Nog vijf weken: de teams van de Autonomous Greenhouse Challenge (ACG) maken zich op voor de eindsprint. Het referentieteam heeft bijtijds een extra dief aangehouden en hoopt daardoor op de valreep extra trossen te oogsten. “Het groeilicht kan nu uit. We hoeven niet meer te investeren in groei, wel in een gelijkmatige afrijping en blijvende topkwaliteit”, aldus tomatenteler Kees Stijger.  

Het lijkt een nek-aan-nek race te worden, blijkt uit de meeste recente productiecijfers die ACG-coördinator Silke Hemming van Wageningen University & Research deze week publiceerde. Eén van de autonome teams ligt van meet af aan op kop, maar de verschillen zijn klein en het draait niet alleen om de fysieke productie. Ook met energie-efficiëntie, kwaliteitsaspecten en de zelf ontwikkelde tools om het autonome telen in goede banen te leiden zijn immers punten te verdienen.

Hoogste nastreven

Hoewel ze als referentietelers boven de competitie staan, is het de eer van Kees Stijger, Ted Duijvestijn en stagiaire Marissa van Duijn te na om niet naar het hoogste te streven. Vanwege de korte teeltduur werd er bij de geënt getopte – op 16 december geplante – tomaten direct een derde stengel aangehouden en ingezet op een hoge teeltsnelheid. Na een kleine correctie in maart – het ging net iets te snel – werd die lijn doorgetrokken. Daardoor zit het team nu qua productie in het middenveld.
“Onze vruchtkwaliteit is top en we hebben een week of twee, drie geleden een extra dief aangehouden om het aantal stengels te verdubbelen”, licht Ted Duijvestijn toe. “Nu de kop uit het gewas is en de instraling toeneemt, moeten de planten dat aankunnen. Dat zou in mei twee tot drie trossen extra per vierkante meter op moeten leveren.”

Veel kilo’s, hoog op smaak

Het referentieteam zet in op veel kilo’s en smaakvolle vruchten. “Daarvoor moeten we de snelheid erin houden en een relatief hoog voedingsniveau handhaven”, vult Stijger aan. “Om het gewas in balans te houden en de vruchten mooi te laten uitgroeien nemen we wat blad boven de tros weg en moeten we het klimaat, met name het vochtgehalte, goed in de gaten houden. Als het te droog is kun je stuggere vruchten krijgen, die sneller scheuren.”

Teamorders bespreken

Tijdens het video-overleg met elkaar en met teeltmanager Kees Scheffers van Wageningen University & Research, die verantwoordelijk is voor het uitvoeren van de teamorders, wordt nog even stilgestaan bij de setpoints die bijstelling of bijzondere aandacht behoeven. Dat is nodig, want door het stopzetten van de belichting, en de toenemende natuurlijke instraling en het wegnemen van de koppen kan het gewas gemakkelijk uit balans raken. Wat betekenen die veranderingen voor de stop- en starttijden van het druppelen? Wanneer gaat het scherm dicht en open en moet er tijdens het schermen in de nacht wel of geen kiertje lucht worden bijgezet?

Analyseren en luisteren

De ervaren telers wisselen van gedachten en hakken knopen door, Scheffers notuleert en Van Duijn luistert vooral. De tuinbouwstudente loopt stage bij Duijvestijn en heeft binnen het referentieteam de rol van data-analist. “Ook voor mij is autonoom telen iets nieuws en ik leer enorm veel van dit project”, zegt zij enthousiast. “Niet alleen vanwege de technologie die erbij komt kijken, maar vooral vanwege de gesprekken met Ted, Kees en mijn collega’s op het bedrijf. Bovendien loop ik nu dagelijks tussen de tomatenplanten en dat kunnen de meeste studenten in de autonome teams niet zeggen. Het is echt een hartstikke leuke stage en ik heb nu nog meer respect voor telers dan ik al had.”

De winnaar

Op 28 mei worden de laatste tomaten van de huidige challenge geoogst. Nadat alle prestaties zijn gewikt en gewogen, zal begin juni blijken welk team zich tot winnaar mag laten kronen. “Die kroon gaat sowieso niet naar ons, maar het zou wel leuk zijn als we de winnaars op punten kunnen verslaan”, zegt de altijd gedreven Stijger. De tijd zal het leren.

Tekst en beeld: Jan van Staalduinen

Geen alternatieve tekst opgegeven voor deze afbeelding

Eén AI-team staat op dit moment qua totale productie bovenaan, één AI-team staat onderaan, maar is bezig met een inhaalslag. Drie AI-teams en de referentietelers zitten dicht bij elkaar in het midden. Grafiek: Wageningen University & Research.