Het project De Perfecte Chrysant is al vijf jaar onderweg. Met vier teelten per jaar staat de teller inmiddels op 23 ronden. Er zijn grote stappen gezet richting een fossielvrije teelt, mede dankzij de toepassing van full LED. Afgelopen winter stonden de proeven in het teken van verrood (FR). Deze zorgde voor meer lengtegroei, een kortere reactietijd een betere bladkwaliteit en minder sprotvorming. 

Dat verrood de strekking zou vergroten/versnellen was op zich geen verrassing, verklaart Arie de Gelder van Wageningen University & Research. “Spectrumonderzoek had dat vorig jaar al aangetoond. Maar dat we het effect al snel zo goed konden waarnemen, vond ik bijzonder.”
Goed nieuws voor de praktijk die had aangedrongen op deze test. Paul de Veld, consultant bij Delphy, begrijpt hun interesse heel goed. “LED is een prima instrument om zuiniger te telen, maar heeft ook zijn kanttekeningen. Zo moet je bij hoog geïnstalleerd vermogen het productiepotentieel realiseren met een hoge plantdichtheid en weinig vegetatieve, lange dagen. Daardoor wordt het voor sommige rassen lastig om voldoende lengte te maken.”
De Veld wijst ook nog op mogelijke problemen met bladkwaliteit. Een hoge plantdichtheid in combinatie met een gedrongen groei is namelijk ongunstig voor het microklimaat. Vandaar de interesse voor verrood. “Als we met deze lichtkleur de planten kunnen stimuleren om meer te strekken in het onderste deel van de tak, ontstaan er minder bladproblemen en een mooier eindproduct. En wie weet, kunnen we met verrood de teeltduur verder verkorten, met behoud van het takgewicht. Pure productiewinst.”

Met en zonder verrood

De potentiële voordelen van verrood op chrysant werden getest tijdens de winterteelt (planting in week 2). Delphy Improvement Centre splitste de afdeling in tweeën en installeerde boven één helft extra verrood-balken (20 µmol/m².s). De eerste zes dagen werden langedag-omstandigheden gerealiseerd door 21 uur per etmaal te belichten met de LED-armaturen (210 µmol/m².s met RWB-spectrum). Daarna ging de korte dag in en werd de belichting teruggeschroefd naar 12,5 uur.
“Aan het begin van de donkerperiode met gesloten verduisteringsdoek lieten we een tussengevel zakken”, verklaart De Gelder. “Vervolgens schakelden de verrood-balken precies een half uur aan en belichtten de helft van het gewas.”

Zware takken, minder scheuten

De aan het stuurlicht blootgestelde chrysanten reageerden direct. Vanaf dag negen konden de projectleden de lengteverschillen al met het blote oog waarnemen. Wel verschilde de mate van strekking per ras, vertelt De Veld. “Van hoofdrassen Chic en Pina Colada reageerde Chic het sterkst. Om voldoende evenwicht in de takken te houden, waren we bij sommige rassen genoodzaakt om remmiddelen in te zetten. Enkele rassen behandelden we zelfs vier keer, andere helemaal niet. Aan het eind bij de oogst bleek dat de met verrood belichte chrysanten gemiddeld twee dagen sneller bloeiden met eenzelfde kwaliteit als de praktijk. Zware takken zonder bladproblemen en met minder scheuten. Heel geslaagd dus.”
De proef bewijst dat met verrood strekking kan worden bevorderd. Volgende stap is het finetunen van de werkwijze. De Veld: “Eigenlijk moeten we toe naar een apart recept per ras. Nu stuurden we bijvoorbeeld nog bij met remmiddelen, maar je kunt uiteraard ook spelen met de instellingen. Denk aan zaken als belichtingsduur en intensiteit van de FR-installaties. Dat vraagt om nader onderzoek. Enerzijds door ons en zeker ook door de leveranciers van LED-oplossingen.”

