Heeft de glastuinbouw de potentie net zo groot te worden als ASML? En kunnen we net zo knuffelbaar of sexy worden als ‘onze’ chipmachinebouwer? Die vragen stonden centraal tijdens het FVO congres op 25 februari tijdens de vakbeurs HortiContact in Gorinchem, met econoom Mathijs Bouwman en voormalig Greenpeace activist Diederik Samson als podcastende BN-ers. Het werd een levendig debat voor circa 300 aanwezigen uit het tuinbouwvak.
‘ASML, let op! Het hightech tuinbouwcluster komt eraan.’ Onder die titel gaf dagvoorzitter Inge Diepman het startschot voor een inleiding van Jelte van Kammen, CEO van Harvest House. Die zei dat de economische waarde van het tuinbouwcluster ruim 20 miljard euro bedraagt, maar de maatschappelijke waarde ter discussie staat. Oorzaken: het duurzaamheidsverhaal is niet geladen en we reageren te mannelijk op kritiek.
Van Kammen: “Uit een rekensom van een bureau kwam naar voren dat de milieukosten van de glastuinbouw 688 miljoen euro bedragen, maar de baten uitkomen op 1,4 miljard euro, waarbij ook is gekeken naar volksgezondheid, balanceren van het stroomnet, waterzuivering en -opslag, besparing op landgebruik en dergelijke. “Wij vinden dat je steeds transparanter moet zijn en laten zien wat je kosten en baten zijn en wat je eraan doet. Als wij kijken naar synthetische gewasbescherming: die loopt terug, want de maatschappij wil het niet langer. Daarom zijn we het project 100% Groen Geteeld begonnen. Als we ook met minder fossiele energie en minder arbeid weten te produceren, dan zijn we er.”
Consument versus burger
Korneel van der Plas van Albert Heijn kwam vertellen hoe we de consument in dat verhaal mee moeten krijgen. “De consument kijkt vooral naar kwaliteit, smaak en prijs. Prijs is een belangrijke factor, maar je ziet ook een andere beweging richting gemak: dat is de grootste trend die wij nu zien.”
Die consument eet bovendien veel te weinig groenten, gemiddeld 153 gram per dag. “Het is onze ambitie dat te verdubbelen. Maar ik ga die consument niet lastigvallen met verhalen over de keten, maar focus op gezond, gemak, smaak, beschikbaarheid en betaalbaarheid. De klant wil onbezorgd kunnen genieten. De burger staat open voor meer complexiteit, zoals mrl’s, duurzaamheid en techniek. Maar het zal nooit mijn hoofdboodschap worden. Ik denk wel dat het goed is om vanuit jullie kracht te communiceren en met elkaar een goede beweging in gang te zetten.”
Two-man show
Daarna volgde de two-man show van Mathijs Bouwman en Diederik Samson, die tegelijk een podcast opnamen. Het duo ging onder meer in op de verschillen tussen ASML en de glastuinbouw. Bouman: “Niemand interesseert zich voor de producten van het hightech bedrijf. Het is een monopolist, heel kennisintensief en een netwerkbedrijf. Alleen is het type arbeidsmigrant wel anders.”
Samson had wel bewondering voor het tech bedrijf. “Het gebruikt ook veel energie. Toch knap hoe het bedrijf in relatief korte tijd knuffelbaar is geworden, zonder dat we hun producten ooit zien. In de glastuinbouw hebben we ook koplopers, zoals Ammerlaan met de eerste geothermiebron, Koppert Cress met microgroenten en Rijk Zwaan als internationaal zaad- en veredelingsbedrijf. Daar word ik toch elke keer weer vrolijk van.”
Glastuinbouw in debatten
De CO₂-uitstoot moet in 2040 met 90% omlaag, dat kost veel geld, gaf Samson toe. “Dat moeten we compenseren door het eten van plantaardige eiwitten, alleen wil de Europese Commissie daar niet in mee. Ik gok op de nieuwe gezondheidshype: eerst waren het eiwitten, nu zijn het vezels.”
Bouman: “De sierteelt is lastig te combineren met het streven naar voedselzekerheid. In de kranten en ook in debatten gaat het vooral over bestrijdingsmiddelen, arbeidsmigranten en gasverbruik. Het zou meer moeten gaan over innovaties en verdienvermogen. Gericht investeren in het verdienvermogen van dit land, daar moet het debat meer over gaan.” Samson: “Nederland is wel verliefd op exportsectoren, daarom vinden we ASML en de Rotterdamse haven zo geweldig. Als glastuinbouw zouden jullie meer technologie kunnen exporteren in plaats van producten.”
