Plantenteler Simon Gootjes werkt sinds januari 2025 met vijf robots om het opplanten van weefselkweekplanten te automatiseren. De ervaringen zijn positief, maar het vraagt ook om een aanpassing van de werkwijze. “Ons assortiment bevat meer dan 800 soorten en variëteiten. We moeten per soort naar de instellingen kijken. Het is niet plug & play.”
AllPlant in Heerhugowaard, het bedrijf van Simon Gootjes, is gespecialiseerd in tuinplanten voor professionele kwekers. Het bedrijf levert jonge planten die zijn vermeerderd door middel van weefselkweek. De planten worden als jonge plant beworteld en opgekweekt in de 3,3 ha grote kas, het totale assortiment aan planten bevat meer dan 800 soorten en variëteiten. De Noord-Hollander streeft voortdurend naar innovatie, om voorop te blijven lopen. “Je wil vooruit, door te vernieuwen, te verbeteren of slimmer en efficiënter te werken. Daar hoort ook automatiseren en mechaniseren bij.”
Van pilot naar praktijk
Weefselkweek is een arbeidsintensief proces. De meeste arbeidsuren zitten in het opplanten van weefselkweekplanten in de plug en het sorteren van planten als ze in de plug groeien of zijn gegroeid, vertelt Gootjes. “Arbeid is duur en schaars, de noodzaak om te automatiseren wordt steeds groter.” Het bedrijf beschikte al over twee sorteermachines en inmiddels ook over vijf robots om het opplanten van weefselkweekplanten te automatiseren. “We zijn in 2024 met de robotarm als pilot begonnen. Dat beviel zo goed, dat we sinds seizoen 2025 vijf robots hebben draaien.”
De weefselkweekplanten worden in het lab vermeerderd, onder steriele omstandigheden en op een kunstmatige voedingsbodem. De robots met software van machinebouwer TTA-ISO pakken de plantjes vanuit het lab op en plaatsen ze in een tray, legt Gootjes uit. “We hebben er tijdens de pilot als test tienduizenden planten doorheen gedraaid. Dat heeft wat leergeld gekost. Innoveren gaat niet altijd vanzelf, dat vraagt aandacht en tijd. We kweken heel veel verschillende soorten. Dat vraagt afstemming; per soort moet je naar de instellingen kijken. Maar al doende leert men.”
Mensenoog blijft nodig
Daarnaast wordt ook geprobeerd om de specificaties voor jonge planten gestoken in de tray aan te passen en beter geschikt te maken voor de robot. “We streven naar uniformiteit in het proces. Een robot werkt altijd op dezelfde manier, bij twee verschillende mensen heb je kans op twee verschillende uitkomsten. Maar het hangt ook van het uitgangsmateriaal af. In sommige gevallen doet de mens het beter dan de machine, bijvoorbeeld bij een kleiner plantje dat je minder diep in de tray steekt. Er blijven mensenogen nodig voor de juiste instellingen en aanpassingen.”
Het is dus niet helemaal plug & play, je moet ermee bezig blijven, zegt hij. “Maar als de robot goed werkt, ben je minder afhankelijk van flexibele arbeid.”
Innovatie continu proces
Bij AllPlant werkt een vaste groep van 35 mensen, in het piekseizoen komen daar 30-40 flexkrachten bij. Dat wordt op termijn steeds meer een uitdaging, aldus Gootjes. “De arbeidskosten blijven stijgen en de beschikbaarheid van arbeidskrachten neemt af.” Met alle innovaties in de kwekerij hoopt hij uiteindelijk 50% op flexibele arbeid te besparen. “Maar”, zegt hij, “innovatie is niet alleen noodzakelijk, het zit ook in ons DNA. Ook in de toekomst willen we blijven innoveren. Sterker nog, we zijn er continu mee bezig.”
Tekst: Annemarie Gerbrandy, beeld: Marjolein van Woerkom en Hightech Tuinbouw











