Rupsen bestrijden is lastig in gerbera’s. Ultimo 2025 eindigen de opgebruiktermijnen voor Nocturn en Runner en versmalt het pakket effectieve middelen wederom. Dankzij de inzet van de gewascoöperatie Gerbera en Glastuinbouw Nederland is eind vorig jaar een proefontheffing verleend voor toepassing van feromoonverwarring tegen Turkse mot. Volgens onafhankelijk gewasbeschermingsadviseur Wouter Mooij wordt daar goed gebruik van gemaakt.
In het insectenrijk (en ook daarbuiten) scheiden geslachtsrijpe, paringsbereide dieren vluchtige chemische verbindingen af die een onweerstaanbare aantrekkingskracht uitoefenen op het andere geslacht. Dankzij deze feromonen kunnen de partners in spé elkaar beter vinden, wat de kans op succesvolle voortplanting aanzienlijk vergroot.
In een omgeving die met feromonen verzadigd is, gaat die vlieger niet langer op. De mannetjes zien dan door de bomen het bos niet meer en kunnen de vrouwtjes simpelweg niet meer traceren. In zo’n situatie van ‘feromoonverwarring’ neemt de kans op succesvolle voortplanting af.
Helft areaal doet mee
Feromoonverwarring gericht op Turkse mot is de inzet van een proefontheffing voor deze toepassing in de gerberateelt. Tot eind volgend jaar mag er op maximaal 100 hectare ervaring worden opgebouwd met deze techniek. Hiervoor worden feromoondispensers ingezet die de geurstof gedoseerd afgeven aan de kaslucht.
“Er worden twee producten ingezet van verschillende aanbieders, die allebei het soort-specifieke feromoon van de Turkse mot bevatten”, licht Wouter Mooij toe. Samen met zijn oom Erik begeleidt de gewasbeschermingsadviseur hun eigen klanten en verzorgen zij de dataverwerking van alle bedrijven die dit jaar deelnemen aan de breed uitgezette proef. “Ik schat dat er op 70 hectare dispensers zijn uitgezet. Dat betekent dat ongeveer de helft van het landelijke teeltareaal nu ‘in behandeling’ is”, vervolgt Mooij.
Rupsen lastig te raken
De adviseur verklaart die massale belangstelling door te wijzen op de gestage versmalling van het pakket chemische middelen en op de moeite die het kost om rupsen met spuitvloeistof goed te raken. “In een jong gewas valt het nog mee, maar in ouder gewas kunnen rupsen zich goed verschuilen en dringt spuitvloeistof moeilijk door. Dat er geen systemische middelen meer beschikbaar zijn die goed door de plant worden opgenomen, maakt rupsen extra lastig te bestrijden. Als feromoonverwarring effectief blijkt te zijn tegen Turkse mot, zou dat in elk geval wat druk van de ketel halen. Andere motten, zoals de gamma-uil, reageren jammer genoeg niet op dit feromoon.”
Resultaten in najaar
Of de techniek effectief is, durft de adviseur nog niet te zeggen. “Daarvoor is het nog te kort dag”, licht hij toe. “In februari zijn de eerste dispensers geplaatst en we zien wel wat verschillen tussen bedrijven waar wel of geen insectengaas voor de luchtramen zit. Gaas houdt motten effectief tegen, maar soms komen er toch wat exemplaren de kas in via bijvoorbeeld geopende deuren. Er zijn ook bedrijven waar al motten aanwezig waren toen het gaas werd geplaatst. Nieuwe invlieg wordt dan voorkomen, maar een gevestigde populatie is niet snel verdwenen.”
Er zijn dus veel factoren in het spel en de echte resultaten beginnen nu, in de tweede helft van de zomer, binnen te komen. Van juli tot in het najaar zijn er buiten veel motten actief. Mooij: “Als feromoonverwarring effect heeft, zouden de mottenaantallen en vraatschade in de nazomer en het najaar niet zover op moeten lopen als in andere jaren. Het ene jaar is niet altijd één op één te vergelijken met andere jaren, daarom zijn er ook referentiebedrijven die meedoen met de dataverzameling zonder dat ze feromoonverwarring toepassen.
Juiste conclusies trekken
De consultant benadrukt dat de verschillende detectie-instrumenten (deltavallen, camerasystemen en vanglampen) kritisch bekeken moeten worden om de juiste conclusies te kunnen trekken. “De camera’s kunnen soms geen scherp onderscheid maken tussen de aanwezige soorten motten. In afdelingen met feromoonverwarring zien we momenteel geen motten in de deltavallen met signaleringsferomoon. De camera’s tonen wel aan dat er motten vliegen. Dit is het beeld wat we ook zouden moeten zien: de motten zijn verward.”
Mogelijk vervolg in 2026
Het is ook mogelijk dat er toch nieuwe aanwas komt via binnenvliegende vrouwtjes die buiten bevrucht zijn. Andersoortige bestrijdingsmaatregelen, zoals uitgevoerde bespuitingen en daarbij gebruikte middelen, worden ook meegenomen in de beoordeling en evaluatie. Aan het eind van het jaar verwacht Mooij voldoende betrouwbare data te hebben verzameld om iets zinnigs te kunnen zeggen over deze voor gerberatelers nieuwe techniek.
“Het kan best een mooie aanvulling blijken”, hoopt hij. “Als dat zo is of lijkt, sluit ik niet uit dat de proef volgend jaar een vervolg krijgt. De ontheffing loopt door tot eind volgend jaar, dus van die kant is er geen belemmering. Voor de producenten van de dispensers zal gebleken succes waarschijnlijk aanleiding zijn om een reguliere toelating aan te vragen. We hopen er allemaal het beste van.”
Tekst: Jan van Staalduinen