Moonshots
Vervolgens kwamen twee toekomstvisies (moonshots) van FVO aan bod: Energie-kwekerij (kas zonder gas) en Superteelt (kas met AI, camera’s en robots). Samson was gecharmeerd van het eerste idee: “We moeten toe naar aardwarmte, zonnepanelen, batterijen, waterstof of groen gas. En minder stroomverbruik. Mest of vezels vergisten of zelf waterstof maken: zorg dat er geen elektron meer in of uit gaat. Dat is de enige weg vooruit, terug kan niet meer. Maar onderschat die berg niet.” Tuinders nemen wel heel snel dingen van elkaar over, vond hij, zoals LED-belichting.
Superteelt, de tweede visie, was favoriet van Bouman, omdat dan minder arbeidsmigranten nodig zullen zijn. “Het is wel duur qua investeringen: al die camera’s met AI en robots, maar als je het niet doet kun je het hier in Nederland straks schudden, want er zijn geen mensen meer voor. Het migratiesaldo van Poolse werknemers is al negatief, want daar groeien en vergrijzen ze ook. Dus dit soort congressen worden in de toekomst misschien kleiner, maar de auto’s groter”, grapte hij.
Stellingen
Daarna was het tijd voor een podium met Adri-Bom Lemstra (Glastuinbouw Nederland), Laurens Sloot (Retail specialist), Inge Bergsma-De Vries (Drenthe Growers) en Korneel van der Plas (Albert Heijn). Vijf stellingen kwam aan bod:
1. De glastuinbouw kan in waarde net zo groot worden als ASML
2. Exporteer technologie en verhuis de productie naar andere Europese landen
3. De consument accepteert geen hightech geproduceerd voedsel
4. De sector moet handsfree worden
5. Nederland heeft met de glastuinbouw een sterke troef in handen
Lemstra zei dat de glastuinbouw net zo groot kan worden als ASML. “‘Laten we hier maar stoppen met tuinbouw’ vind ik een gotspe.” Van der Plas: “Natuurlijke en lokale productie vinden consumenten heel belangrijk.” Bergsma-De Vries pleitte ervoor het verhaal van de tuinbouw te blijven vertellen, ook de technische kant ervan. Sloot was voor behoud van de productie in Nederland, omdat anders het hele ecosysteem verdwijnt. “Laat dat de overheid niet bepalen, maar het gebeurt nu wel. Je moet dus wel voor jezelf opkomen. Ik denk dat je ook niet kunt weten wie de kampioenen over 20 jaar zullen zijn.” Bergsma-De Vries denkt dat chemievrij de toekomst is.
Van der Plas: “De productie is al in hoge mate biologisch, de kracht van natuur en technologie.” Samson: Het gevaar zit niet in de techniek om het voedsel heen, maar in de techniek in het voedsel. We mogen daar niet mee knutselen. Als CRISPR-Cas niet nodig is zou ik het niet gebruiken, of je moet de angst voor GMO zien te overwinnen.” Van der Sloot: “CRISPR-Cas zal uiteindelijk toch doorbreken, misschien niet in Italië, maar de druk op het milieu is te groot om het niet te gebruiken. Ook vanwege het efficiënter gebruik van nutriënten. Het wordt snel geframed als Frankenstein-food. We moeten proberen dicht bij de ratio te blijven.”
Voedselzekerheid
Handsfree is de sector nog lang niet, maar het aantal robots neemt wel toe. Bergsma-De Vries: “Dankzij belichting hebben we ook minder arbeidspieken. We hebben al wel een inpakrobot, maar nog geen plukrobot. We hebben in de toekomst ook procesoperators nodig.”
Lemstra: “Er zijn ook initiatieven om de plant aan de robot aan te passen, zoals het Certhon en SAIA-systeem in tomaat. We proberen van alles en gaan kijken wat de eindstreep haalt, dat moet ook wel, want arbeid wordt snel duurder.” Sloot: “Albert Heijn robotiseert hun DC’s nu ook, dat kost veel geld, maar gebeurt toch omdat we weten dat arbeid steeds schaarser wordt.”
Voedselzekerheid is een sterke troef die de tuinbouw in handen heeft en kun je uitbuiten, zei Van der Plas. Samson: “ASML is maar bang voor één ding en dat is dat de Chinezen een betere machine maken. Die kunnen ook de technologie voor het maken van verse groenten perfectioneren, dat is iets waar we hier op moeten letten.” Van Kammen, tot slot: “We hebben nog een lange weg te gaan, zijn ook al lang onderweg, maar hebben er de faciliteiten en mentaliteit voor. We gaan ervoor.”
Tekst en beeld: Mario Bentvelsen









