Op 12 december vond in het World Horti Center het ‘Future Trends & Innovations in Horticulture Technology’ event plaats. Keynote speaker Drs. Bob Ursem van TU Delft en diverse andere sprekers lieten zien welke innovaties de tuinbouw drastisch zouden kunnen veranderen. Van hydrocultuur in zee tot oprolbare zonnecellen, van printbare sensoren tot lichtgevende folies.

Zo schetste Ursem, wetenschappelijk directeur van de Botanische Tuin van TU Delft, dat hydrocultuur in zee zeker geen utopie is. De constante temperatuur, de constante beschikbaarheid van zoet water (in de vorm van damp) en CO2 en het niet nodig hebben van gewasbescherming of energie maakt deze techniek zeer interessant voor droge kustgebieden. Ursem beschreef ook een fijnstof reductietechnologie, nu al toegepast in zogenaamde ‘clean rooms’ en kippenstallen, waarmee niet alleen fijnstof maar ook schimmelsporen en bacteriën uit kaslucht gefilterd kunnen worden. De techniek is al in de praktijk getest bij een orchideebedrijf. Ook zou deze techniek gebruikt kunnen worden voor gewasbescherming, door zeer kleine druppels te ioniseren, zodat die zich veel beter verdelen en hechten aan geaarde oppervlakken, zoals planten. Hierdoor zou veel minder middel nodig zijn.

‘Melken’ van planten

Via EHDA elektrospray technologie is het mogelijk om waardevolle stoffen te ‘melken’ uit planten. Dit gebeurt al met anti-tumormiddelen, zoals taxol, en antioxidanten als rozemarijnzuur. De planten kunnen na een herstelperiode opnieuw worden gebruikt. Ook kunnen plantenvezels worden gebruikt in allerlei industriële producten. Vaak wordt hiervoor vlas gebruikt, maar Ursem doet momenteel onderzoek naar een andere, veelbelovende vezelcomposiet. Planten kunnen ook in de vorm van biocomposieten een rol spelen bij het voorkomen van betonrot en worden gebruikt in biofilters. Maar ook dienen als inspiratiebron voor ontwerpers. Mogelijkheden te over, wilde de bevlogen wetenschapper maar zeggen. ”We zullen bereid moeten zijn om nieuwe technologieën op korte termijn in de bedrijfsvoering te implementeren, anders raken we onherstelbaar achter op de omringende landen en opkomende economieën”, zei Ursem en doelde op vertical farming en op hydrocultuur op zee, dat hij binnen twee jaar in de praktijk verwacht. “Opschalen en samenwerken zijn hierbij noodzakelijk als we onze voorsprong als BV Nederland willen behouden.”

Lichtgevende oppervlakken

Herman Schoo van TNO Holst Centre liet enkele baanbrekende innovaties in de elektronica zien van de High Tech Campus Eindhoven, voorheen Philips NatLab. Het gaat hier om het ontwikkelen van nieuwe productietechnologie in opdracht van bedrijven, zoals het inmiddels – in tv-schermen en smartphones – veel gebruikte oled. “U kent leds inmiddels goed, die bestaan uit puntbronnen. Wij kunnen nu met oleds ook oppervlakken maken die lichtgeven. Zonnecellen: zelfde verhaal. Die kun je afrollen als je ze nodig hebt en oprollen als je ze niet meer nodig hebt, en zou je bijvoorbeeld kunnen gebruiken in een scherm in de kas.” Hoewel dit nog wel in de praktijk moet worden getest, simpelweg omdat de ontwerpeisen in een kas anders zijn dan in een kantoor of huiskamer. Maar met de integratie van oleds in folies, kunnen bijvoorbeeld ook lichtgevende gordijnen worden gemaakt, zei Schoo. “De efficiëntie van de lichtgevende folies is vergelijkbaar met gewone led-verlichting maar heeft een veel betere lichtverdeling tot gevolg, wat de plantengroei kan stimuleren. Ook heb je in verticale teeltsystemen geen ruimte meer nodig voor armaturen.”

Printbare sensoren

Printen van sensoren is een andere interessante ontwikkeling, waardoor je ze kunt integreren in textiel of rubber. Elektronica wordt zo rekbaar en waterbestendig. Voor de tuinbouw zijn vooral folies met geïntegreerde netwerken van geprinte sensoren interessant, denkt Schoo. “Die sensoren kunnen bijvoorbeeld temperatuur, vocht en ethyleen meten en kunnen eenvoudig met een telefoon worden uitgelezen, vergelijkbaar met rfid. Denk ook aan het meten van infectiedruk in de kas of het meten van ionen in afvalwater.” Revolutionair is vooral de productiemethode: “We beginnen met een leeg stuk folie en kunnen daarop allerlei cellen met verschillende functies printen, inclusief bedrading. Je kunt het systeem dus eenvoudig uitbreiden. Een silicium-chip ontwikkelen en produceren is veel duurder.”

Innovatieagenda

Volgens Harm Maters, voorzitter van de koepel PPS en een van de gastheren van het event, neemt de vraag naar tuinbouwtechnologie nationaal en internationaal toe, wat zich bij de AVAG-leden uit in een sterke groei in omzet en vacatures. Met de Stichting Hortivation wil hij een focus aanbrengen op de innovatieagenda, door middel van een roadmap met vijf innovatielijnen: digitalisering, robotisering, klimatisering, optimalisatie van teeltsystemen en innovatieve kasconstructies en omhullingsmaterialen. Die vormen de weg naar innovatieve geïntegreerde teeltsystemen voor flowers en food, aldus Maters.

Innovatieprojecten

Op de agenda van het event stonden diverse concrete innovatieprojecten, zoals SIOM, data driven integrated growing systems en CASTA greenhouse structural design & GPS. De bezoekers werden ook geprikkeld met innovaties met een implementatietermijn van vijf tot tien jaar, zoals phenotyping, precisietuinbouw, printbare elektronica (zie hierboven) en vertical farming. Al met al een inspirerende middag in het World Horti Center, zowel voor de aanwezige ‘techneuten’ als de ondernemers die verder vooruit willen kijken.

Het ‘Future Trends & Innovations in Horticulture Technology’ event werd georganiseerd door AVAG, Stichting Hortivation, Topsector Tuinbouw & Uitgangsmaterialen, TNO en Wageningen Universiteit & Research.

Tekst: Mario Bentvelsen. Foto’s: Stichting Hortivation/Mario Bentvelsen.





Gerelateerd