Op twee teeltlocaties van Qualily maakten de SON-T-lampen onlangs plaats voor full LED. De installaties beschikken over technische foefjes die een flexibele inzet van kleuren combineren met een constante, hoge lichtopbrengst. “Lelies hebben niet heel veel licht nodig, met 130 µmol/m².s kunnen wij goed uit de voeten”, zegt teler Raymond Vijverberg. “Wat deze lampen bijzonder maakt, is hun zeer hoge efficiëntie in elke situatie.”
Qualily broeit op vier locaties in het Westland jaarrond LA’s (4,5 ha), Oriëntals (2 ha op kisten) en OT-hybriden (5 ha). Zoals de bedrijfsnaam al doet vermoeden, richt het zich op het hogere marktsegment. Hiervoor gaat mede-eigenaar en teeltverantwoordelijke Raymond Vijverberg uit van relatief zware bollen. De teeltomstandigheden zijn jaarrond afgestemd op stevige stelen met een flink aantal (afhankelijk van type en ras 3 tot 5 of meer) volwaardige bloemen en continuïteit in productie. Voldoende groeilicht in het winterhalfjaar is daarvoor een vereiste.
Constante teeltsnelheid
“Continu topkwaliteit leveren betekent ook dat de teeltsnelheid redelijk constant moet zijn”, vertelt Vijverberg. “Lelie is van nature een zomerbloeier. De soorten en kwaliteit die wij telen vragen een trekduur 10 tot 11 weken. Dat nemen we jaarrond als uitgangspunt. Licht en temperatuur dienen daarvoor goed in balans te blijven.”
Met de SON-T-lampen lukte dat prima. Vanwege de toegenomen energiekosten en de snelle ontwikkeling die LED-technologie de afgelopen jaren heeft doorgemaakt, werd het tijd om ook op de twee laatste locaties in Maasdijk en Kwintsheul over te stappen. Vijverberg, die bij investeringen niet over één nacht ijs zegt te gaan, oriënteerde zich wederom breed en koos uiteindelijk voor een nieuw type armatuur dat afgelopen zomer werd geïntroduceerd: NXTLED van Hortilux Schréder.
Lampen in dambordprofiel
“Wij zien dit nieuwe armatuur als een doorbraak in efficiëntie”, zegt accountmanager Kurt Zwemstra, die het project voor Qualily namens de leverancier begeleidde. Niet alleen door de hoge energetische efficiëntie tot 4,1 µmol/J bij voluit aan, maar ook vanwege de ingebouwde boost-functie. “Daarmee bedoelen we dat het geleverde vermogen altijd volledig wordt omgezet in de gevraagde lichtkleuren. Dit zijn de enige armaturen die over deze functionaliteit beschikken.”
Omdat het niet noodzakelijk bleek om elk armatuur van verrood licht te voorzien, worden er in de installaties twee lichtrecepten in dambordprofiel toegepast. Recept 1 bevat bij volledige inzet 5% blauw, 5% groen (wit), 81% rood en 9% verrood licht. Verrood is apart regelbaar via een eigen driver. In recept 2 ligt de verhouding op 5-5-90, zonder verrood.
Afhankelijk van de teeltfase en het moment van de dag kan de teler het licht in vijf standen op- en afregelen via de klimaatcomputer of een stand-alone applicatie die Bever Innovations en de lampenleverancier voor dit doel hebben ontwikkeld. Dit verloopt draadloos via een in de armaturen ingebouwde dongle.
Nieuwe generatie met boost-functie
De groene LED’s hoeven alleen te branden wanneer er tijdens belichtingsuren in het desbetreffende vak wordt gewerkt, want dat werkt veel prettiger. Meestal branden ze dus niet, wat vanuit energetisch oogpunt gunstiger is. Om die reden kan de teler de groene LED’s afzonderlijk aan- en uitschakelen. Het vermogensaandeel voor deze LED’s wordt dan in de juiste verhouding verdeeld over blauw en rood. Omdat groene LED’s ook altijd een kleine hoeveelheid blauw licht uitzenden en geen rood licht, bevatten de pcb’s (printplaat) van de armaturen extra blauwe LED’s, die alleen branden wanneer de groene LED’s uit zijn. Het verrode licht hoeft evenmin de gehele belichtingsduur te worden verstrekt. Deze kleur is via een eigen driver apart te (de-)activeren en dimmen en ook dan wordt eventueel overgebleven energie doorgeleid naar de blauwe en rode LED’s. Dit is de feitelijke boost-functie die de accountmanager eerder noemde.
“Op die manier blijft de verhouding rood/blauw altijd gelijk, wat belangrijk is voor een evenwichtige groei”, licht Vijverberg toe. “Bovendien kom je zo op de meest efficiënte manier aan je lichtsom, wat extra energie bespaart.”
Goede lenzen, minder lampen
Op de vraag of het verrode licht uniform wordt verdeeld wanneer slechts de helft van de armaturen deze kleur levert, antwoordt Zwemstra: “Ja, ook dat is meegewogen bij de uitwerking van de lichtplannen.”
“Hortilux staat bekend om haar goede lenzen”, vult Vijverberg aan. “In de praktijk betekent dit dat er minder armaturen nodig zijn om een uniforme verdeling te krijgen. Met verrood licht lukt dat nog beter dan met andere kleuren. Daarom was het voldoende om deze kleur in de helft van de armaturen te stoppen. Dat scheelt weer iets in de kosten, want armaturen zonder verrood zijn voordeliger. Die hebben immers geen extra driver nodig.”
16 uur licht, 8 uur donker
Omdat de kassen op de beide locaties van elkaar verschillen en de installaties op verschillende hoogtes boven het gewas hangen, zijn ze niet exact gelijk. Wel leveren ze allebei 130 µmol/m².s PAR op gewasniveau.
“Daarmee kunnen wij goed uit de voeten”, aldus Vijverberg. “Bij een hoger vermogen zijn minder branduren nodig om de beoogde lichtsom per etmaal te halen. Dat biedt meer keuzevrijheid voor de momenten van inzet. Toch heeft dat voor ons weinig meerwaarde. Om een constante snelheid en kwaliteit te realiseren is het ook het dag/nachtritme van belang. Wij gaan uit van 8 uur donker en 16 uur licht, waarbinnen de lichtsom moet worden gerealiseerd. Afhankelijk van de soort ligt die ergens tussen de 9 en 13 mol per etmaal. De precieze getallen houden wij graag voor onszelf. Opstarten doen we overigens geleidelijk. We schakelen in 20 minuten rustig op van 30 naar 100 procent. Zo krijgen de lelies tijd om op gang komen.”
Actiever op onbalansmarkt
Wanneer er volop werd belicht, legden de oude SON-T-installaties beslag op (vrijwel) het volledige WKK-vermogen van 1,5 MW op de beide tuinen. “De nieuwe installatie vraagt 40 procent minder vermogen bij volledige inzet”, licht de lelieteler toe. “Er wordt ook vaak gedimd, waardoor er veel meer WKK-vermogen beschikbaar is voor teruglevering en acteren op onbalans. Die ruimte gaan we benutten, uiteraard in samenhang met onze warmtevraag en de aanwezige ruimte in onze warmtebuffers. Ook in dit opzicht zijn de nieuwe lichtinstallaties dus een verrijking. Per saldo zetten we daarmee een flinke stap vooruit in zowel energie-efficiëntie als in rendement. Niet alleen op de beide locaties, maar ook voor het bedrijf als geheel.”
Tekst: Jan van Staalduinen, beeld: Fotostudio G.J. Vlekke













