“Ik moet de eerste Nezara’s nog vinden”, zegt aubergineteler Peter Boekestijn uit De Lier. Twee jaar achter elkaar gaf hij de planten aan het einde van het teeltseizoen een behandeling met Decis om gegarandeerd schoon aan het nieuwe seizoen te kunnen beginnen. Deze aanpak blijkt succesvol te zijn, in combinatie met goed scouten.

Boekestijn geeft de behandeling pas helemaal aan het einde van de teelt – eind september/begin oktober – omdat de rest van het biologische systeem er niet tegen kan. Decis is een breedwerkend middel. “Als je er eenmaal mee spuit zijn alle biologische bestrijders dood. Plaaginsecten als wittevlieg en luis krijgen van dit middel hooguit een tik, maar gaan niet allemaal dood. Dat zou vier weken na een behandeling voor problemen kunnen zorgen.”
De aanpak blijkt succesvol. De plantdatum van de nieuwe aubergines was 21 december 2021. “Als er overlevenden zouden zijn geweest dan hadden we die nu al gezien. Blijkbaar hebben we ook nog geen last van invliegende Nezara’s, ook al heb ik ze buiten al gezien.”

Kennisuitwisseling

De afgelopen week hadden Boekestijn en een aantal collega’s die paprika’s telen een Nezara-overleg. “Ook zij zitten er bovenop en laten zich niet meer verrassen. Een van de collega’s was er vorig jaar bij toeval achter gekomen dat spuiten met NeemAzal de groene stinkwantsen weliswaar niet doodt, maar wel onvruchtbaar maakt. Dus als ik nu wantsen vind − het maakt niet uit welke − spuit ik met dit middel.”
NeemAzal is helaas ook dodelijk voor de roofwantsen Orius laevigatus en Macrolophus pygmaeus. Voor Boekestijn maakt dit niet heel veel uit. Hij bouwt zijn biologisch bestrijdingssysteem op met de roofmijt Transeius montdorensis als basis en om bovenstaande reden bewust zonder Macrolophus. “Dat we op een gegeven moment afscheid zouden moeten nemen van Orius is jammer, maar geen ramp zolang er voldoende Transeius montdorensis in het gewas aanwezig is.”

Biologisch systeem

Transeius montdorensis zorgt voor een brede basis. De teler schat dat meer dan 50% van zijn biologische bestrijding om dit beestje draait, dat onder andere wittevlieg, trips en spint op zijn menu heeft staan. Voor de overige 50% zet hij per plaag nog specifieke natuurlijke vijanden in. Tegen spint gebruikt hij Transeius montdorensis, Phytoseiulus persimilis, Feltiella acarisuga en Neoseiulus californicus. Luis gaat hij tegen met Aphidius colemani en Aphidoletes aphidimyza (galmug). Tegen wittevlieg zet hij Encarsia formosa, Transeius montdorensis en Eretmocerus californicus in. Tegen trips gebruikt hij Transeius montdorensis aangevuld met Orius zolang er nog geen NeemAzal wordt gebruikt.
Met het inzetten van Transeius montdorensis start hij vanaf eind januari, begin februari. Eerder is het te koud en te donker, door de korte winterdagen. Met het inzetten van de andere natuurlijke vijanden begint hij, afhankelijk van wat hij vindt al vanaf de tweede helft van januari. Hij hangt één zakje per vier planten op voor een goede populatie-opbouw.

Scouten tijdens indraaien

Goed scouten vormt ook dit jaar weer een belangrijke basis. De scouts zijn de ‘ogen’ op het gebied van gewaswaarneming. Een paar medewerkers (de scouts) controleren op stinkwantsen tijdens de gewaswerkzaamheden. Ze deden dit vorig jaar eens per twee weken.
Dit jaar is de aanpak gewijzigd en gebeurt het scouten wekelijks tijdens het indraaien van de planten in plaats van om de week zoals eerst. “We werken nu om en om in de paden. Degene die indraait, komt daardoor iedere week in alle vakken. Deze ‘nieuwe’ aanpak is overgenomen van Van Onselen Aubergines, het bedrijf waar de locatie in De Lier sinds afgelopen najaar onder valt.”

Goede oogst, slechte prijzen

Over de productie en kwaliteit is Boekestijn meer dan tevreden. “Het loopt goed, je hebt vrij constant licht. De stralingssom was gemiddeld over zes à zeven weken best hoog. We hebben hier een mooi generatief gewas staan dat veel in de vruchten stopt.”
De prijs is jammer genoeg sinds Hemelvaart dramatisch. Mogelijk is dit een mooie gelegenheid voor de consument om eens extra te kokkerellen met aubergines die hierdoor nu, als het goed is, goedkoper in de schappen komen te liggen.

Tekst en beeld: Marleen Arkesteijn