De Vlaamse Raad voor Vergunningsbetwistingen heeft een omgevingsvergunning voor het uitbreiden en het uitbaten van een glastuinbouwbedrijf in Overijse (B) vernietigd verklaard. In de vergunningsaanvraag zou onder andere te weinig zijn gemotiveerd dat de kas geen wezenlijke aantasting van de natuurlijke kenmerken van het habitatrichtlijngebied tot gevolg heeft.

De jonge biologische teler Brecht Fluyt (25) uit Overijse, een dorpje in de zoom van Brussel, loopt al jaren samen met zijn vader rond met het idee om tafeldruiven te gaan telen in een nieuwe kas van een hectare. Op 19 augustus 2021 kregen de ondernemers een vergunning van de provincie Vlaams-Brabant en konden bouwoffertes opgevraagd worden.
De vergunning werd echter betwist door een aantal omwonenden en de Vlaamse natuurorganisatie Natuurpunt. Eind oktober werden deze partijen door de Vlaamse Raad voor Vergunningsbetwistingen in het gelijk gesteld en werd de vergunning nietig verklaard. De Raad oordeelt dat Fluyt de verenigbaarheid van het aangevraagde met de goede ruimtelijke ordening niet afdoende heeft onderzocht op het vlak van mobiliteit en zichthinder voor de omwonenden. “Ook is onvoldoende onderzocht of de WKK functioneel inpasbaar is op de betrokken locatie.”

Nabijheid habitatrichtlijngebied

Een ander punt van kritiek is dat het betrokken project gelegen is in de buurt van een habitatrichtlijngebied, een natuurgebied dat door Vlaanderen bij de EU als beschermd is aangeduid. De Raad oordeelt dat uit de passende beoordeling bij de vergunningsaanvraag niet met zekerheid kan worden besloten dat het ‘aangevraagde geen betekenisvolle aantasting aan de natuurlijke kenmerken van het habitatrichtlijngebied zal veroorzaken’.
Door deze kritiek duikt een glastuinbouwvergunning voor het eerst op in het stikstofdossier dat de gemoederen in Vlaanderen, net zoals in Nederland, bezighoudt. Tot voor kort was het vooral de veeteelt die het slachtoffer leek te worden van de stikstofplannen van de Vlaamse overheid. In het stikstofakkoord, dat in februari werd afgesloten en dat momenteel de onderzoeksprocedure doorloopt alvorens het in wetgeving wordt gegoten, wordt een onderscheid gemaakt tussen stikstof uit de industrie en de landbouw. Voor de veeteelt (NH3) zijn veel hogere eisen gesteld dan voor de industrie (NOx). De redenatie is dat NOx uit schoorstenen diffuser verspreid wordt in de omgeving en de impact op nabijgelegen natuurgebieden daardoor kleiner is.

Industrie of veeteelt

Om deze reden was de industrie, waartoe de glastuinbouw met haar WKK-installatie toegerekend wordt, gebonden aan minder strenge eisen. Deze assumptie wordt door de beslissing van de Raad onderuit gehaald, stelt Landbouworganisatie Boerenbond. “Het zal stikstofgevoelige natuur worst zijn of die stikstof uit een stal of uit een fabrieksschoorsteen komt”, stelt Boerenbond dat op basis van de uitspraak eist dat de het stikstofakkoord terug naar de tekentafel gaat.
Brecht Fluyt zag zijn dossier op deze manier plotseling onderwerp worden in menig Vlaams krantenartikel. De teler, die momenteel in een kas van 6.000 m², biologische groenten teelt, is desalniettemin strijdbaar. Hij ziet goede kansen om aan de opmerkingen van de Raad voor Vergunningsbetwistingen tegemoet te komen met bijkomende motivatie. “Wij hadden een landschapsarchitect  in de arm genomen om de kas op een esthetische manier in te passen in het landschap. Daarbij zitten wij in een gebied met agrarische bestemming. Dan is het toch logisch dat er land- en tuinbouw bedreven wordt.”

Druivenstreek van België

De jonge teler lijkt op dat vlak de cultuur-historische achtergrond van de streek ook aan zijn zijde te hebben. Het gebied in Overijse was in de vorige eeuw een heuse tuinbouwstreek waar honderden bedrijven tafeldruiven onder glas teelden. Anno 2022 zijn er nog maar een paar bedrijven over, die vaak ook nog op steenkolen of stookolie verwarmen.
Door het kleine aanbod van de streekdruiven en toenemende vraag zag Fluyt zakelijke kansen voor een moderne kas met WKK-installatie. “Wij hebben voornamelijk de warmte nodig. Doordat we de elektriciteit kunnen verkopen, kunnen we de stookkosten beperken”, vertelt hij over de keuze van de WKK. Deze redenatie blijft volgens hem ook nog standhouden bij de huidige hoge gasprijzen, alhoewel deze de stookkosten wel degelijk doen stijgen.

Rookgasreiniger

Wat betreft stikstof zou het bedrijf door de inzet van een aantal technieken de uitstoot tot een absoluut minimum beperken. Hij werkt onder andere met een Denox installatie (ureum katalysator) en zal ‘lean-burn’ (verarmde brandstof) toepassen. “Hierdoor doen we zelfs meer dan wettelijk noodzakelijk”, vertelt Fluyt die aangeeft dat de depositie in het uiterste geval 0,045 gram per m² per jaar bedraagt.
Betekent de uitspraak van de Vlaamse Raad nu dat de glastuinbouw moet vrezen voor een toekomstig stikstofakkoord? De sector maakt zich niet gelijk zorgen. “Door het toepassen van een selectieve katalytische rookgasreiniger kun je de uitstoot vergaand reduceren”, stelt Herman Marien van het Kenniscentrum Energie van de hogeschool Thomas More in Geel en nauw betrokken bij de Vlaamse glastuinbouw. “Als het dan nog niet mag, zou je ook geen auto’s meer mogen toestaan in de omgeving wegens hun uitstoot. Dan mag er feitelijk niets meer en krijg je een onwerkbare samenleving.”

Tekst: Jerom Rozendaal