Telen met dag-nachtverschil

Los van het verrood vraagstuk, besteedt de chrysantenproef ook aandacht aan het stookregime. Dit was de derde winterteelt onder full LED waarbij verschillende temperatuurstrategieën zijn aangehouden. Wat is haalbaar én duurzaam? De onderzoekers zetten in op voldoende afvoer van vocht door ventilatie en meer warmte-inbreng om de planttemperatuur te sturen.
De Gelder: “We werkten met een dag-, nachtverschil. Overdag lieten we de temperatuur oplopen tot 20,5°C en ’s nachts koelde het af tot 18°C. Met die waarden konden we prima telen. Op aandringen van de praktijk onderzoeken we in de huidige teelt of die temperatuur verder omlaag kan. Niet elk bedrijf heeft immers de beschikking over de installaties die wij wel hebben. Daarnaast betekent minder warmte-inbreng, simpelweg ook een lager energieverbruik.”
In de chrysantenproef die in week 13 werd geplant hanteren de onderzoekers daarom een verwarmingstemperatuur in de nacht van 16°C en overdag 18°C. De inzet van een half uur verrood volgens de ‘end of day’-strategie blijft behouden.

Inzet biologie

Een apart aspect van het onderzoek is het gebruik van biologische gewasbescherming. Door het insectengaas is er geen last geweest van wantsen of rupsen.
“In de winterteelt konden we zonder voorspuiten beginnen en hebben we de teelt met biologie tot een goed einde gebracht”, licht Gerard Buitelaar van Koppert toe. In de eerste drie weken van de teelt werden aaltjes ingeregend, waarna de adviseur startte met roofwants Orius laevigatus en roofmijt Transeius montdorensis tegen trips. “Uit eigen onderzoek blijkt dat deze predatoren sneller een goede populatie ontwikkelen wanneer je ze bijvoert met Artemia, aangevuld met de voermijt Carpoglyphus lactus. En het lukte ons inderdaad een goede verdedigingslinie te creëren en de tripsdruk laag te houden.”

Bladluis groeiend probleem

Buitelaar: “Ook al beginnen we schoon en heeft de proefafdeling beschikking over insectengaas, luis duikt telkens weer op aan het einde van een teeltronde. En dan heb je alle biologische bestrijders hard nodig. Helaas blijkt dat vaak niet afdoende en is alsnog een correctie nodig.”
Bladluis is sectorbreed een groeiend probleem, weet de adviseur. Daarom zet hij bij de huidige chrysantenproeven alle zeilen bij. “Afgelopen jaar zijn we gestart met Chrysopa-E, eieren van de gaasvlieg. Zodra deze uitkomen gaan de larven op zoek naar hun prooi. Daarnaast zetten we ook preventief en wekelijks de sluipwespproducten Aphipar en Aphiscout in en de galmug Aphidend. Dat zijn allemaal prima bestrijders, maar ze hebben luis nodig om zich te vermeerderen. Daardoor loop je eigenlijk altijd achter de feiten aan.”
Koppert blijft de ontwikkeling van plagen in de demoproef strak monitoren. Deze leverancier, Signify, chrysantentelers en de veredelingsbedrijven Dümmen, Van Zanten en Floritec leveren een bijdrage aan het project.

Proefopzet ‘De Perfecte Chrysant’

Wageningen University & Research en Delphy Improvement Centre in Bleiswijk zijn uitvoerders van het project Chrysant onder 210 µmol/m².s energiezuinige LED, beter bekend als ‘De Perfecte Chrysant’. Afgelopen winter beproefden ze hoofdrassen Chic en Pina Colada, plus nog 12 referentierassen. De opstelling van 1.000 m² maakte gebruik van:

  • Belichting met 100% LED. De hele afdeling is uitgerust met 210 µmol/m².s met RWB-spectrum.
  • Daarbovenop hangt in de helft van de kas 20 µmol/m²/s FR (verrood).
  • Energiedoek (Luxous 1347 FR).
  • Actieve ontvochtiging met warmteterugwinning AVS-C.
  • Verneveling 500 gr/m² per uur.
  • Insectengaas 0.8 x 0.8 mm.
  • Gelimiteerde CO2-dosering, max 120 kg/ha per uur.

Tekst: Jojanneke Rodenburg, beeld: Michel Heerkens