dat gedurende de hele teelt te zien is. Het gewas ziet er tijdens de teelt wat stugger en harder uit dan we normaal gewend zijn. Uit metingen bij de oogst blijkt verder dat er meer gewicht in de steel terecht komt en minder in het blad. De steelstevigheid is daardoor ook beter bij het ‘weerbaar’ geteelde gewas.

Ziekten en plagen

De weerbaarheid tegen insecten en ziektes is in proeven wat lastiger objectief vast te stellen. Het proefbedrijf dat er inmiddels dertien teelten op heeft zitten (zonder in de tussentijd te stomen) merkte dat het in de ‘weerbare’ vakken minder last van aaltjes had. Qua trips en andere bovengrondse plagen was het verschil in de eerste teelten niet duidelijk. De laatste paar rondes is er wel verschil in tripsdruk te merken.

Meerdere adviezen

De twee partijen die de proeven hebben uitgevoerd, Koppert (Ellen Klein) en Vos Capelle (Mark Kolbach en Mark van der Werf), hebben een kant en klaar systeem voor weerbaar telen in de aanbieding en kunnen daarbij ook de producten leveren die nodig zijn. Beide partijen hebben ervaring bij chrysant, maar hebben daarvoor ook ervaring opgedaan bij aardbeien.
Naast deze bedrijven zijn er ook nog ander partijen met adviezen op het gebied van Weerbaar Telen bezig, onder andere Plant Health Cure, Van der Knaap Ecoconsultancy en Jantineke Hofland.
Weerbare teeltsystemen hebben een afwijkende manier van bemesten. Daarom is het belangrijk om regelmatig plant(sap)analyses te doen en bodemvoorraadmonsters te nemen. Je wilt weten hoe het gewas reageert en/of de bodemvoorraad niet geleidelijk raakt uitgeput. Daar zijn in het verleden wel eens ongelukken mee gebeurd. Bovengenoemde partijen hebben hiervoor ook een monitorings-systematiek ontwikkeld.

Goede ontwikkeling

Wij denken dat de stap naar ‘weerbaar telen’ een goede ontwikkeling is. Minder gebruik van kunstmest, minder last van ziekten en plagen en een kwalitatief betere teelt, wat willen we nog meer? ‘Weerbaar telen’ zal zich de komende jaren verder ontwikkelen. De praktijkervaringen die we vanaf nu opdoen zullen weer meer kennis opleveren, waardoor het systeem over vijf jaar nog beter zal werken dan dat het nu doet.

Tekst: Theo Roelofs, Delphy, beeld: Marleen Arkesteijn